Ongeveer tweeduizend jaar geleden meldde een delegatie van de Chinese Han-keizer zich voor een inspectie van de gebieden die vandaag het noorden van Pakistan en Afghanistan uitmaken. De delegatie wilde dat de kleine staatjes daar, Jibin en Goafu, hun nederigheid aan de keizer bewezen. Tot twee keer toe werden de Chinese gezanten gedood. Dat maakte de keizer woedend. Toch ging hij niet over tot een militaire expeditie. Het kwartier van de zogenoemde Chinese generaal-beschermer van de westelijke gebieden lag ver weg van de bergen, het paleis van de keizer nog verder.
...

Ongeveer tweeduizend jaar geleden meldde een delegatie van de Chinese Han-keizer zich voor een inspectie van de gebieden die vandaag het noorden van Pakistan en Afghanistan uitmaken. De delegatie wilde dat de kleine staatjes daar, Jibin en Goafu, hun nederigheid aan de keizer bewezen. Tot twee keer toe werden de Chinese gezanten gedood. Dat maakte de keizer woedend. Toch ging hij niet over tot een militaire expeditie. Het kwartier van de zogenoemde Chinese generaal-beschermer van de westelijke gebieden lag ver weg van de bergen, het paleis van de keizer nog verder. Nu de Amerikanen uit Afghanistan vertrekken, bestaat de verwachting dat China het land zal opnemen in zijn invloedssfeer. En, inderdaad, doorheen de geschiedenis waren er vaak pogingen om de Chinese invloed ten westen van machtige bergketens als de Pamir en de Tiensjan te vergroten. Cultureel lukte dat voor een deel. De grote boeddha's van Bamyan, in 2001 opgeblazen door de taliban, getuigen van de kruisbestuiving tussen Afghanistan, China, India en het Midden-Oosten. Afghanistan, het land van de bergpassen, is een kruispunt. Militair en politiek echter viel het land buiten de Chinese invloedssfeer. Wellicht komt daar nu niet meteen verandering in. Kaboel is nog steeds zo'n duizend kilometer verwijderd van de Chinese grensstad Kashgar. Er zijn geen rechtstreekse verharde wegen. De G-314 buigt vanuit Kashgar af naar Pakistan en passeert de bergachtige grens. Ook nu ligt Afghanistan ver weg. En dat was lange tijd de bedoeling. 'Het is beter om die deur dicht te houden', stelt Qiang Feng van Tsinghua Universiteit. En China zal die deur dicht blijven houden. Kashgar is een garnizoensstad. Van daaruit patrouilleren soldaten met drones permanent langs de G-314. Chinese soldaten hebben ook enkele kazernes in Tadzjikistan, langs een smalle weg die ten noorden van de Wakhanvallei loopt. Daar patrouilleren ze met jeeps en te paard doorheen het gebied. Zij hebben maar één doel: voorkomen dat de Oeigoeren in het westen van China, een moslimminderheid, in contact komen met radicale moslims in Afghanistan. Het gebied is dunbevolkt, dus dat is doenbaar voor de soldaten. China heeft zich lange tijd vooral proberen af te schermen voor de onrust in Afghanistan. De grenswacht was daarbij belangrijk, maar er waren ook discrete gesprekken met de Afghaanse strijdende partijen: de noordelijke stammen én de taliban. In Peking vreest men nu vooral een burgeroorlog. Tussen de taliban en hun tegenstanders, of door een versplintering van de taliban. Hoewel de Chinezen nooit blij waren met de aanwezigheid van de Amerikanen, zal de situatie voor hen complexer worden. Als er opnieuw geweld uitbreekt, zal Peking wellicht alsnog eerst proberen om dat in te dammen. Het geweld in een ander buurland, Myanmar, biedt enkele lessen. Daar stuurde China meer troepen naar de grens en drong het aan op samenwerking met andere landen om bendes aan de oevers van de Mekong-rivier te bestrijden. Ook in Afghanistan zal Peking vermoedelijk een regionale oplossing voorstellen in plaats van solo te spelen en zich zoals Amerika uit te putten. De kans is groot dat daarvoor gekeken wordt naar de Shanghai Cooperation Organization, die samen met Rusland en andere landen in de regio is opgericht tegen terrorisme. Al jaren oefent die SCO voor zogenoemde vredesmissies; bijna alsof het zich op de situatie in Afghanistan voorbereidde. Afhankelijk van het succes van de stabilisatie zal China zijn economische rol in Afghanistan vergroten. Er is geen haast. IJzer, koper, lithium en kobalt zijn weliswaar aantrekkelijk, maar China heeft ze zelf ook of haalt ze elders al uit de grond. Ze zijn voorlopig het risico niet waard. Het zal ook veel moeite kosten om Afghanistan te ontsluiten. Er lopen wat spoorwegen doorheen Centraal-Azië, maar zowat elk land heeft zijn eigen spoorwegbreedte. Ondanks jaren van plannen zijn er veel gaten in de ijzeren Zijderoute. Die vullen, zal jaren in beslag nemen. Als het al ooit gebeurt. Voorlopig kan de beperkte uitvoer naar Afghanistan bijvoorbeeld met langzame vrachtwagenkonvooien via Pakistan. China zal Afghanistan niet holderdebolder innemen. Het zal zelfverzekerd zijn, dat wel, en terrorisme tegen China genadeloos afstraffen. Maar het zal terughoudend blijven en van de situatie in Afghanistan vooral een kans maken om partnerschappen te verstevigen: met Rusland, Pakistan, Iran, de andere 'stans'; om de leiding te nemen in een nieuwe regionale orde, zonder de Amerikanen. Maar Afghanistan zal de komende tijd nog steeds ver achter de bergen blijven.