Grondwettelijke Raad wijst verzoek van Marine Le Pen af

21/02/12 om 18:34 - Bijgewerkt om 18:34

(Belga) De Grondwettelijke Raad heeft het verzoek van het extreemrechtse Front National afgewezen, waarin voorzitster Marine Le Pen vroeg dat voor de benodigde vijfhonderd handtekeningen voor haar kandidatuur voor het presidentschap van april en mei de anonimiteit kon bewaard blijven.

De wet voor de presidentiële stemmingsprocedure, goedgekeurd in 1962, voorziet de publicatie van de namen van verkozen politici die hun steun geven aan eender welke kandidaat. Minimum vijfhonderd handtekeningen van zogenaamde peters/meters zijn nodig om te kunnen meedingen naar het hoogste ambt. Volgens de Grondwettelijke Raad wil de wetgevende macht met de bekendmaking van de namen de transparantie van de procedure voor de presidentskandidaten aanmoedigen en is de publicatie ervan conform de grondwet. Volgens Marine Le Pen heeft ze moeite om die 500 handtekeningen van politici te verzamelen, volgens haar tegenstanders is het gewoon een publiciteitsstunt. Met volgens de peilingen 15 tot 20 procent van de kiesintenties in de eerste ronde van de presidentsverkiezing op 22 april heeft de FN-voorzitster de afgelopen weken een offensief gelanceerd om de "discriminerende wet" aan te klagen. Ze hekelt het systeem waarin het peterschap publiek wordt gemaakt, waardoor een aantal verkozenen wordt ontmoedigd om hun stem aan extreemrechts te geven uit angst voor een politiek stigma. Jean-Marie Le Pen, haar vader en voorganger aan het hoofd van FN die in 2002 de tweede ronde haalde, klaagde in het verleden ook al over de lastige procedure om de benodigde handtekeningen te halen. In 2002 kreeg hij er 533 en in 2007 net 507. De kandidaten voor het presidentschap hebben tot 16 maart de tijd om hun 500 peters binnen te halen. (KAV)

Onze partners