'Brazilië kan geen leiderschap opeisen in Durban'

29/11/11 om 16:02 - Bijgewerkt om 16:02

Brazilië zal geen leidende rol kunnen opeisen op de VN-klimaattop in Durban, zeggen waarnemers. Zijn klimaatbegroting is niet relevant, het land verliest terrein in de strijd tegen de klimaatwijziging en ook op internationaal vlak zitten de omstandigheden niet mee.

'Brazilië kan geen leiderschap opeisen in Durban'

© Reuters

De verantwoordelijkheid van Brazilië is groter dan anders aangezien het land volgend jaar gastheer is van Rio+20, de VN-top over duurzame ontwikkeling. Maar het land lijkt "aan een actievere rol te verzaken", te oordelen aan het "lauwe" document dat het op 27 oktober indiende als onderhandelingsbasis voor Rio+20, zegt energie-expert Luiz Pinguelli Rosa, uitvoerend secretaris van het Braziliaans Forum voor Klimaatwijziging, een overlegorgaan van regering en burgerorganisaties.

Succes van Rio+20
Milieuorganisaties vrezen dat de regering gedurfdere voorstellen vermijdt om in een goed blaadje te komen bij de andere staatshoofden en regeringsleiders die naar Rio komen, vooral die van de industrielanden. Terwijl sterke voorstellen hen net hadden kunnen uitdagen en aantrekken, zegt Pinguelli, hoogleraar aan de Federale Universiteit van Rio de Janeiro.

Voor Rubens Born, adjunct-coördinator van Vitae Civilis, een ngo die de klimaatonderhandelingen volgt, "hangt het succes van Rio+20 af van de vooruitgang die op COP17 wordt geboekt." Deze zeventiende Conference of Parties (COP), de jaarlijkse vergadering van partijen in het VN-klimaatverdrag, vindt van 28 november tot 9 december plaats in Durban.

Versoepeling van boswet Maar Brazilië kampt met interne tegenstellingen die zijn imago kunnen besmeuren en gedurfdere voorstellen kunnen afremmen, zegt Born. Het parlement behandelt een versoepeling van de boswet van 1965, wat de doelstelling om de ontbossing in het Amazonegebied af te remmen zou kunnen bedreigen. Bovendien ontpopt Brazilië zich tot een grote olieproducent, een gevolg van de recente ontdekking van enorme oliereserves voor zijn kust. Dat dreigt zijn energiematrix te "bevuilen", zegt Maureen Santos, expert internationale onderhandelingen van de Federatie van Internationale Organen voor Sociale en Onderwijshulp.

Met zijn grote infrastructuurwerken, zijn landbouwexpansie in het Amazonegebied en de Cerrado en zijn groeiende export van grondstoffen heeft Brazilië het steeds moeilijker zijn milieulegitimiteit te handhaven, zeggen de waarnemers.

Klimaattop in Kopenhagen
Toch heeft Brazilië een centrale rol te spelen in de internationale milieuonderhandelingen, zeggen ze. Het beschikt over enorme natuurlijke hulpbronnen en gigantische reserves aan biodiversiteit, zoet water en tropische bossen, het heeft het grootste aandeel van hernieuwbare energie in de energiematrix en het grootste landbouwpotentieel ter wereld.

Het land van 192 miljoen inwoners was al een protagonist in het klimaatdebat vóór de Top van de Aarde in Rio in 1992. Basisconcepten zoals de historische uitstoot van broeikasgassen en het Mechanisme voor Schone Ontwikkeling (CDM) vonden hier hun oorsprong.

Op COP15, twee jaar geleden in Kopenhagen, speelde Brazilië een belangrijke rol met het voorstel voor een vrijwillig engagement om de uitstoot tegen 2020 met 36 tot 39 procent te verminderen en met de dramatische toespraak van toenmalig president Luiz Inácio Lula da Silva, die de armste landen hulp beloofde. Maar vandaag valt er niets meer te vernemen over een Braziliaanse bijdrage aan het Groene Klimaatfonds.

Kyotoprotocol

In Durban draait alles rond het voortbestaan van het Kyotoprotocol, het enige internationale instrument met bindende doelstellingen, dat volgend jaar afloopt. Als woordvoerder van de G77, de grootste groep van ontwikkelingslanden, voert Brazilië de strijd voor een tweede protocolperiode aan. De discussies zijn intens en een akkoord is mogelijk, zegt de Braziliaanse onderhandelaar Luis Alberto Figueiredo. Tussen een mislukking en een ideaal akkoord - nieuwe doestellingen voor een tweede periode - is de meest waarschijnlijke uitkomst een verlenging van het bestaande protocol met twee of drie jaar om de onderhandelingen meer tijd te geven, zegt Morrow Gaines van Vitae Civilis. (IPS)

Lees meer over:

Onze partners