Zogenoemde sportvissers laten de vis die ze vangen daarna vaak weer in het water, zodat ze hem nog eens kunnen vangen. Dat wor...

Zogenoemde sportvissers laten de vis die ze vangen daarna vaak weer in het water, zodat ze hem nog eens kunnen vangen. Dat wordt als onschadelijk voor het dier afgedaan, maar onderzoek waaraan bioloog Sam Van Wassenbergh van de Universiteit Antwerpen meewerkte stelt dat ter discussie. In The Journal of Experimental Biology tonen hij en zijn collega's aan dat het gaatje van een haak in hun kaak de zuigkracht van vissen met tot 10 procent verlaagt, waardoor ze minder gemakkelijk voedsel binnenkrijgen. Hoe groter het gaatje, hoe groter het verlies aan zuigkracht. Bovendien weet niemand hoe snel zo'n gaatje weer dichtgroeit.