Tom Lanoye oppervlakkig verfilmd.
...

Tom Lanoye oppervlakkig verfilmd.De derde film van Jan Verheyen is ook de eerste waar je echt kunt naar kijken. De hoofdpersoon van ?Alles moet weg? (vanaf 27/11 in de bioscoop) is Tony ( Stany Crets), een rijkeluiszoon die het burgerleventje ontvlucht. Hij kapt met zijn studies, schaft zich een verroeste bestelwagen aan en gaat een louche handeltje drijven. De tribulaties van deze echte Belg worden gevat in een ironische Vlaamse road movie. Tijdens zijn picareske tocht komt Tony eerst allerlei flauwe plezante types tegen en wordt vervolgens geconfronteerd met de verlopen motorrijder André, een echte avonturier. Met zijn nieuwe buddy breekt hij binnen in de design villa van zijn uithuizige ouders, later plegen ze een faliekant aflopende bankoverval. Tussendoor probeert Tony makkelijk geld te verdienen als verzekeringsagent. De wijze waarop hij een stervend ?oud zot wijf? haar juwelen afhandig maakt, geeft nog het best de toon aan van deze episodische film : afwisselend schrijnend en satirisch, meedogend en wreedaardig maar altijd met een flinke scheut relativerende en ondermijnende humor. Tony vertelt zijn indianenverhalen aan zijn beste maat ( Bart De Pauw), doet er vaak een schepje bovenop, geeft zijn stommiteiten een andere draai en zet daardoor ook de toeschouwer op het verkeerde been. Dit grillig verhalend procédé, de uitgebreide praatscènes (er zijn absurde discussies over disco-bars, expressomachines, potgrond voor een bloemenwinkel) en het provocerend toontje maken er soms een Vlaamse versie van een farce van Bertrand Blier van. Alleen een rabiate Vlaamsblokker zal zich echter ergeren aan het weinig flatteus beeld dat van deze contreien wordt opgehangen. Tom Lanoye schreef zelf mee aan het scenario naar zijn gelijknamige cult-roman uit 1988. Hoewel Verheyen trouw blijft aan de geest van de roman, worden de scherpe kantjes toch wat afgevijld (zo zijn de homoseksuele fantasmen kordaat uit de film geweerd) en is de Antwerpse kluchtigheid opgedreven. Erger is dat er geen filmische equivalenten zijn voor Lanoyes literaire gevatheid. ?Alles moet weg? werd na jaren aanslepende productieperikelen zeer snel (25 dagen) en voor weinig geld (veertig miljoen frank) ingeblikt. Wat ook aan het resultaat te zien is : visueel is het allemaal erg banaal, lukraak en soms foeilelijk. Gebrek aan vaart en intrige kun je de film niet verwijten, maar het is duidelijk dat er meer inzat dan Verheyen er heeft kunnen uithalen. De meeste vertolkingen zijn uitstekend : Peter Van den Begin is een revelatie als Andreeke (gelukkig zijn we aan Jan Decleir ontsnapt) en dankzij Stany Crets voelen we toch af en toe mee met de oliedomme protagonist. Patrick Duynslaegher Stany Crets in Alles moet weg : oliedomme protagonist.