India is het land van de verpletterende armoede en de schaamteloze rijkdom, het land van enorme inkomensverschillen en grote sociale contrasten. Maar sinds het twintig jaar geleden aan een economische opmars begon, is India ook het land van de sociale klimmers, de strevers, de mensen die iets willen en kunnen maken van hun leven.
...

India is het land van de verpletterende armoede en de schaamteloze rijkdom, het land van enorme inkomensverschillen en grote sociale contrasten. Maar sinds het twintig jaar geleden aan een economische opmars begon, is India ook het land van de sociale klimmers, de strevers, de mensen die iets willen en kunnen maken van hun leven. Die groep, de 'nieuwe middenklasse', is inmiddels uitgegroeid tot 450 miljoen mensen, bijna de helft van de Indiase bevolking. De gezinnen van de nieuwe middenklasse hebben een jaarlijks inkomen tussen de 90.000 en 200.000 roepies (1000 tot 2500 euro) en willen daar meer van maken, zodat ze tot de betere middenklasse gaan horen of zelfs tot de kleine groep rijken (zoals Vipul Shah). Volgens onderzoeksbureaus gaat het ze deels lukken: ze voorspellen dat het aantal middenklassehuishoudens tussen 2005 en 2025 met 700 procent stijgt. Het zijn deze mensen, die streven naar de middenklasse, die Narendra Modi in mei aan de macht brachten als premier. Modi beloofde hun kansen, vooruitgang en economische groei. Zijn minister van Financiën, Arun Jaitley, benadrukte die boodschap vorige week nog eens. Bij de presentatie van de begroting noemde hij de nieuwe middenklasse liefst vijf keer. 'Degenen die de kans hebben hun moeilijke omstandigheden te ontgroeien, zijn ambitieus geworden', stelde hij opnieuw. De eerste Modi-begroting verschilt niet veel van de begrotingen van de vorige regering, maar in de details laat ze iets zien van wat belangrijk is voor Modi's achterban. Zijn kabinet zorgt ervoor dat merkkleding, schoenen, sieraden, computers, mobieltjes en kleine tv's goedkoper worden, net de producten die hoog op het verlanglijstje staan van mensen die iets extra's te besteden hebben. Niet alleen zijn ze de pure armoede ontgroeid, ze zijn ook consumenten geworden. Zo gaat tien procent van het geld dat zij niet aan voedsel uitgeven, tegenwoordig naar informatie en communicatie. Dat laatste aspect verwijst naar een van de twee centrale trends die verbonden zijn aan de opkomst van de nieuwe middenklasse: internetverbinding en urbanisatie. Modi trekt daarom miljarden roepies uit om breedband naar dorpen te brengen, maar steekt tegelijkertijd ook geld in het ontwikkelen van honderd 'slimme steden', satellietsteden bij de overvolle Indiase metropolen. Daarmee erkent hij dat de focus van de ambitieuze Indiër uiteindelijk niet in het dorp, maar in de stad ligt.TEKST IRIS LUDEKER, INTERVIEWS MARONA VAN DEN HEUVEL