‘In Brussel liggen er kansen voor Dyab Abou Jahjah’

Han Renard
Han Renard Han Renard is redacteur bij Knack

‘Sommige moslimbelangengroepen in Brussel roepen op om zondag voor Be.One te stemmen, de partij rond Dyab Abou Jahjah’, zegt Corinne Torrekens, hoogleraar politicologie (ULB).

In een gewest waar 60 procent van de kiezers van buitenlandse afkomst is, vormen allochtone kiezers een niet te verwaarlozen doelgroep. Maar officieel is het not done om die kiezers aan te spreken op hun godsdienstige of etnische achtergrond. Een verkiezingspamflet dat twee voortvarende Ecolo-kandidaten een paar weken geleden op Brusselse markten verspreidden, waarin ze benadrukten hoe tolerant Ecolo zich opstelt tegenover het dragen van de hoofddoek, met name vergeleken met de PS, veroorzaakte grote ophef. De Ecolo-partijleiding nam er nadrukkelijk afstand van, alle andere partijen schreeuwden moord en brand.

Hoewel de meeste Franstalige partijhoofdkwartieren het er officieel niet over willen hebben, komen identitaire thema’s, zoals de hoofddoek, de laatste weken in Brussel nadrukkelijk aan bod in de campagne, niet?

Corinne Torrekens: Dat klopt. Het was naïef van die partijhoofdkwartieren om te geloven dat je die thema’s kunt doodzwijgen. Een deel van de moslims vindt ze namelijk belangrijk. Bovendien hangen identiteitsvraagstukken vaak samen met sociaal-economische thema’s. De kans dat je wordt gediscrimineerd op de arbeids- of huisvestingsmarkt is veel groter als je een moslim bent of iemand met een migratieachtergrond. En dus zeggen die mensen: die identitaire vragen spelen voor ons wél een rol. Dan gaat het onder meer over het dragen van de hoofddoek op het werk of op school, onverdoofd slachten, wettelijke feestdagen voor belangrijke islamitische feesten enzovoort.

Het is naïef om te geloven dat je als partij thema’s als de hoofddoek kunt doodzwijgen. Een deel van de moslims vindt ze namelijk belangrijk.

Hoe komt het dat politieke partijen die thema’s in Brussel liever niet aansnijden?

Torrekens: Een aantal partijen vreest dat het koren op de molen is van rechts en extreemrechts. Vooral linkse partijen zitten ermee verveeld. De PTB komt moslims weliswaar voor een groot deel tegemoet, maar het is onduidelijk of die partij bereid is om mee te besturen. Daarom vragen moslimkiezers zich af of het wel zin heeft om ervoor te stemmen.

Bij Ecolo verschilt het officiële partijstandpunt soms van de afspraken die lokale verkozenen in sommige Brusselse gemeenten hebben gemaakt, en ook van wat lokale kandidaten soms als boodschap meegeven.

En dan is er de PS, die behoorlijk in haar maag zit met de vraag naar de erkenning van de islam. Het officiële partijstandpunt is de strikte scheiding tussen kerk en staat. Op dat punt wordt de PS door een deel van de moslimkiezers wantrouwig bekeken. En dus bestaat de strategie van de PS erin: hard inzetten op andere, sociaal-economische zaken en identitaire vragen links laten liggen.

En toch leven die vragen in de campagne, zeker op de sociale media.

Torrekens: Kandidaten van onder meer de PS en Défi hebben op Brusselse markten en lokale bijeenkomsten campagne gevoerd met traditionele Maghrebijnse Gnawa-muzikanten. In sommige gevallen droegen die muzikanten T-shirts met de naam van de partij en de kandidaat. Dat heeft echt het vuur aan de lont gestoken en een stroom van protest binnen de moslimgemeenschap uitgelokt. ‘Wie houden jullie eigenlijk voor de gek?’ werd gevraagd op sociale media. ‘De dingen die wij belangrijk vinden, ketsen jullie af, maar tegelijk proberen jullie te appelleren aan onze etnische achtergrond, door met Gnawa’s naar Molenbeek, Sint-Joost en Schaarbeek te komen _ de kans is klein dat er Gnawa’s opduiken in Ukkel.’ Allochtone kiezers willen niet tot zulke folklore worden gereduceerd. Ze willen iets in de pap te brokkelen hebben.

Als reactie op die Gnawa’s zag je tal van oproepen op sociale media om nu maar eens grondig de programma’s van de politieke partijen te analyseren en na te gaan waar ze precies voor staan. Want er is binnen de moslimgemeenschap groeiende frustratie tegenover de politieke partijen die naar hun stem hengelen.

Allochtone kiezers willen niet tot folklore worden gereduceerd. Ze willen iets in de pap te brokkelen hebben.

Er staan toch veel kandidaten met een migratieachtergrond op de lijsten in Brussel?

Torrekens: Ja, maar op de sociale media worden ook veel kritische filmpjes gepost tégen die kandidaten. Op zijn best worden er vraagtekens gezet bij hun capaciteit om hun partijapparaten te doen opschuiven in de richting van de belangen van de moslimgemeenschap. Vaak hoor je ook scherpere kritiek: ‘Jullie kennen het programma niet van de partijen waarvoor jullie kandidaat zijn. Jullie gebruiken ons alleen als kiesvee, om jullie eigen politieke carrière vooruit te helpen.’

Zal een partij zoals Be.One van Dyab Abou Jahjah, die nadrukkelijk campagne voert voor het recht om een hoofddoek te dragen in de ambtenarij en in de klas, daarvan kunnen profiteren?

Torrekens: Ik denk dat wel dat hier kansen liggen voor Abou Jahjah, met zijn campagne rond heel concrete eisen van een deel van de moslimgemeenschap. Be.One is natuurlijk een beginnende partij met beperkte middelen. De kans dat ze een zetel behaalt is klein _ maar toch. Er is wel een beweging van wat je belangengroepen van moslims in Brussel zou kunnen noemen die oproepen om ditmaal voor Be.One te stemmen, zodat ze een verkozene in het Brussels parlement hebben.

Je hoort vaak dat Franstalige partijen in Brussel zich aan zogenoemd ‘communautarisme’ of gemeenschapsdenken bezondigen en in de strijd om de allochtone stem kiezers naar de mond praten. Is dat dan nu niet het geval?

Torrekens: De PS, Ecolo of de MR probeert godsdienst en in het bijzonder de islam niet ter sprake te brengen, want dat ligt erg gevoelig. Maar politieke partijen moeten natuurlijk kiezers werven. Daarom bezondigen ze zich in Brussel onder de waterlijn massaal aan communautarisme, ook al zullen ze zeggen van niet. Sommige partijen richten zich uitdrukkelijk tot de Joodse gemeenschap. Sommige kandidaten hebben pamfletten in het Turks — denk aan de burgemeester van Sint-Joost-ten-Node, Emir Kir — of in het Afghaans. Er is een MR-kandidate die campagne voert met haar eigen recept voor kip in gele curry – jaja! Dus partijen laten hun kandidaten met een migratieachtergrond volop in hun eigen gemeenschap campagne voeren, soms los van de officiële partijstandpunten.

Zolang ze een en ander maar niet te veel aan de grote klok hangen?

Torrekens: Precies, het enige probleem is dat die strategie niet meer zo goed werkt als tien of twintig jaar geleden. Allochtone kiezers zijn veeleisender geworden. Om te beginnen neemt ook in de migrantengemeenschappen het algemene politieke wantrouwen toe. Daarnaast is er een echte allochtone middenklasse opgestaan, met een hogere scholingsgraad en een grotere koopkracht. Die middenklasse neemt politieke partijen en hun kandidaten kritischer onder de loep dan vroeger. Eigenlijk zie je dat ze haar burgerschap veel sterker gaat benutten. Wat soms wordt opgevat als etnisch en religieus particularisme vanwege migrantengemeenschappen, is eigenlijk precies het tegenovergestelde.

Er is een echte allochtone middenklasse opgestaan. Die neemt politieke partijen en hun kandidaten kritischer onder de loep dan vroeger.

Het is een vorm van politieke integratie?

Torrekens: Totaal. Want het doel is meestal niet eigen instellingen of partijen te creëren. Het doel is wegen op bestaande politieke partijen en op de publieke agenda. Vanuit het oogpunt van de politieke participatie kun je je niets beters dromen.

Partner Content