Opinie

Johan Leman

‘Willen Vlaamse beleidsmakers een poging doen om niet continu in de clichés over Molenbeek te tuimelen?’

Johan Leman Antropoloog, voorzitter Foyer vzw, em. Prof. KU Leuven

‘Ik heb de situatie in Molenbeek ongeveer 40 jaar kunnen volgen’, schrijft Johan Leman. ‘Nu zullen sommigen in Vlaanderen me naar de maan wensen, maar ik vind het heel veel verbeterd.’

Wat Conner Rousseau laat optekenen

“Als ik door Molenbeek rijd, voel ik me niet in België. Maar de meeste van die mensen zijn hier geboren. Het belangrijkste is dat ze onze taal spreken en werken.”

Molenbeek is een uitgestrekte gemeente van circa 100.000 inwoners. Er is een Hoog- en een Laag-Molenbeek, en een tussenin. Ik vermoed dat Conner Rousseau in zijn Humo-interview het enkel heeft over de vier wijken van Laag-Molenbeek, de helft van Molenbeek. Dat in die vier wijken de meeste volwassen mensen van boven de 50 jaar in België geboren zijn, betwijfel ik. Ik denk dat ze in het buitenland geboren zijn. De jongere mensen zijn dit vermoedelijk wel. Die ouderen spreken onder elkaar vaak hun taal van herkomst, maar kan je meestal ook in het Frans aanspreken. De jongere mensen, buiten de nieuwkomers, spreken allemaal Frans en/of Nederlands, maar schrijven in de stijl van de sociale media.

“In Brussel staan er door het lerarentekort mensen voor de klas die in het Arabisch lesgeven, omdat ze geen Frans spreken.”

Daar heb ik in Molenbeek nooit iets over vernomen. Nochtans, we hebben op onze onrganisatie voor maatschappelijk werk Foyer zowel aan Franstalige als aan Nederlandstalige kant een zeer professionele naschoolse begeleiding. Overigens wordt de wijk waarin Foyer gelegen is, meer en meer een gemengde wijk. In de Foyer-jongerenwerkingen vind je jongeren van Marokkaanse, Turkse, Pakistaanse, Congolese, Oost-Europese en andere oorsprong, meer dan pakweg 15 jaar geleden.

‘Maar wat doet de Vlaamse regering? De prijs van de taalcursussen verhogen om de wachtlijsten in te korten.’

Men zegt me dat dit niet klopt. Wél is het zo dat de taalverwerving nog niet verplicht is.

Dan volgt een pleidooi voor opvang in kindercrèches en Rousseau sluit af met “Ook de ouders moeten Nederlands leren. (…) Maar we gaan geen wijken viseren, iedereen gelijk voor de wet.” Het is bij dit “iedereen gelijk voor de wet” (waar ik het volmondig mee eens ben), dat ik zou willen laten optekenen dat niet ‘niet iedereen in een gelijke maatschappelijke situatie leeft”. Wat nog niet betekent dat je moet betuttelen.

De vier zogenaamd “niet-Belgische” wijken in Molenbeek

De vier wijken uit Laag-Molenbeek behoren, samen met enkele wijken uit Kuregem (en nog enkele andere), tot een aankomst- en doorgangswoongebied voor mensen met migratieroots uit sociaal lagere klassen. Elk Westers land heeft zo’n zones. Expats uit de hogere klasse trekken meestal naar gemeenten in het Zuiden van Brussel. Migratie is, niet in het minst voor laaggeschoolden, een poging tot opwaartse sociale mobiliteit, indien niet voor henzelf dan toch voor hun kinderen. Wie daarbij slaagt, en geen beroep heeft waarbij men leeft vanuit de samenstelling van de wijk (bv. artsen, apothekers, winkeliers), drukt zijn promotie uit door de wijk te verlaten voor een andere plek in of buiten Brussel. Er zijn natuurlijk ook enkele objectieve redenen om daartoe te beslissen: de slechtere kwaliteit van de lucht (zie bijvoorbeeld de studie van Curieuzenair), de straatcultuur (waar drugsdealing op bepaalde plaatsen en bepaalde uren een probleem is), veel vuilnis op straat, de moeilijkere taak voor leraren om kwaliteitsvol les te geven, zeker als buitenschoolse of binnenfamiliale ondersteuning ontbreekt.

Willen Vlaamse beleidsmakers een poging doen om niet continu in de clichés over Molenbeek te tuimelen?

Er zijn echter ook mensen die het boeiend vinden om te leven in een world-in-a-nutshell. Ze nemen de lasten bij de lusten. Onder hen nogal wat jonge Vlamingen.

Wat de lasten betreft, maakt de gemeente van de strijd tegen het drugsdealen een prioriteit. Terecht. (Ik meen te weten dat er in Vlaanderen nog een andere grote stad is die problemen heeft met drugsdealing. Het Is wat het is.) Maar corona heeft de bestrijding van die drugsbedoening niet gemakkelijker gemaakt.

Bedenkingen

Voor laaggeschoolde, armere migranten is Molenbeek in het kader van de globalisering een opvangzone. Ik meen te weten dat sommige politici de situatie in de Brusselse Kanaalzone willen veranderen door rondom Molenbeek een gentrificatie-woonzone aan te leggen. Mij goed, maar het betekent wel dat de huur-en aankoopprijzen voor behuizing in Molenbeek serieus omhoog gaan, en dat de mensen die er wonen en de nieuwkomers ofwel nog kleiner gaan wonen, meer betalen, ofwel wegtrekken naar de streek van Aalst en Liedekerke, waar het goedkoper is. Een appartementje in Molenbeek voor een jong gezin met 3 kinderen kost gemakkelijk 1200 euro per maand. Ik zou zeggen: laat dat het voorwerp zijn van reflectie.

‘Het belangrijkste is dat ze onze taal spreken en werken’, vindt Rousseau. Dat is juist, maar we moeten wel beseffen dat het om laaggeschoolde nieuwkomers gaat die op de eerste plaats bezig zijn met pogen te overleven. En o nee, ik wil niet betuttelen.

Is er een lerarentekort? Ja, en zelfs een logopedistentekort. Misschien tegelijk dit dossier even ter hand nemen, want met het huidige honoreringssysteem zal die laatste categorie eerder af- dan toenemen. Voorspelbaar.

Wat ontbreekt…

Ik vergeet nog iets: het federale Kanaalplan van begin 2016. Is het kader van het politiekorps in Molenbeek nu eindelijk compleet ingevuld? Ik meen te weten dat dit niet het geval is. Hoe wil je dan complementair tot een buurtpolitie komen? En hoe wil je dan de relatie tussen politie en jongeren verbeteren?

En hoe zit het met de contacten met de grotere moskeeën? Is er werk gemaakt van vertrouwen wekkende en objectiverende contacten tussen federale overheid en plaatsen van eredienst?

Ik wil afsluiten. Ik heb de situatie in Molenbeek ongeveer 40 jaar kunnen volgen. Nu zullen sommigen in Vlaanderen me naar de maan wensen, maar ik vind het heel veel verbeterd. Mijn uitnodiging: willen Vlaamse beleidsmakers, als ze het over Molenbeek hebben, een poging doen om niet continu in de clichés te tuimelen? Doe een inspanning, beste beleidmakers, om te begrijpen wat een opvang- en doorgangszone van meestal laaggeschoolde migranten anno 2022 in een globaliserende wereld betekent. Dan zal je de veerkracht van die mensen bewonderen in plaats van altijd maar te stigmatiseren. En doe niet enkel aan aankondigingsbeleid.

Johan Lemanis antropoloog, emeritus professor aan de KU Leuven en voorzitter van Foyer vzw.

Partner Content