Renate Van Geel

‘Nazorg na interlandelijke adoptie: tijd om de focus te leggen op ondersteuning van geadopteerden en hun ouders van oorsprong’

Deze week werden de beleidsaanbevelingen rond nazorg bij adoptie voorgesteld aan het kabinet van bevoegd minister Hilde Crevits. Renate Van Geel schuift een aantal prioriteiten naar voren voor de komende jaren.

Een jaar na de formulering van het nieuwe beleidskader door de Vlaamse regering rond transnationale adoptie staan ook de beleidsvoorstellen wat betreft (na)zorg ook papier.
Voor het schrijven van deze aanbevelingen werd een werkgroep aangesteld waarin verschillende (tegengestelde) noden en (financiële) belangen aanwezig waren. Deze noden en belangen werden vertegenwoordigd door een stevige afvaardiging van de adoptie- en overheidsdiensten, aangevuld met adoptieouders, witte, niet-geadopteerde hulpverleners en 4 volwassen geadopteerden. Zij bogen zich de afgelopen maanden intensief over de toekomstige invulling van (na)zorg voor geadopteerden en concretiseerden dit in 10 beleidsaanbevelingen.


Opvallend: ouders die hun kind verloren aan adoptie ontbraken in deze werkgroep. Het ‘belang van het kind’ is evenwel onlosmakelijk verbonden met dat van hun ouders. Passende en gedegen zorg voor hen draagt bij aan goede zorg voor geadopteerde kinderen en volwassen geadopteerden.

De werkgroep benoemt een ‘sense of urgency’ wat de noden van volwassen geadopteerden betreft, maar stelt geen prioriteiten. Als hulpverlener en geadopteerde ervaar ik helaas niet de luxe om me hierover niét uit te spreken.  

Decennialang faciliteerde de overheid onzorgvuldige, onrechtmatige en illegale adopties. Ze subsidieert nog steeds de diensten die deze adopties mogelijk maakten met miljoenen aan belastinggeld. Ook hebben adoptieouders recht op een fiscaal voordeel van meer dan 6.000 euro aan gemaakte kosten per adoptieprocedure.
Geadopteerden en hun (eerste) ouders ontvangen niets: geen financiële steun voor bijvoorbeeld zeer kostelijke DNA-testen, zoektochten, rootsreizen of therapie, noch voor enige vorm van toereikende zorg of begeleiding.
Onbetaald meedenken en schrijven aan verbeteringen voor de toekomst mogen geadopteerden dan weer wel, zittend tussen de witte, niet-geadopteerde medewerkers van overheids- en adoptiediensten die wél vergoed worden.

Vruchteloos wachten

Na zo’n 60 jaar vruchteloos wachten, zou het zwaartepunt van eventuele investeringen moeten liggen bij kwaliteitsvolle en toegankelijke zorg voor volwassen geadopteerden en hun (eerste) ouders, zowel in het kader van verwantschapsopsporing, psychologische ondersteuning en versterken van lotgenotencontact.
De noden van deze gigantische groep van vele tienduizenden mensen lijken me prioritair op die van kinderen die hier nog niet zijn en die zeer beperkt in aantal zullen zijn. Bovendien moet er gebruik gemaakt worden van een zeer fraudegevoelig en kostelijk systeem om hen hier te krijgen en eigenlijk is nu al geweten dat passende zorg voor hen ook hier ontbreekt, zowel qua kennis als qua beschikbaarheid. (Het probleem van de wachtlijsten in de zorg is, helaas ook wat dit dossier betreft, een al te bekend verhaal.)

Psychologische ondersteuning


De gevolgen van ingrijpende gebeurtenissen en trauma in de kindertijd zijn genoegzaam bekend. Pleegzorg Vlaanderen hanteert de visie dat elk pleegkind minstens 1 trauma heeft (meestal meer) omdat het gescheiden werd van de ouders. Geadopteerden en hun families van oorsprong werden en worden hierin zwaar miskend. Integendeel: geadopteerden worden verondersteld dankbaar te zijn voor het onomkeerbare en juridische verlies van hun ouders, familie, land, cultuur, voor de gedwongen, transnationale verplaatsing en het moeten wortelen in een vreemde omgeving.
Nochtans gelden de principes van ‘Vroeg en nabij’ en de impact van gebeurtenissen in die befaamde eerste 1000 dagen ook voor volwassen geadopteerden en voor de jonge, geadopteerde kinderen die momenteel in Vlaanderen verblijven.

(Lees verder onder het artikel.)


Heftige gebeurtenissen en trauma in de vroege kindertijd kunnen resulteren in levenslang lijden. Volwassen geadopteerden treden overal ter wereld meer en meer uit de schaduw en vertellen over hun beleving van angsten, pijn, verdriet, gemis en rouw.
Nog veel te vaak overlijden geadopteerden door zelfdoding. Volgens onderzoek is de kans op een poging daartoe 4 tot 5 keer hoger dan bij niet-geadopteerde leeftijdsgenoten uit een vergelijkbare socio-economische situatie. Ook in psychiatrische opnamecijfers en verslavingsstatistieken zijn geadopteerden oververtegenwoordigd.

Het gebrek aan kwalitatieve (!), trauma- en adoptiesensitieve hulpverlening rond afstaan, afgestaan zijn, verplaatsing en geadopteerd zijn, is gigantisch. Vragen en klachten (rond o.a. relaties, werk, angsten, depressieve klachten, lichamelijke klachten,…) waar een geadopteerde mee aanklopt, worden binnen de reguliere hulpverlening vaak niet herkend als zijnde een mogelijk gevolg van afstand en adoptie.

Binnen psychosociale opleidingen in Vlaanderen, therapieopleidingen, artsenopleidingen, lerarenopleidingen en bijgevolg binnen de hulpverleningssector zelf is er zeer weinig kennis rond de impact hiervan.
De nood aan kwaliteitsvolle en beschikbare psychologische hulp is torenhoog, niet enkel voor geadopteerden. Maar de tijd is gekomen voor de overheid om de eerst stappen te zetten in het nemen van verantwoordelijkheid voor het leed dat zij nog steeds mogelijk maken.

Verwantschapsopsporing


Zonder minstens garanties op een correct verloop van de procedure en volledige en juiste afstammingsinformatie lacht de overheid eigenlijk met tienduizenden mensen die na levenslang zoeken nooit familie vinden? of met de impact op mensen die na 40 jaar hoogstens een graf kunnen bezoeken. Ouders overlijden zonder dat zij ooit de kans kregen hun kind terug te zien. 
Het recht op identiteit, afstammingsinformatie en medische informatie, wordt geadopteerden én hun nakomelingen zonder verpinken ontzegd tot op de dag van vandaag.

(Lees verder onder het artikel.)


Er is nood aan gratis toegankelijke informatie over hoe te beginnen aan zoeken naar je familie; over DNA, DNA-databanken en diensten voor verwantschapsonderzoek in zowel zendende als ontvangende landen; juridische ondersteuning en informatie rond zaken als naamsverandering, dubbele nationaliteit aannemen, herroepen van adoptie, erkenning als slachtoffer van adoptiefraude,…

Prioriteiten


Elke voorgestelde beleidsaanbeveling is belangrijk. Daarom staken geadopteerden hun hart, ziel en vele uren vrijwilligerswerk in het meeschrijven aan die aanbevelingen.
Toch durf ik duidelijk te vragen dat als er budget wordt vrijgemaakt voor zorg, deze middelen dan eerst gaan naar de tienduizenden mensen die al decennialang nergens op konden rekenen. In plaats van dat er, zoals steeds in het verleden, voorrang gegeven wordt aan de noden van (kandidaat) adoptanten, adoptiediensten of aan een kostelijk en uiterst fraudegevoelig systeem om kinderen gedwongen te kunnen verplaatsen. Veelal omdat witte, niet-geadopteerde mensen bepalen hoe het leven van geadopteerden er hoort uit te zien en hoe ze zich zouden moeten voelen en gedragen.

Gelukkig zegt de Vlaamse overheid het belang van het kind, de geadopteerde, altijd voorop te stellen. Prioriteren, gepaste beleidskeuzes maken en een herverdeling van financiële middelen lijken me dan ook geen probleem te mogen vormen.


Na tientallen jaren adoptiefacilitatie met miljarden aan subsidies zou het een grove schande zijn als de focus niet zou liggen op ondersteuning van geadopteerden en hun ouders van oorsprong.

Renate Aera Van Geel werd geboren in Zuid-Korea en na 4 maanden voor adoptie naar België verplaatst. Ze studeerde Toegepaste psychologie en Sociale en culturele antropologie. Na 11 jaar werken binnen jeugdzorg coacht en begeleidt ze nu geadopteerden en hun omgeving bij de psycho-sociale moeilijkheden waar ze tegenaan lopen. Ze is aangesloten bij Adoptee & foster care (AFC) en oprichter van Adoptee & foster care België.

Partner Content