Met het grootste gemak jagen ministers van Landbouw tegenwoordig duizenden dieren de dood in. Net als crisismanagers die zwierig banen schrappen, worden ze beoordeeld op de efficiëntie waarmee ze kerngezonde dieren naar het vilbeluik laten afvoeren.
...

Met het grootste gemak jagen ministers van Landbouw tegenwoordig duizenden dieren de dood in. Net als crisismanagers die zwierig banen schrappen, worden ze beoordeeld op de efficiëntie waarmee ze kerngezonde dieren naar het vilbeluik laten afvoeren.Dat proces is zo'n routine geworden dat federaal minister van Landbouw Jaak Gabriëls (VLD) er geen moeite mee had om zich vorige week - in volle mond- en klauwzeercrisis - drie dagen naar Finland te begeven voor een als 'officieus' bestempeld gesprek van twee uur met zijn Finse ambtsgenoot. Het was zelfs geen punt dat hij er telefonisch niet te bereiken was - alles was onder controle. Het mond- en klauwzeervirus heeft een wonderlijke stap gerealiseerd. Het doodt nu zelfs wezens die het niet besmet. Onze op hyperefficiëntie afgestelde landbouw kan zelfs het gevaar van een besmetting niet meer aan, dus moet er worden ingegrepen. De kostprijs van het crisisbeheer dreigt ondertussen de hele landbouwpolitiek te hypothekeren. Het drama van de geitenboer uit Klemskerke, die zijn klanten gezonde kaas en melk garandeerde, maar het slachtoffer werd van een productiesysteem dat hij bewust vermeed, illustreert dat niet iedereen gelijk is voor de wet. Geiten (en schapen) wegen economisch minder zwaar dan varkens. Dus worden de eerste preventief geslacht en de tweede alleen in quarantaine geplaatst - zogezegd omdat de ziekte bij varkens sneller zichtbaar wordt dan bij geiten. Als Gabriëls zijn slachters had gevraagd een dag te wachten voor ze in Klemskerke toesloegen, hadden ze geweten dat de geiten niet ziek waren. Had hij een greintje respect gehad voor dit lichtpunt van menselijkheid in een volledig voorgeprogrammeerde sector die vee graag als 'levend vlees' bestempelt, dan had hij op zijn minst beschikbaar kunnen zijn op het ogenblik dat er gratieverzoeken voor de onfortuinlijke boer kwamen. Maar menselijkheid wordt in Gabriëls' wereld niet geapprecieerd. De Europese dogma's mogen niet ter discussie worden gesteld. En de vrienden van Publi Van Dijck, die hem allang gul steunen, hadden net een avontuurlijke trip op sneeuwscooters georganiseerd. De vrienden uit Limburg gaan voor de boer uit het verre West-Vlaanderen wiens levenswerk Gabriëls liet vernielen. 'Ik heb ook recht op vakantie', zei de minister, hoewel hij een week eerder tijdens de krokusvakantie nog met zijn gezin op vakantie in Italië was geweest. De ene vakantie is blijkbaar de andere niet. Freddy Van Dijck organiseert voor zijn vrienden via zijn reisbureau Ulysses enkele keren per jaar trips - die een insider als 'soms een beetje compromitterend' omschrijft - naar interessante oorden als Nieuw-Zeeland of Zuid-Afrika. Gabriëls is een graag geziene gast op deze snoepreisjes. Hij moet natuurlijk aan zijn toekomst denken. Een affichage- en publiciteitsbedrijf kan daarbij een grotere rol spelen dan een boer met driehonderd geitjes. Eind 1999 vertoefde Gabriëls met dezelfde vrienden enkele weken in Zuid-Afrika, en halverwege 2000 in Nieuw-Zeeland. Telkens bracht hij - net als in Finland - een kort officieus bezoek aan zijn plaatselijke ambtgenoot. Zo verantwoordde hij zijn reis. Een beetje vreemd voor een man die als oppositielid toenmalig premier Jean-Luc Dehaene (CVP) met Mussolini vergeleek wegens diens minachting voor het parlement.Dirk Draulans