U zult het bij de jaarlijkse afrekening van de interest op uw spaarrekening wel hebben gemerkt: het was opnieuw geen vetpot. Spaarboekjes brengen tegenwoordig maar 0,11 procent rente op, inclusief getrouwheidspremie. Als u één jaar lang 100.000 euro op uw spaarboekje had staan, ontving u dus 110 euro interest. Maar de inflatie bedroeg 1,3 procent, u kunt dus met uw geld een stuk minder kopen dan voorheen. Aangezien de rente op een spaarboekje lager ligt dan de inflatie, verliest u eigenlijk 1,2 procent. Anders gezegd: met geld op een spaarboekje wordt u armer.
...

U zult het bij de jaarlijkse afrekening van de interest op uw spaarrekening wel hebben gemerkt: het was opnieuw geen vetpot. Spaarboekjes brengen tegenwoordig maar 0,11 procent rente op, inclusief getrouwheidspremie. Als u één jaar lang 100.000 euro op uw spaarboekje had staan, ontving u dus 110 euro interest. Maar de inflatie bedroeg 1,3 procent, u kunt dus met uw geld een stuk minder kopen dan voorheen. Aangezien de rente op een spaarboekje lager ligt dan de inflatie, verliest u eigenlijk 1,2 procent. Anders gezegd: met geld op een spaarboekje wordt u armer. Toch hebben wij Belgen héél veel geld op spaarboekjes staan. Het is de afgelopen zes jaar zelfs nooit zo sterk aangegroeid als vorig jaar. In 2019 kwam er 13 miljard euro bij op de spaarrekeningen, zodat daar nu in totaal 259 miljard euro op staat. Hoe komt het toch dat de spaarboekjes zo aantrekkelijk blijven? Een eerste reden is dat de koopkracht volgens de Nationale Bank vorig jaar met 2,2 procent is toegenomen. En we hebben ook meer gespaard: in 2018 spaarden we bijna 12 procent van ons inkomen, in 2019 al meer dan 13 procent. Daarvan vloeide dus een groot deel naar het spaarboekje, dat ondanks de lage rente over heel wat troeven beschikt. Het spaarboekje is een eenvoudig product, iedereen kent en begrijpt het. Bovendien kun je onmiddellijk aan je geld op dat boekje, je rept je gewoon naar de bank en haalt het af. Het spaarboekje geniet ook een belastingvoordeel, want de spaarrente is tot 990 euro vrijgesteld van roerende voorheffing, dus daarvan gaat niets naar de fiscus. En het is heel veilig: zelfs als de bank failliet gaat, garandeert de overheid u dat u tot 100.000 euro per financiële instelling en per persoon terugkrijgt. Het spaarboekje is ook zo aantrekkelijk omdat de alternatieven niet veel beter presteren: kasbons, termijnrekeningen en veel obligaties leveren niets of niet veel meer op dan spaarboekjes. En ze beschikken niet over de troeven van het spaarboekje. Het enige serieuze alternatief is de beurs, en daar worden ook heel wat mensen naartoe gezogen. Zakenkrant De Tijd signaleerde al dat meer spaarders het wagen om over te stappen naar het beleggen in aandelen, om toch een beetje opbrengst te hebben. Er zijn heel wat beursgenoteerde bedrijven die meer dan 2 procent uitkeren aan dividend, het bedrag dat een onderneming uitdeelt aan haar aandeelhouders. Dat is dus meer dan de inflatie. Het dividend van holding GBL, bijvoorbeeld, leverde 2,6 procent netto op, Solvay 3 procent, KBC meer dan 4 procent, Proximus 4 procent, Bpost zelfs bijna 7 procent. Het is natuurlijk de vraag of die bedrijven in de toekomst even gul zullen blijven. Naast het dividend is er ook nog de koers van het aandeel. Die kan stijgen, maar natuurlijk ook dalen en iedereen die belegt in aandelen moet zich daar goed van bewust zijn: je kunt op de beurs geld verliezen. Vorig jaar was een uitstekend beursjaar. De Bel20, de index met de twintig voornaamste bedrijven van de Brusselse beurs, boekte een winst van 22 procent. Daarbij mag niet worden vergeten dat de Bel20 in 2018 het zeer slecht deed en afsloot met een verlies van 18,5 procent. In 2019 steeg het aandeel van biotechbedrijf Galapagos, dat geen dividend uitkeert, met maar liefst 132 procent. Maar de koers van een ander biotechbedrijf, ASIT Biotech, behoorde met een verlies van 81 procent tot de grootste ontgoochelingen. Het is dus niet eenvoudig om in deze tijd van lage rente een mooi rendement te behalen met spaargeld. Niet dat het in het verleden altijd makkelijk was. Dat blijkt ook uit de getuigenissen van acht mannen en vrouwen van wie je mag verwachten dat ze iets afweten van economie en financiën. Knack vroeg hen naar hun beste en slechtste financiële investering. En meteen ook naar wat zij vandaag doen met hun spaargeld, nu de rente zo laag staat. Want goede raad is goud waard.