Volgens Roosens voerde het VBO eerder dit jaar zelf een studie uit naar de impact van de loonkostenmaatregelen op de uitvoer. 'Wij zijn tot een andere conclusie gekomen dan de Nationale Bank. Het verschil is dat wij enkel de export van goederen hebben bekeken en de Nationale Bank zowel de export van goederen als diensten', zegt de hoofdeconoom. 'Men gooit hier twee verschillende zaken op één hoop.'

Roosens stelt dat de Nationale Bank wat goederenexport betreft wel tot dezelfde conclusie komt als het VBO. 'Op vlak van goederen zegt ze dat de periode 2010-2014 relatief slecht was. De exportgroei lag onder die van onze buurlanden. Maar in de periode 2015-2018 was er wel een snellere groei dan in Frankrijk en Duitsland', zegt hij. 'Dat bevestigt onze analyses. De loonkostenverlaging heeft effectief geleid tot een daling van de exportprijzen.'

Dat de dienstenexport wel een zwakkere exportgroei kende, staat los van de loonkostenmaatregelen, zegt Roosens. 'Voor diensten is het een ander verhaal. Daarrond geeft de Nationale Bank ook geen uitgebreide analyse. Wat wij allemaal weten, komt niet in de studie aan bod, en dat is dat de e-commerce in Nederland en Duitsland de laatste jaren heel groot is geworden', aldus de hoofdeconoom. 'De reden voor de zwakkere exportgroei van diensten is volgens ons dat we een concurrentieel nadeel hebben ten opzichte van onze buurlanden. Dat komt omdat structurele problemen, zoals de regeling rond avondarbeid, niet zijn opgelost. De loonkostenmaatregelen hebben daardoor maar een beperkt effect.'

Volgens Roosens was de Nationale Bank 'beter wat diepgaander te werk gegaan'. 'Het zou zeer interessant kunnen zijn voor de Nationale Bank om dat nader te onderzoeken.' Ook Johan Van Overtveldt (N-VA), gewezen minister van Financiën in de regering-Michel, reageerde al op de studie van Nationale Bank. 'Winst is nodig voor investeringen, die op hun beurt onontbeerlijk zijn voor een stevige concurrentiepositie', zegt hij op Twitter. Bovendien zijn er 'nooit meer banen in privésector gecreëerd'.

Volgens Roosens voerde het VBO eerder dit jaar zelf een studie uit naar de impact van de loonkostenmaatregelen op de uitvoer. 'Wij zijn tot een andere conclusie gekomen dan de Nationale Bank. Het verschil is dat wij enkel de export van goederen hebben bekeken en de Nationale Bank zowel de export van goederen als diensten', zegt de hoofdeconoom. 'Men gooit hier twee verschillende zaken op één hoop.' Roosens stelt dat de Nationale Bank wat goederenexport betreft wel tot dezelfde conclusie komt als het VBO. 'Op vlak van goederen zegt ze dat de periode 2010-2014 relatief slecht was. De exportgroei lag onder die van onze buurlanden. Maar in de periode 2015-2018 was er wel een snellere groei dan in Frankrijk en Duitsland', zegt hij. 'Dat bevestigt onze analyses. De loonkostenverlaging heeft effectief geleid tot een daling van de exportprijzen.' Dat de dienstenexport wel een zwakkere exportgroei kende, staat los van de loonkostenmaatregelen, zegt Roosens. 'Voor diensten is het een ander verhaal. Daarrond geeft de Nationale Bank ook geen uitgebreide analyse. Wat wij allemaal weten, komt niet in de studie aan bod, en dat is dat de e-commerce in Nederland en Duitsland de laatste jaren heel groot is geworden', aldus de hoofdeconoom. 'De reden voor de zwakkere exportgroei van diensten is volgens ons dat we een concurrentieel nadeel hebben ten opzichte van onze buurlanden. Dat komt omdat structurele problemen, zoals de regeling rond avondarbeid, niet zijn opgelost. De loonkostenmaatregelen hebben daardoor maar een beperkt effect.' Volgens Roosens was de Nationale Bank 'beter wat diepgaander te werk gegaan'. 'Het zou zeer interessant kunnen zijn voor de Nationale Bank om dat nader te onderzoeken.' Ook Johan Van Overtveldt (N-VA), gewezen minister van Financiën in de regering-Michel, reageerde al op de studie van Nationale Bank. 'Winst is nodig voor investeringen, die op hun beurt onontbeerlijk zijn voor een stevige concurrentiepositie', zegt hij op Twitter. Bovendien zijn er 'nooit meer banen in privésector gecreëerd'.