Duizend kleine sneden: China verhardt zijn greep op Hongkong

CHINESE VUIST Protest tegen de Nationale Veiligheidswet wordt prompt in de kiem gesmoord. © GettyImages/AFP
Catherine Vuylsteke
Catherine Vuylsteke Journalist, auteur, filmmaker en sinoloog

Niet met een tsunami maar druppelsgewijs voert China in Hongkong de censuur door.

Soms zijn dramatische tijdingen geen voorpaginanieuws. Niet omdat de gebeurtenissen zich op vermeend onbelangrijke plekken afspelen, maar omdat het om duizend kleine sneden gaat, eerder dan om een nekschot. De grootschalige straatprotesten in Hongkong haalden in 2019 uitgebreid de internationale media, maar twee jaar later bereiken ons vanuit de voormalige Britse kroonkolonie honderden kleine berichten: veroordelingen van democratiseringsactivisten, sluitingen van boekhandels, een krant die werd verboden, 72 boektitels die verdwenen uit de openbare bibliotheken, kritische tv-programma’s die werden geschrapt, het opdoeken van een museum dat het Tiananmenbloedbad herdacht, kandidaten voor de parlementsverkiezingen die van de lijst werden geschrapt omdat ze ‘onpatriottisch’ waren.

Activisten worden veroordeeld, boekhandels gesloten, boeken verboden, musea gesloten, tv-shows geschrapt.

Het verhaal van Hongkong, een jaar na de invoering van de Nationale Veiligheidswet, is dat van individuen zoals Choy Yuk-ling (37), een onafhankelijke tv-journaliste die voor haar werk over de Yuen Long-aanval van juli 2019 zowel werd veroordeeld als gelauwerd. Bij dat incident in een metrostation gingen tientallen in het wit geklede mannen vermeende prodemocratiseringsactivisten met stokken te lijf. De aanval werd algemeen beschouwd als een keerpunt in een jaar van protesten: de politie reageerde nauwelijks op de agressie, en speelde volgens velen zelfs onder één hoedje met de geweldenaars. Na Yuen Long bleek het vertrouwen in de ordediensten sterk afgenomen, ook onder burgers die zich voorheen niet met de democratiseringsbeweging hadden ingelaten.

Aanval op persvrijheid

Choy besloot uit te zoeken wat erachter zat. Zij en haar team gingen als detectives te werk: ze bekeken camerabeelden, lieten nummerplaten traceren, interviewden tal van slachtoffers en getuigen. Uiteindelijk identificeerden ze de pro-Pekingpoliticus Junius Ho als de spilfiguur achter het incident. Toch was het in november 2020 niet Ho maar Choy die werd gearresteerd, wegens het ‘afleggen van valse verklaringen’. Vijf maanden later werd ze schuldig bevonden en tot een geldboete veroordeeld. Het internationale Comité voor de Bescherming van Journalisten zag de ‘onterechte veroordeling van Choy als de jongste aanval op de persvrijheid in Hongkong. Dit houdt in dat onderzoeksjournalistiek voortaan wordt gecriminaliseerd’, aldus de organisatie.

Het had erger gekund. De openbare aanklager had ook een celstraf gevorderd, maar de rechter ging daar niet op in aangezien de bewuste documentaire, 7.21 Who Owns the Truth, kort daarvoor een van de belangrijkste Hongkongse persprijzen had gewonnen.

Opruiend materiaal

Het verhaal van Hongkong is ook dat van vier leraren, die levenslang geschorst zijn omdat ze ‘geen vaderlandslievende houding hadden in hun geschiedenislessen’ of ‘deelnamen aan antisociale evenementen’. Tientallen andere leraren kregen waarschuwingsbrieven, in veel gevallen voor het ‘aanbieden van opruiend materiaal’.

Minstens even opmerkelijk is de arrestatie, deze zomer, van vijf jonge logopedisten die drie prentenboeken hadden gepubliceerd. Daarin werden de door de politie hardhandig aangepakte Hongkongse burgers voorgesteld als schapen, belaagd door wolven. De logopedistenvakbond, die de boeken hadden uitgegeven, zag zijn rekeningen geblokkeerd. Twee van de vijf jonge vrouwen zitten nu nog altijd in de cel, wachtend op hun proces.

Partner Content