Klimaatverandering is een feit. Volgens de Verenigde Naties zijn momenteel meer dan 140 miljoen mensen op de vlucht door de gevolgen van klimaatverandering en natuurrampen. Kijk naar landen als Jemen, Nigeria, Zuid-Soedan en Somalië, die getroffen worden door extreme droogte. Westerse landen bieden humanitaire hulp en zamelen geld in om mensen ter plaatse de nodige zorgen toe te dienen. Maar officieel bestaan klimaatvluchtelingen niet en daardoor worden ongelijke machtsverhoudingen nog versterkt. En terwijl arme landen in het Zuiden zich solidair opstellen in de opvang van oorlogs- en klimaatvluchtelingen, bouwt het Westen meer hekken en muren gestoeld op racisme en xenofobie.

De VN gaan uit van 300 miljoen ontheemden tegen 2050 indien er geen krachtige maatregelen genomen worden in de strijd tegen oprukkende klimaatverandering. In het Zuiden heeft klimaatverandering een vernietigende impact op het levensonderhoud van velen en toch krijgen deze ontheemden geen legale status in de internationale wetgeving. Ze worden afgedaan als economische migranten en genieten dus geen recht op bescherming.

Wij de lusten, zij de lasten

In veel landen uit het Zuiden is landbouw onontbeerlijk voor economische ontwikkeling. Landbouwers zijn er bijzonder afhankelijk van de weersomstandigheden maar de gevolgen van de klimaatverandering voor deze sector zijn niet rooskleurig. Steeds meer mensen trekken weg uit rurale gebieden en verhuizen naar de stad. Zo leidt klimaatverandering ook tot sociale en politieke onrust in heel wat landen waar politieke systemen vaak nog fragiel zijn. En dat terwijl de rijkste landen verantwoordelijk zijn voor de grote impact van de klimaatverandering. Maar die rijkste landen krijgen vooral de lusten door welvaart en arme landen worden opgezadeld met de ecologische lasten.

In september 2014 werd de zogenaamde 'eerste klimaatvluchteling', afkomstig uit Kiribati, geweerd uit Nieuw-Zeeland. Wettelijke instrumenten om hem bescherming toe te kennen, bestonden toen niet. Een aanpassing van de Conventie van Genève is noodzakelijk opdat mensen die vluchten voor de gevolgen van het klimaat zich erop kunnen beroepen. Maar uiteraard is het wijzigen van de internationale wetgeving op zich onvoldoende. Er moeten ook concrete inspanningen geleverd worden om de klimaatverandering tegen te gaan en dit vooral door de landen die er de grootste verantwoordelijkheid in dragen.

Wat met Trump?

Wereldwijd zijn landen onvoldoende voorbereid op de impact van klimaatverandering. De internationale gemeenschap focust vooral op het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen. Zo hoopt men de klimaatverandering te vertragen. Maar de internationale gemeenschap moet ook een wettelijk kader creëren zodat de klimaatvluchtelingen die er nu al zijn, niet achterblijven. Met de G7 die net voorbij is, hield de internationale gemeenschap de adem in. Het was nog wachten op de beslissing van Trump om zich al dan niet te engageren voor het Klimaatakkoord van Parijs. Na een kat- en muisspel met de media, bevestigde Trump de terugtrekking van de VS uit het Klimaatakkoord en wil gaan voor een eventuele heronderhandeling. Europese grootmachten zoals Frankrijk en Duitsland hebben al laten weten dat ze niet open staan voor een heronderhandeling van het akkoord. Ondanks dat de VS na China de tweede grootste vervuiler op het vlak van koolstofdioxide is, hoeft de terugtrekking van de VS niet desastreus te zijn. Heel wat grote bedrijven binnen de VS duiden juist op het belang van duurzame energie. Het is dus maar een kwestie van tijd eer Trump zal beseffen dat de hernieuwbare sector op termijn meer jobs zal opleveren dan de traditionele steenkoolindustrie. Al kunnen we ons hierbij afvragen of het klimaat ons die tijd gunt.

In het kader van de EU 2020 (Europese groeistrategie) doen enkele Europese landen het wel goed op vlak van duurzame energie. Zweden, Finland en Letland scoren goed in het gebruik van groene energie. Samen met acht andere Europese landen hebben zij hun doelstellingen voor 2020 al behaald. België bengelt met 7.9 percent onderaan en heeft nog een lange weg te gaan: we zijn maar liefst 5.10 percent verwijderd van de eigenlijke doestelling.

De NASA kondigt aan dat vanaf 2030 mensen naar Mars gestuurd zullen worden, omdat onze planeet het vermoedelijk niet eeuwig volhoudt. Maar dat is uiteraard alleen een optie voor de enkelingen die over voldoende financiële middelen beschikken. De overgrote meerderheid van de mensheid zit nog minstens decennia met handen en voeten gebonden aan de Aarde.

Leaving no one behind

Daarom hebben we nood aan een krachtige boodschap. We moeten erop toezien dat niemand op onze planeet over het hoofd gezien wordt in het klimaatverhaal. Samen oplossingen zoeken voor de mensen die de gevolgen van klimaatverandering en natuurrampen ontvluchten, is een topprioriteit. Of zoals het in de ontwikkelingsagenda van de VN staat: Leaving no one behind. Dat vormt de basis, want we zijn allemaal mensen op zoek naar geluk, veiligheid en een duurzame toekomst.

Mohamed Barrie, Student Sociaal Werk en schrijver.

Eveline Vandevelde, journaliste geïnteresseerd in migratie, conflict en ontwikkeling.

Klimaatverandering is een feit. Volgens de Verenigde Naties zijn momenteel meer dan 140 miljoen mensen op de vlucht door de gevolgen van klimaatverandering en natuurrampen. Kijk naar landen als Jemen, Nigeria, Zuid-Soedan en Somalië, die getroffen worden door extreme droogte. Westerse landen bieden humanitaire hulp en zamelen geld in om mensen ter plaatse de nodige zorgen toe te dienen. Maar officieel bestaan klimaatvluchtelingen niet en daardoor worden ongelijke machtsverhoudingen nog versterkt. En terwijl arme landen in het Zuiden zich solidair opstellen in de opvang van oorlogs- en klimaatvluchtelingen, bouwt het Westen meer hekken en muren gestoeld op racisme en xenofobie.De VN gaan uit van 300 miljoen ontheemden tegen 2050 indien er geen krachtige maatregelen genomen worden in de strijd tegen oprukkende klimaatverandering. In het Zuiden heeft klimaatverandering een vernietigende impact op het levensonderhoud van velen en toch krijgen deze ontheemden geen legale status in de internationale wetgeving. Ze worden afgedaan als economische migranten en genieten dus geen recht op bescherming.In veel landen uit het Zuiden is landbouw onontbeerlijk voor economische ontwikkeling. Landbouwers zijn er bijzonder afhankelijk van de weersomstandigheden maar de gevolgen van de klimaatverandering voor deze sector zijn niet rooskleurig. Steeds meer mensen trekken weg uit rurale gebieden en verhuizen naar de stad. Zo leidt klimaatverandering ook tot sociale en politieke onrust in heel wat landen waar politieke systemen vaak nog fragiel zijn. En dat terwijl de rijkste landen verantwoordelijk zijn voor de grote impact van de klimaatverandering. Maar die rijkste landen krijgen vooral de lusten door welvaart en arme landen worden opgezadeld met de ecologische lasten.In september 2014 werd de zogenaamde 'eerste klimaatvluchteling', afkomstig uit Kiribati, geweerd uit Nieuw-Zeeland. Wettelijke instrumenten om hem bescherming toe te kennen, bestonden toen niet. Een aanpassing van de Conventie van Genève is noodzakelijk opdat mensen die vluchten voor de gevolgen van het klimaat zich erop kunnen beroepen. Maar uiteraard is het wijzigen van de internationale wetgeving op zich onvoldoende. Er moeten ook concrete inspanningen geleverd worden om de klimaatverandering tegen te gaan en dit vooral door de landen die er de grootste verantwoordelijkheid in dragen.Wereldwijd zijn landen onvoldoende voorbereid op de impact van klimaatverandering. De internationale gemeenschap focust vooral op het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen. Zo hoopt men de klimaatverandering te vertragen. Maar de internationale gemeenschap moet ook een wettelijk kader creëren zodat de klimaatvluchtelingen die er nu al zijn, niet achterblijven. Met de G7 die net voorbij is, hield de internationale gemeenschap de adem in. Het was nog wachten op de beslissing van Trump om zich al dan niet te engageren voor het Klimaatakkoord van Parijs. Na een kat- en muisspel met de media, bevestigde Trump de terugtrekking van de VS uit het Klimaatakkoord en wil gaan voor een eventuele heronderhandeling. Europese grootmachten zoals Frankrijk en Duitsland hebben al laten weten dat ze niet open staan voor een heronderhandeling van het akkoord. Ondanks dat de VS na China de tweede grootste vervuiler op het vlak van koolstofdioxide is, hoeft de terugtrekking van de VS niet desastreus te zijn. Heel wat grote bedrijven binnen de VS duiden juist op het belang van duurzame energie. Het is dus maar een kwestie van tijd eer Trump zal beseffen dat de hernieuwbare sector op termijn meer jobs zal opleveren dan de traditionele steenkoolindustrie. Al kunnen we ons hierbij afvragen of het klimaat ons die tijd gunt. In het kader van de EU 2020 (Europese groeistrategie) doen enkele Europese landen het wel goed op vlak van duurzame energie. Zweden, Finland en Letland scoren goed in het gebruik van groene energie. Samen met acht andere Europese landen hebben zij hun doelstellingen voor 2020 al behaald. België bengelt met 7.9 percent onderaan en heeft nog een lange weg te gaan: we zijn maar liefst 5.10 percent verwijderd van de eigenlijke doestelling. De NASA kondigt aan dat vanaf 2030 mensen naar Mars gestuurd zullen worden, omdat onze planeet het vermoedelijk niet eeuwig volhoudt. Maar dat is uiteraard alleen een optie voor de enkelingen die over voldoende financiële middelen beschikken. De overgrote meerderheid van de mensheid zit nog minstens decennia met handen en voeten gebonden aan de Aarde.Daarom hebben we nood aan een krachtige boodschap. We moeten erop toezien dat niemand op onze planeet over het hoofd gezien wordt in het klimaatverhaal. Samen oplossingen zoeken voor de mensen die de gevolgen van klimaatverandering en natuurrampen ontvluchten, is een topprioriteit. Of zoals het in de ontwikkelingsagenda van de VN staat: Leaving no one behind. Dat vormt de basis, want we zijn allemaal mensen op zoek naar geluk, veiligheid en een duurzame toekomst.Mohamed Barrie, Student Sociaal Werk en schrijver.Eveline Vandevelde, journaliste geïnteresseerd in migratie, conflict en ontwikkeling.