Opinie

Jan Goossens (UNICHIR)

‘De Congolezen rekenen op moedige gebaren van internationale leiders’

Jan Goossens (UNICHIR) Directeur UNICHIR (Unité Chirurgicale in Congo)

Het nieuws over 20.000 sportduiven waarvan er slechts enkelen terugkeerden naar hun ‘duivenkot’, beroert in komkommertijden meer dan allerlei smeulende wereldconflicten. ‘Waar zijn de vredesduiven voor de mensen in Oost-Congo?’, vraagt Jan Goossens van Unité Chirurgicale in Congo zich af.

De media stonden bol van de vermiste blauwe geschelpten. We hebben iets met die beestjes: ergernis in steden, prijsbeesten voor sommigen, een goochelattribuut, maar ook symbool van de vrede… Al dekt die symboliek op vele plaatsen in de wereld de lading niet meer: Syrië, Somalië, Yemen, Oekraïne, Oost-Congo,… geen vredesduif te bespeuren.

In de koffer van de uitgestelde reis van Paus Franciscus aan Congo moest alvast zo’n vredesduif meegereisd zijn. Met een bezoek aan Goma wilde de Paus er een hart onder de riem komen steken van de bevolking die al jaren geteisterd wordt door geweld en onveiligheid in de regio van de Grote Meren.

De keuze van Goma kon wel tellen want de stad ligt aan de voet van de vulkaan Nyiragongo die op 22 mei van vorig jaar voor het laatst uitbarstte en een spoor van vernieling en ellende achterliet. Krachtiger als symbool van onvoorspelbaarheid en verwoesting wordt het niet. Want met dezelfde infernale krachten overheersen gewapende groepen in de regio en terroriseren ze de bevolking al decennialang.

De Nyiragongo kan je ‘vergeven’, want natuurwetten laten zich niet dwingen. Maar de tirannieke aanwezigheid van milities allerhande benadrukt het diepgeworteld onvermogen van de Congolese overheid en de internationale gemeenschap om rust en vrede te brengen in Oost-Congo. Of is het onwil?

Op 6 mei van vorig jaar vaardigde President Tshisekedi de staat van beleg uit voor de provincies Noord-Kivu en Ituri. De militairen spreken zelf over een succes, maar de feiten spreken hen tegen: de onveiligheid nam er enkel toe en dag na dag zijn er rapporten te lezen over gewelddadige incidenten. Zo werden er op 8 mei ll. nog 38 mensen vermoord in Djugu, Ituri; op 7 juli ll. werden in het Centre de Santé in Lume 12 mensen vermoord, waaronder gehospitaliseerde patiënten die verkoold in hun bed achterbleven: een flagrante aanfluiting van het internationaal humanitair recht.

Kritiek op Verenigde Naties

De aanwezigheid van een vleugellamme MONUSCO-vredesmacht (een vredesmacht van de Verenigde Naties in de Democratische Republiek Congo) heeft dit dus andermaal niet kunnen voorkomen. Met hun achterafstrategie, ondertussen hun handelskenmerk, stonden ze er weer bij, keken ernaar… en registreerden.

De bevolking pikt dit niet langer en sinds vorige week braken er op verschillende plaatsen onlusten uit tegen de aanwezigheid van de MONUSCO waarbij alweer verschillende doden vielen. Triest orgelpunt was een schietincident het afgelopen weekend door MONUSCO-soldaten aan de Congolees-Oegandese grens in Kasindi. Mevrouw Bintou Keita, hoofd van de MONUSCO, kon amper woorden vinden om de gespannen situatie te ontmijnen.

‘Involved in peacekeeping’ is het adagium van de MONUSCO, maar zo te zien draagt hun duif alvast geen olijftakje (symbool van de hoop) meer in de bek, toch niet voor de moegetergde bevolking van Oost-Congo.

Zo was Bukavu op, 3 augustus, een ‘ville morte’, waarbij de bevolking opgeroepen wordt het maatschappelijk leven te laten stilvallen en zo hun ongenoegen te uiten tegen de MONUSCO.

Een discussie over blijven of vertrekken van de MONUSCO-troepen (een missie die nota bene 1,5 miljard dollar per jaar kost) is al enige tijd aan de gang. Het is een beetje kiezen tussen de pest en de cholera, maar hoe je het observatiemandaat van de MONUSCO ook draait of keert, een vertrek zal de chaos, de anarchie, de straffeloosheid en de onveiligheid allicht alleen maar doen toenemen.

De smerige strijd om de metalen van de toekomst is de belangrijkste gesel voor de bevolking van Oost-Congo.

Nog onder de indruk van zijn bezoek aan Congo, gaf Koning Filip in zijn 21-juli-toespraak duidelijk aan dat de internationale gemeenschap de nodige inspanningen moet doen om het conflict in Oost-Congo te helpen oplossen. Een oproep die klaarblijkelijk niet in dovemansoren is gevallen want Antony Blinken, de Minister van Buitenlandse Zaken van de Verenigde Staten, zal in augustus Congo en Rwanda bezoeken in een poging om de spanning tussen de twee landen te doen afnemen. Op de agenda staat alvast de M23-rebellie in de regio rond Rutshuru die haast openlijk gesteund wordt door het regime in Rwanda. Benieuwd of enige vingerwijzing niet zal worden afgedaan als een “Pelosi’tje” door Kigali…
Verder ook de komende verkiezingen in Congo.

Groene toekomst ten koste van Congo

En, jawel, de mijncontracten. De smerige strijd om de metalen van de toekomst is de belangrijkste gesel voor de bevolking van Oost-Congo en de ganse wereld speelt het welwillend op hun kap. Al in 2002 klaagde de vorig jaar overleden Mgr. Monsengwo de roofzucht aan van de buitenlandse bedrijven en omschreef hij het als een moreel en politiek schandaal.

Maar moraliteit en politieke correctheid zijn begrippen die met de dag meer onder het stof komen te liggen als het gaat over onze ‘e-leefwijze’: de verabsolutering van ons groen toekomstvisioen mag geen strobreed in de weg gelegd worden. En ach, dat mag al eens wat ellende kosten in Oost-Congo.

Tegenwoordig komt daar ook nog de westerse zoektocht naar gas en olie bij. Dat ontginning ervan economische voorspoed zal brengen in verschillende uithoeken van Congo is een voorwendsel dat door enkelingen graag zal gebruikt worden wanneer ze onderhands (en voor veel geld) de concessies zullen verkopen aan de buitenlandse firma’s. Om dan nog niet te spreken over de ecologische gevolgen voor een plaats zoals het Virungapark.

De Congolezen rekenen op moedige gebaren van internationale leiders die wereld om aandacht te vragen voor o.a. de moordpartijen, de verkrachtingen, de corruptie en de straffeloosheid en om het stof van die morele en politieke correctheid te blazen.

“When Doves Cry” zong Prince ooit, een uitdrukking die ernaar verwijst dat na een moeilijke periode ook alles weer goed komt.

Maar voor de bevolking van Oost-Congo ziet het er niet naar uit dat de (vredes)duif voorlopig landt.

Jan Goossens is directeur van Unichir (https://www.unichir.africa/nl)

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content