Het in 1908 opgerichte Amerikaanse GM start in 1924 in Antwerpen onder de naam General Motors Belgium. Na vijf jaar verhuist het bedrijf van de centrumstad naar de Antwerpse haven. Daar worden productie, verkoop, onderdelen en service gecentraliseerd op één locatie, terwijl ze voordien in heel Antwerpen verspreid waren.

Tijdens de economische depressie van de jaren dertig krijgt de autobouwer het zwaar te verduren. Een bombardement tijdens de Tweede Wereldoorlog maakte de fabriek met de grond gelijk. Na de oorlog koopt GM aan de Noorderlaan voor de bouw van een nieuwe fabriek. De latere 'Fabriek 1' is operationeel in 1953: er worden op eenzelfde assemblagelijn modellen van Bedford, Opel en Vauxhall gebouwd.

In 1967 breidt GM haar Antwerpse vestiging uit met 'Fabriek 2' aan het Churchilldok. Twee decennia later wordt alle productie daar samengebracht: dankzij een nieuw ploegensysteem kunnen in één fabriek evenveel wagens worden geproduceerd als voordien in de twee fabrieken samen.

Drastische herstructurering

In 1991 volgt de investering voor de bouw van de nieuwe Opel Astra en Vectra. Drie jaar later, in 1994, wordt de onderneming omgedoopt in Opel Belgium. Eind 1996 loopt de 10 miljoenste wagen van de band. In 2004 krijgt Opel Belgium een nieuwe naam: GM Belgium.

Halverwege 2007 wordt aangekondigd dat Opel Antwerpen drastisch zal herstructureren. Zowel de tewerkstelling als de productie zal halveren: ruim 2.200 van de op dat moment 4.700 medewerkers zal in de daaropvolgende maanden moeten vertrekken, de jaarlijkse productie wordt teruggebracht van 226.000 naar 125.000 wagens.

In november van het crisisjaar 2008 is Opel in Duitsland de eerste autoconstructeur die zich tot de Duitse staat richt voor hulp. Enkele maanden later, op 17 februari 2009, raakt bekend dat GM wereldwijd 47.000 banen wil schrappen, waarvan 26.000 buiten de Verenigde Staten. Tien dagen later wordt gemeld dat Opel zich van GM wil losmaken. In de maanden die volgen wordt het lot van Opel Antwerpen steeds onduidelijker.

Geen nieuw model

Op 21 januari 2010 krijgt het personeel in een brief te horen dat Antwerpen geen nieuw model mag produceren en dat er plannen zijn voor een collectief ontslag en sluiting.

Op 9 februari 2010 stelt Opel-topman Nick Reilly een saneringsplan voor het bedrijf voor. Daarbij wordt de intentie tot sluiting van de Antwerpse fabriek bevestigd: er gaan 2.337 banen verloren in de productie en 110 in de administratie.

Begin oktober wordt het personeel ingelicht dat GM geen investeerder heeft gevonden om de autofabriek over te nemen. Een Amerikaanse investeringsgroep die interesse had getoond, bracht geen bod uit, een bod van een Chinese autogroep zou niet voldoen. Eerder had Vlaams minister-president Kris Peeters gezegd dat er zestien kandidaat-investeerders waren, maar GM gaat met geen enkele overnemer akkoord.

Op woensdag 15 december 2010 rolt de laatste Opel Astra van de assemblagelijn in Antwerpen. In totaal was GM 81 jaar actief in Antwerpen. Over die periode zou de constructeur in de stad 13.306.292 wagens produceren.

Het in 1908 opgerichte Amerikaanse GM start in 1924 in Antwerpen onder de naam General Motors Belgium. Na vijf jaar verhuist het bedrijf van de centrumstad naar de Antwerpse haven. Daar worden productie, verkoop, onderdelen en service gecentraliseerd op één locatie, terwijl ze voordien in heel Antwerpen verspreid waren. Tijdens de economische depressie van de jaren dertig krijgt de autobouwer het zwaar te verduren. Een bombardement tijdens de Tweede Wereldoorlog maakte de fabriek met de grond gelijk. Na de oorlog koopt GM aan de Noorderlaan voor de bouw van een nieuwe fabriek. De latere 'Fabriek 1' is operationeel in 1953: er worden op eenzelfde assemblagelijn modellen van Bedford, Opel en Vauxhall gebouwd. In 1967 breidt GM haar Antwerpse vestiging uit met 'Fabriek 2' aan het Churchilldok. Twee decennia later wordt alle productie daar samengebracht: dankzij een nieuw ploegensysteem kunnen in één fabriek evenveel wagens worden geproduceerd als voordien in de twee fabrieken samen. In 1991 volgt de investering voor de bouw van de nieuwe Opel Astra en Vectra. Drie jaar later, in 1994, wordt de onderneming omgedoopt in Opel Belgium. Eind 1996 loopt de 10 miljoenste wagen van de band. In 2004 krijgt Opel Belgium een nieuwe naam: GM Belgium. Halverwege 2007 wordt aangekondigd dat Opel Antwerpen drastisch zal herstructureren. Zowel de tewerkstelling als de productie zal halveren: ruim 2.200 van de op dat moment 4.700 medewerkers zal in de daaropvolgende maanden moeten vertrekken, de jaarlijkse productie wordt teruggebracht van 226.000 naar 125.000 wagens. In november van het crisisjaar 2008 is Opel in Duitsland de eerste autoconstructeur die zich tot de Duitse staat richt voor hulp. Enkele maanden later, op 17 februari 2009, raakt bekend dat GM wereldwijd 47.000 banen wil schrappen, waarvan 26.000 buiten de Verenigde Staten. Tien dagen later wordt gemeld dat Opel zich van GM wil losmaken. In de maanden die volgen wordt het lot van Opel Antwerpen steeds onduidelijker. Op 21 januari 2010 krijgt het personeel in een brief te horen dat Antwerpen geen nieuw model mag produceren en dat er plannen zijn voor een collectief ontslag en sluiting. Op 9 februari 2010 stelt Opel-topman Nick Reilly een saneringsplan voor het bedrijf voor. Daarbij wordt de intentie tot sluiting van de Antwerpse fabriek bevestigd: er gaan 2.337 banen verloren in de productie en 110 in de administratie. Begin oktober wordt het personeel ingelicht dat GM geen investeerder heeft gevonden om de autofabriek over te nemen. Een Amerikaanse investeringsgroep die interesse had getoond, bracht geen bod uit, een bod van een Chinese autogroep zou niet voldoen. Eerder had Vlaams minister-president Kris Peeters gezegd dat er zestien kandidaat-investeerders waren, maar GM gaat met geen enkele overnemer akkoord. Op woensdag 15 december 2010 rolt de laatste Opel Astra van de assemblagelijn in Antwerpen. In totaal was GM 81 jaar actief in Antwerpen. Over die periode zou de constructeur in de stad 13.306.292 wagens produceren.