De meeste wetenschappers zijn mensen die niet met geld bezig zijn, tenzij het nodig is om hun onderzoek te kunnen voeren. De omstandigheden waarin ze moeten werken, zijn zelden comfortabel. Het loon is meestal niet om mee uit te pakken. Het respect dat ze verdienen taant, want de wetenschap krijgt, net als andere maatschappelijke sectoren, te kampen met een verslechtering van haar imago bij de publieke opinie.
...

De meeste wetenschappers zijn mensen die niet met geld bezig zijn, tenzij het nodig is om hun onderzoek te kunnen voeren. De omstandigheden waarin ze moeten werken, zijn zelden comfortabel. Het loon is meestal niet om mee uit te pakken. Het respect dat ze verdienen taant, want de wetenschap krijgt, net als andere maatschappelijke sectoren, te kampen met een verslechtering van haar imago bij de publieke opinie. Vele wetenschappers zijn zelfs zo weinig met geld bezig, dat de instellingen waaraan ze verbonden zijn speciale diensten oprichten om vergaarde kennis te 'valoriseren', zoals dat dan heet. Deze diensten zijn behulpzaam in het stichten van spin-offbedrijven, waaraan naast de wetenschappers meestal ook de universiteit zelf een cent verdient. In vele bedrijven uit de chemische of farmaceutische sector werd het bestuur niet door wetenschappers verzekerd, maar door managers. Daar is met de opmars van de biotechnologie een einde aan gekomen. De Amerikaan Craig Venter - de biologische tegenhanger van Microsoft-baas Bill Gates - werd schatrijk door het te gelde maken van het genoom: het geheel aan erfelijke kenmerken dat ieder wezen draagt. Biotechnologiebedrijven vragen nu bijna systematisch octrooi aan op de genetische kennis die ze verwerven, in die mate zelfs dat het klassieke wetenschappelijke onderzoek eronder gaat lijden. Ook de volksgezondheid dreigt in het gedrang te komen, door het agressieve gedrag van bedrijven als het Amerikaanse Myriad Genetics, dat de rechten bezit op het screenen van fouten in twee genen die een aantal vormen van borstkanker veroorzaken. Het bedrijf drijft het zo ver dat het onafhankelijke laboratoria juridisch aanvalt als die hun eigen (en veel goedkopere) tests gebruiken om de genetische fouten op te sporen. Diverse Europese centra voor menselijke erfelijkheid zijn trouwens tegen dat monopolie in opstand gekomen, voorlopig zonder succes. Het topvakblad Nature voerde enkele weken geleden een derde partij in het spel op: Synergene, een biotechnologiebedrijf met zetel in Malta dat zich sterk maakt het octrooimonopolie van Myriad Genetics te kunnen doorbreken. De Amerikanen beseften namelijk niet dat Malta de Europese Octrooi Conventie niet ondertekend heeft, en ze hebben verzuimd er een afzonderlijk octrooi aan te vragen. Drijvende kracht achter Synergene is de Belgische geneticus Patrick Willems, die een tijdje geleden discreet doch kordaat werd aangemaand de universiteit van Antwerpen te verlaten. Ook nu zijn wetenschappers niet erg enthousiast over Willems' initiatief. In Nature stelde iemand dat het 'weer gaat om een manier om een hoop geld te verdienen'. Want Synergene vraagt 2000 euro per test. Dat is weliswaar 760 euro minder dan wat de Amerikanen aanrekenen, maar nog altijd meer dan wat vele onderzoekers bereid zijn te betalen. Dirk Draulans