Opinie

Kiran Van der Avert

‘Ik ben geadopteerd en ik ben niet oké’

Kiran Van der Avert Scenariste

Knack Focus-columnist Paul Baeten stelt vijf zomerweken lang een nieuwe stem voor. Deze week: Kiran Van der Avert (1984), een Vlaamse scenariste, geboren in India en geadopteerd toen ze een jaar was.

Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Ik ben geadopteerd, maar alles is oké met mij.

Ik heb een bruin kleurtje, waar ik wel opmerkingen over krijg, maar iedereen heeft iets waarover hij opmerkingen krijgt.

Ik zie er anders uit dan mijn broers en ouders, maar we zijn een gezin zoals alle andere.

Zonder adoptie was ik in armoede of in een weeshuis opgegroeid of was ik misschien dood. Ik moet dankbaar zijn.

Als ik met mijn mama winkel, vragen mensen ons of we samen horen, maar dat vinden we grappig.

Ik ben geadopteerd en ik ben niet oké.

Ik word wekelijks in het Engels aangesproken, maar dat is eigenlijk heel attent van mensen.

Zowel Indiase mensen als racisten hier kijken beschuldigend naar mijn hand in die van mijn witte echtgenoot maar dat is logisch, zij kennen mijn situatie niet.

Ik ben onveilig gehecht en heb eindeloos behoefte aan bevestiging van anderen, maar iedereen heeft zijn zwaktes.

Mijn eveneens geadopteerde adoptiebroer heeft, na een levenslange zoektocht naar rust in het hoofd, meerdere zelfmoordpogingen ondernomen en is daar uiteindelijk ook in geslaagd, maar in elke familie komen wel sterfgevallen voor.

Vroege afwezigheid van de eerste moeder zorgt voor een verhoogd cortisol- en adrenalinegehalte, evenals een verlaagd serotoninegehalte, maar daarvoor is er therapie.

Ik ben eerst afgestaan, verbleef een jaar in een weeshuis in India, waarna ik naar België ben gehaald, waar alles anders was, iedereen er anders uitzag, alles anders rook, iedereen een andere taal sprak, maar hoeveel kan zo’n kleintje daar nu van merken?

Ontdek wie dit corrupte neokoloniale adoptiesysteem in stand houdt.

Ik vraag me al 38 jaar af waarom mijn eerste moeder deed wat ze deed, of ze mij echt wilde afstaan, of ik gekidnapt ben of een van de vele ongewenste Indiase meisjes was, of ze nog aan me denkt, of ze nog leeft, of ik haar dankbaar moet zijn, of ik boos op haar moet zijn, maar iedereen heeft wel onbeantwoorde vragen.

Nee.

Ik ben geadopteerd en ik ben niet oké.

Geadopteerden zijn oververtegenwoordigd in de criminaliteit en de psychische zorgsector, en proberen vier keer zo vaak uit het leven te stappen. Een reeks onmiskenbare trauma’s wordt onderdrukt uit angst om opnieuw afgewezen te worden, vooral door de omgeving. Zij die wel zichtbaar worstelen, worden bestempeld als ondankbare probleemgevallen en krijgen foute diagnoses, want adoptiesensitieve hulpverleners zijn schaars. Berg de stockfoto van het bruine kindje met de rijke westerling op, neem de vraag- en aanbodcijfers voor adoptie erbij en ontdek wie dit eerder corrupte neokoloniale systeem in stand houdt. Spoiler: het zijn niet de kindjes of arme families.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content