Komt er deze zomer nog water uit onze kraan? Als het van mij afhangt wel. Maar dan hebben we wel twee zaken hard nodig: een écht Waterplan met structurele maatregelen en het besef bij de Vlaming dat drinkwater in onze regio echt wel schaars is en niet dient om in een droge zomer de auto mee te wassen of eindeloos te douchen.

Vlaanderen staat bekend om zijn grote bevolkingsdichtheid gecombineerd met een ruimtelijke spreiding van bebouwing en bewoning: de alomtegenwoordige verkaveling en lintbebouwing. Samen met de steeds extremer wordende weersomstandigheden vormen deze kenmerken de basis van het Vlaams waterprobleem: huizen, pleinen, straten en parkings beletten dat regenwater in de grond kan sijpelen. Het stroomt af naar beken, rivieren en rioleringen of richt overstromingen aan. En water dat we niet kunnen vasthouden, kunnen we niet gebruiken voor lokale watervoorziening.

Komt er deze zomer nog water uit onze kraan? Als het van mij afhangt wel.

Vlaams Parlementslid Elke Wouters (N-VA)

In Vlaanderen vangen we per inwoner anderhalf miljoen liter per jaar aan regen op. Daar moeten we zowel de huishoudens als de industrie en de landbouw mee bedienen. Ondanks dat indrukwekkende cijfer vallen we daarmee toch onder landen die balanceren tussen 'weinig water' en 'een ernstig watertekort'.

Tot nu toe werd er door de minister van Leefmilieu laat en veel te oppervlakkig gereageerd. Zo communiceerde de toenmalige minister bij dreigende watertekorten dat we geen zwembadje voor de kinderen mochten vullen, maar structureel gebeurde er weinig. Tot op vandaag kwam er, na bijna tien jaar beleid, geen visie om de problemen van watertekort te voorkomen. Een droogteplan wordt al lang aangekondigd, maar het blijft bij aankondigingspolitiek.

Een Droogteplan zal trouwens nooit de volledige oplossing zijn. Er moet een allesomvattend Waterplan komen dat heel het jaar door in werking is, en wij hebben dat klaarliggen.

Ten eerste moeten we duidelijk maken aan de Vlaming dat hij/zij altijd zuinig moet zijn met zijn - met ons - drinkwater, omdat onze reserves nu eenmaal klein zijn. In de winter wat spaarzamer zijn, geeft in de zomer logischerwijs meer ademruimte.

Als drinkwatermaatschappijen vandaag hun best doen om minder water aan te leveren, dan krijgen ze daarvoor geen enkele beloning, integendeel. Zij willen net veel water leveren aan de consument, omdat ze de inkomsten hard nodig hebben voor het onderhoud van de leidingen. Daarom moet de Vlaamse Regering watermaatschappijen aanzetten om niet langer het geleverde aantal liters als maatstaf te gebruiken. Ze zouden beter aanvullende diensten en technieken, gericht op waterbesparing aanbieden en daarin gestimuleerd worden. Waarom het badwater niet hergebruiken als doorspoelwater voor het toilet bijvoorbeeld? Het zorgt voor andere inkomsten, maar vereist een herdenken van de rol van de maatschappijen dan louter als leveranciers van water.

Als drinkwatermaatschappijen vandaag hun best doen om minder water aan te leveren, dan krijgen ze daarvoor geen enkele beloning.

Vlaams Parlementslid Elke Wouters (N-VA)

We moeten ook stoppen met voortdurend grondwater naar boven te pompen. Er moet veel meer ingezet worden op het hergebruik van gezuiverd afvalwater en van regenwater. Met dat laatste kan iedereen trouwens zelf aan de slag, voor het toilet of de tuin bijvoorbeeld. Gezuiverd afvalwater is op grotere schaal perfect bruikbaar voor heel wat uiteenlopende toepassingen zoals het beregenen van velden, koelwater of het het leegspoelen van tankwagens.

Toch wordt hiervoor nog al te vaak grondwater gebruikt, omdat dat goedkoper is, ondanks de verhoogde heffingen. Het heraanwenden van gezuiverd afvalwater, al was het maar voor bepaalde laagwaardige toepassingen in de industrie en landbouw, moet een speerpunt worden in het waterbeleid, en dat is het vandaag absoluut niet. Het is niet logisch dat we gezuiverd water gewoon terug in de beken lozen zonder er eerst iets mee te doen. Zeker omdat we zelf een combinatie van gezuiverd Luiks en Frans afvalwater uit Maas en Albertkanaal omzetten in drinkwater.

Ten derde moet er voldoende wateropslagcapaciteit voorzien worden die dan zowel droogte als wateroverlast kunnen opvangen. Het gaat dan over grote bufferbekkens, maar evenzeer over tanks en bassins. In sommige steden (Antwerpen, Gent) zie je dat bij stadsvernieuwing grote ondergrondse waterbassins worden aangelegd onder gebouwen, parkings, groenzones. Maar het kan ook op nieuwe bedrijfssites. Ofwel sijpelt het water in die bassins traag de grond in zodat het grondwater wordt aangevuld, ofwel wordt het water aangewend voor huishoudelijk of industrieel gebruik. Hoe meer we ervan kunnen opslaan, hoe beter we gewapend zijn tegen droogte.

Bij nieuwe woningen is het hebben van een regenwaterput al een hele tijd verplicht. Toch wordt het opgevangen water soms nauwelijks gebruikt of worden er illegale overlopen gestoken tussen de put en de riolering, waardoor dit water verloren gaat. Hier moeten we dan ook inzetten op handhaving. Daarnaast kan men erover nadenken om meer in te zetten op de aanleg van doorlaatbare parkeerplaatsen en terrassen. Zij beslaan enorme oppervlaktes waar het water dan opnieuw in de bodem zou kunnen sijpelen. Bovendien moet er het hele jaar door gecommuniceerd worden over slim en zuinig watergebruik. Deze structurele maatregelen kunnen dan in nood nog worden aangevuld met crisismaatregelen.

Onze hele geschiedenis is er een van waterbeheersing en droogmalen van (landbouw)grond.

Vlaams Parlementslid Elke Wouters (N-VA)

Tot slot moeten onze watersystemen opnieuw gezonde ecosystemen worden die ruimte krijgen buiten de keurslijven van dijken. Als we her en der delen van waterlopen terug laten kronkelen en de ruimte geven te overstromen (zoals de Dijle en de Demer voor ze respectievelijk Leuven en Diest aandoen), creëren we robuuste watersystemen met een veel grotere watercapaciteit, zoals bij de Schelde. Dit levert ook spectaculaire nieuwe waternatuur op. En hoe beter die natuur, hoe gezonder een watersysteem is. Waterrijke natuurgebieden fungeren als buffer en spons om een teveel aan water vast te houden.

Dit blijft een politiek moeilijke discussie: onze hele geschiedenis is er een van waterbeheersing en droogmalen van (landbouw)grond. Dit heeft ons gebracht waar we vandaag staan. Omgaan met droogte en watersnood hebben we nog steeds niet echt geleerd.

Toch ziet het er naar uit dat we met de waterproblematiek, zeker in het licht van de klimaatveranderingen, anders zullen moeten omgaan. De structurele maatregelen in een Waterplan, ons Waterplan, kunnen ons daar alvast bij helpen.