Door het aanstellen van een speciale Europese Vertegenwoordiger voor cyberveiligheid en tegen desinformatie, kunnen we dreigingen in verband met fake news van buitenaf detecteren, ingrijpen en op hoog niveau dialoog aangaan met derde landen. Zo beschermen we het recht van onze burgers om correct geïnformeerd te worden. Dat is waar ik ook voor pleitte in het Europees Parlement afgelopen week.

De Europese verkiezingen van 2019 staan voor de deur en zullen uiterst belangrijk zijn voor onze toekomst. Burgers zullen moeten kiezen voor partijen die voor Europese samenwerking zijn of partijen die de klok willen terugdraaien en zich achter de nationale grenzen willen verschuilen. We weten allemaal dat er bepaalde invloeden zijn van buitenaf die er baat bij hebben dat Europa zich niet ontwikkelt tot krachtige speler op het internationale toneel. Daarom is het vijf voor twaalf om concrete actie te ondernemen tegen desinformatie en fake news.

We moeten het recht van de burgers beschermen om correct geïnformeerd te worden.

Momenteel schrijf ik aan een rapport over de reikwijdte en het mandaat van Europese speciale vertegenwoordigers, mijn voorstel voor een nieuwe Speciale Vertegenwoordiger voor cyberveiligheid en tegen desinformatie zal ik er zeker in verwerken. Deze vertegenwoordiger kan dan niet alleen onderzoek doen en ons meegeven hoe groot en waar de dreiging zit maar ook op hoog niveau de dialoog aangaan met derde landen hieromtrent en ingrijpen waar nodig.

Daarnaast blijft dialoog binnen de Unie zeker belangrijk, aangezien de dreiging ook van binnenuit kan komen. We hebben vandaag slechts één thematische speciale Europese vertegenwoordiger, een vertegenwoordiger voor mensenrechten, en die levert ongelooflijk werk. Ik ben ervan overtuigd dat een speciale vertegenwoordiger inzake cyberveiligheid en desinformatie een concrete meerwaarde kan betekenen in de strijd tegen georganiseerde desinformatiecampagnes uit het buitenland. Hoe sneller we er werk van maken, hoe beter. Want onze burgers hebben uiteraard recht op correct nieuws.

Opzettelijke desinformatiecampagnes hebben grote gevolgen. We kennen allemaal de schandalen van Cambridge Analytica en het lopende onderzoek naar Russische inmenging in de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016. Ook in aanloop naar het Brexit-referendum zou sprake zijn van Russische sponsoring en inmenging. Die beïnvloeding gebeurt veelal via sociale mediakanalen als Facebook of Twitter; mensen krijgen op maat gemaakte berichten te zien, die hen vatbaar maakt voor polariserende taal en hen vaak foutieve informatie en samenzweringstheorieën voorschotelt.

Verschillende grootmachten zijn er immers bij gebaat dat Europa zo verdeeld mogelijk is, zodat we ons niet ontwikkelen tot een echte speler op het internationaal toneel.

Die misleiding van buitenlandse actoren kan de keuze van onze burgers in belangrijke mate beïnvloeden. Verschillende grootmachten zijn er immers bij gebaat dat Europa zo verdeeld mogelijk is, zodat we ons niet ontwikkelen tot een echte speler op het internationaal toneel. Een klassieke verdeel-en-heerspolitiek dus, aangepast aan de hedendaagse hoogtechnologische middelen die beschikbaar zijn.

In een wereld waar machtspolitiek en geopolitieke verschuivingen snel plaatsvinden, moet de Europese Unie zich verweren tegen dergelijke pogingen om ons te verzwakken. De laatste jaren zijn we beland in het 'post-truth-tijdperk', feiten doen er soms niet meer toe en moeten plaats maken voor samenzweringstheorieën en volstrekte onjuistheden. Bepaalde organisaties in specifieke landen als Rusland maken gebruik van die trend en proberen doelbewuste desinformatie te stimuleren in de landen die zij zien als geopolitieke, economische concurrent. Dit kan op termijn het sociale weefsel van onze maatschappij aantasten, de Europese burgers zijn er dus de dupe van.

Uit een recente Eurobarometer blijkt dat dit gevoel ook leeft bij de Europese burgers zelf. Vorige week, tijdens de plenaire vergadering van het Europees Parlement in Straatsburg maakte Europees Commissaris Vera Jourova voor Justitie bekend dat 73% zich zorgen maakt over online fake news in voorverkiezingsperiodes en ruim 80% ervoor te vinden is dat online sociale netwerken volledig transparant zijn met betrekking tot politieke inhoud en hoeveel geld ze krijgen van politieke partijen of andere organisaties. Dat is een dreiging die zeer reëel is voor het digitale tijdperk; oorlog kan soms zeer subtiel gevoerd worden. Een oorlog om de geesten via sociale media. Hoe beter we ons hier tegen wapenen, hoe sterker we staan op het wereldtoneel.

Door het aanstellen van een speciale Europese Vertegenwoordiger voor cyberveiligheid en tegen desinformatie, kunnen we dreigingen in verband met fake news van buitenaf detecteren, ingrijpen en op hoog niveau dialoog aangaan met derde landen. Zo beschermen we het recht van onze burgers om correct geïnformeerd te worden. Dat is waar ik ook voor pleitte in het Europees Parlement afgelopen week.De Europese verkiezingen van 2019 staan voor de deur en zullen uiterst belangrijk zijn voor onze toekomst. Burgers zullen moeten kiezen voor partijen die voor Europese samenwerking zijn of partijen die de klok willen terugdraaien en zich achter de nationale grenzen willen verschuilen. We weten allemaal dat er bepaalde invloeden zijn van buitenaf die er baat bij hebben dat Europa zich niet ontwikkelt tot krachtige speler op het internationale toneel. Daarom is het vijf voor twaalf om concrete actie te ondernemen tegen desinformatie en fake news.Momenteel schrijf ik aan een rapport over de reikwijdte en het mandaat van Europese speciale vertegenwoordigers, mijn voorstel voor een nieuwe Speciale Vertegenwoordiger voor cyberveiligheid en tegen desinformatie zal ik er zeker in verwerken. Deze vertegenwoordiger kan dan niet alleen onderzoek doen en ons meegeven hoe groot en waar de dreiging zit maar ook op hoog niveau de dialoog aangaan met derde landen hieromtrent en ingrijpen waar nodig. Daarnaast blijft dialoog binnen de Unie zeker belangrijk, aangezien de dreiging ook van binnenuit kan komen. We hebben vandaag slechts één thematische speciale Europese vertegenwoordiger, een vertegenwoordiger voor mensenrechten, en die levert ongelooflijk werk. Ik ben ervan overtuigd dat een speciale vertegenwoordiger inzake cyberveiligheid en desinformatie een concrete meerwaarde kan betekenen in de strijd tegen georganiseerde desinformatiecampagnes uit het buitenland. Hoe sneller we er werk van maken, hoe beter. Want onze burgers hebben uiteraard recht op correct nieuws.Opzettelijke desinformatiecampagnes hebben grote gevolgen. We kennen allemaal de schandalen van Cambridge Analytica en het lopende onderzoek naar Russische inmenging in de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016. Ook in aanloop naar het Brexit-referendum zou sprake zijn van Russische sponsoring en inmenging. Die beïnvloeding gebeurt veelal via sociale mediakanalen als Facebook of Twitter; mensen krijgen op maat gemaakte berichten te zien, die hen vatbaar maakt voor polariserende taal en hen vaak foutieve informatie en samenzweringstheorieën voorschotelt. Die misleiding van buitenlandse actoren kan de keuze van onze burgers in belangrijke mate beïnvloeden. Verschillende grootmachten zijn er immers bij gebaat dat Europa zo verdeeld mogelijk is, zodat we ons niet ontwikkelen tot een echte speler op het internationaal toneel. Een klassieke verdeel-en-heerspolitiek dus, aangepast aan de hedendaagse hoogtechnologische middelen die beschikbaar zijn.In een wereld waar machtspolitiek en geopolitieke verschuivingen snel plaatsvinden, moet de Europese Unie zich verweren tegen dergelijke pogingen om ons te verzwakken. De laatste jaren zijn we beland in het 'post-truth-tijdperk', feiten doen er soms niet meer toe en moeten plaats maken voor samenzweringstheorieën en volstrekte onjuistheden. Bepaalde organisaties in specifieke landen als Rusland maken gebruik van die trend en proberen doelbewuste desinformatie te stimuleren in de landen die zij zien als geopolitieke, economische concurrent. Dit kan op termijn het sociale weefsel van onze maatschappij aantasten, de Europese burgers zijn er dus de dupe van.Uit een recente Eurobarometer blijkt dat dit gevoel ook leeft bij de Europese burgers zelf. Vorige week, tijdens de plenaire vergadering van het Europees Parlement in Straatsburg maakte Europees Commissaris Vera Jourova voor Justitie bekend dat 73% zich zorgen maakt over online fake news in voorverkiezingsperiodes en ruim 80% ervoor te vinden is dat online sociale netwerken volledig transparant zijn met betrekking tot politieke inhoud en hoeveel geld ze krijgen van politieke partijen of andere organisaties. Dat is een dreiging die zeer reëel is voor het digitale tijdperk; oorlog kan soms zeer subtiel gevoerd worden. Een oorlog om de geesten via sociale media. Hoe beter we ons hier tegen wapenen, hoe sterker we staan op het wereldtoneel.