Jos Geysels

‘Laten we de aarde kouder en de samenleving warmer maken’

Jos Geysels Voorzitter van Decenniumdoelen, een samenwerkingsplatform rond armoede en ongelijkheid
Erik Vlaminck Auteur

Naar aanleiding van de Werelddag van Verzet Tegen Armoede schreven Jos Geysels en Erik Vlaminck het pamflet ‘Ten derde male’. Wij bieden hier een fragment aan. ‘Als we de wereld willen delen, moeten we die leefbaar houden en van ons gemeenschappelijk huis geen stortplaats maken. Anders valt er niets meer te delen.’


De hoge temperaturen, de droogte in vele arme landen, de bosbranden in Europa, de overstromingen – ook in België – zijn allemaal illustraties dat er iets serieus misloopt met ons klimaat. Niet iedereen is er evenwel van overtuigd dat we dringende verregaande maatregelen moeten nemen om het tij te keren. Nogal wat politici en allerlei populisten behoren tot de groep van de klimaatvertragers. Ze schermen met woorden als ‘haalbaar en betaalbaar’ en gebruiken de mensen in armoede om klimaatplannen af te zwakken, ook al gaven ze gedurende vele jaren deze mensen amper kansen om een menswaardig bestaan op te bouwen. Ze beseffen blijkbaar niet dat we maar één aarde hebben, geen twee of drie. Als we de wereld willen delen, moeten we die leefbaar houden en van ons gemeenschappelijk huis
geen stortplaats maken. Anders valt er niets meer te delen.

(Lees verder onder de afbeelding.)



Beseffen ze dan niet dat de opwarming de bestaande ongelijkheden vergroot? In 2019 wees een rapport van de Verenigde Naties op de ‘verwoestende gevolgen’ van de klimaatverandering waarbij slechts de rijken zullen kunnen ontsnappen aan ‘oververhitting, honger en conflict’. Onlangs wees de VN-baas António Guterres erop dat de klimaatrapporten lezen als ‘een atlas van menselijk lijden’.
De oorzaken zowel als de gevolgen van de opwarming zijn ongelijk verdeeld en brengen grotere ongelijkheid met zich mee. De klimaatcrisis is onrechtvaardig. Ze maakt de samenleving
kouder. Ze treft de zwaksten, overal in de wereld, het hardst. En dat terwijl juist de mensen die de minste middelen hebben minder energie gebruiken en het minst CO2 uitstoten. Ook inBelgië zijn het de armsten die het meest besparen op water, gas en elektriciteit.


Niets (of te weinig) tegen de klimaatopwarming ondernemen is het meest asociale wat we kunnen doen. ‘Hoe langer we het terugdringen van broeikasgassen uitstellen, hoe duurder ons adaptiebeleid wordt. Ik kan u zeggen: zich aanpassen aan een wereld die vier graden opwarmt, dát zal niet ‘betaalbaar’ zijn,’ zei Hans Bruyninckx, directeur van het Europees Milieuagentschap.
Niets doen zal dus veel poen kosten. En wie zal dan het kind van de rekening zijn? Daarover horen we de klimaatvertragers, die beweren zich zo’n zorgen te maken over de gewone man, veel minder.
We moeten vermijden dat de mensen met de kleinste voetafdruk het grootste deel van de klimaatfactuur gepresenteerd krijgen. We moeten ervoor zorgen dat we de koopkracht van de laagste inkomens verbinden met de draagkracht van de planeet. Klimaatrechtvaardigheid betekent dat we sociaal beleid en
klimaatbeleid niet los van elkaar kunnen zien. Anders geformuleerd; laat ons de aarde kouder en de samenleving warmer maken.

Jos Geysels en Erik Vlaminck, de auteurs van Ten derden male (Uitgeverij Vrijdag) schreven eerder de armoedeaanklacht De schande en de keerzijde (2014) en Uit woede en onbegrip (2019).

Partner Content