Geen van de websites die vorige week dinsdag uitpakten met het nieuwste boek van Stephen King (51) bleek bestand tegen de stormloop. In vierentwintig uur tijd hadden vijfhonderdduizend internetgebruikers geprobeerd het boek te downloaden. De meesten slaagden er niet in - servers en pc's vielen bij bosjes uit - en werden op een wachtlijst geplaatst. Riding The Bullet, een 66 pagina's tellend horrorverhaal van het zuiverste gehalte, laat zich echter alleen op het net lezen.
...

Geen van de websites die vorige week dinsdag uitpakten met het nieuwste boek van Stephen King (51) bleek bestand tegen de stormloop. In vierentwintig uur tijd hadden vijfhonderdduizend internetgebruikers geprobeerd het boek te downloaden. De meesten slaagden er niet in - servers en pc's vielen bij bosjes uit - en werden op een wachtlijst geplaatst. Riding The Bullet, een 66 pagina's tellend horrorverhaal van het zuiverste gehalte, laat zich echter alleen op het net lezen. De student Alan Parker is op een avond liftend langs kleine baantjes onderweg naar het ziekenhuis in het afgelegen stadje waar zijn moeder na een hartaanval opgenomen is. De personages die zijn pad kruisen zijn klassiekers in het genre en lokken enkele freudiaanse hoogstandjes uit. Bovendien rieken ze eigenaardig, zozeer dat ze Parker doen wensen dat hij toch maar beter de drukke hoofdweg genomen had. Ze stellen zowel zijn verstand als zijn morele en fysieke integriteit zwaar op de proef. Het verhaal is bezaaid met details waarin pas de échte gruwel verscholen ligt. Een staaltje knappe technologie maakt het onmogelijk om Riding The Bullet te kopiëren of te printen. Letter en bladspiegel ogen zeer verzorgd, en vooral de lichtende diepte van de cover is schitterend: verlaten weg bij nacht, de maan als een oranje bol, mistslierten over de grond, akelige grafstenen, de uitvergrote duim van een lifter op de voorgrond. Het denderende tempo van het verhaal doet zijn titel alle eer aan. De meester schreef het terwijl hij langzaam herstelde van de kwalijke klap die hij in het begin van de zomer opgelopen had. Toen King in de buurt van zijn villa in Bangor, Maine, langs de rand van een landweg op wandel was, werd hij langs achteren gepakt door een bestelwagen. Door het wild tekeergaan van een hond in de wagen was de chauffeur de controle over het stuur kwijtgeraakt. Er moesten drie zware operaties aan te pas komen om de doorboorde long, het meervoudig gebroken been en de gebroken heup van de schrijver weer gelijmd te krijgen. DE ONDEUGD VAN HET ROKENOfficieel moest Riding The Bullet 2,5 dollar kosten, maar de grootste verdelers gaven het e-boek gratis weg. Het ging dan ook niet om een commerciële operatie maar om een proef om de kansen van het elektronische boek op de markt af te tasten. Zo te zien, is er nog werk aan de winkel. King zelf, al jaren gebruiker van een Macintosh, moest vaststellen dat zijn apparatuur niet compatibel was, en kreeg z'n eigen werkstuk niet gedownload. Voor de man die ooit het verhaal The Word Processor Of The Gods bedacht, waarin door een eenvoudige druk op de insert- en de delete-knop naar believen de aangeduide onderwerpen in en uit de wereld worden geholpen, was de teleurstelling des te groter. Overigens ziet hij het papieren boek nog niet zo gauw bedreigd door de elektronische variant, en gelooft hij veeleer in een samengaan van verschillende formaten. Geregeld laat hij zich tot exclusieve uitgaven verleiden. De recente bundel Blood & Smoke bestaat alleen op audiocassette en cd, en is door King zelf ingesproken. Twee van de drie daarin opgenomen verhalen - over de ondeugd van het roken - zijn onder geen enkele andere vorm verkrijgbaar. Van verscheidene boeken ( Firestarter, Cujo, Danse Macabre) zijn er zeldzame, bibliofiele en gesigneerde uitgaven in omloop. De sinds Alexandre Dumas en Charles Dickens in onbruik geraakte roman in serievorm, blies hij met The Green Mile nieuw leven in. Ook wat betreft het auteurschap houdt hij van variatie en experimenten. De jongensroman The Talisman, een avontuurlijke zoektocht naar de graal, schreven hij en Peter Straub op hun respectievelijke pc's. Telkens als een van hen een stuk klaar had, werd de kopij doorgemaild naar de ander, die er een vervolg aan breide. Ook verzon King een fictieve auteursnaam, Richard Bachman, om enkele romans en verhalen buiten het specifieke horrorgenre op de markt te brengen. Pas toen een nijvere student Bachmans ware identiteit achterhaalde, gooide King het masker af, waardoor de oplage van de Bachmanboeken een fikse klim maakte. Enkele van de beste Kingromans gaan over de horreurs van een gespleten schrijverschap. In The Dark Half krijgt de 'serieuze' schrijver Thad Beaumont - die in tijden van nood onder het pseudoniem George Stark de meest gore geweldromans pleegde en hem daarna het zwijgen oplegde - plots te maken met een verrezen Stark, die hem letterlijk naar het leven staat. En in Misery wordt de schrijver Paul Sheldon, die komaf wil maken met de heldin van meerdere van zijn boeken, door een krankzinnige fan gegijzeld en gedwongen om een nieuwe roman met Misery Chastain in de hoofdrol te schrijven. De fan, een verpleegster, had de auteur in haar macht gekregen toen deze na een auto-ongeval meer dood dan levend langs de weg lag. Ze sleepte hem naar haar verlaten landhuis en diende hem de pijnstiller Novril toe. TOEGEVEN AAN OBSESSIESMisery was een van de vele Kingromans ( Carrie door Brian de Palma, The Shining door Stanley Kubrick ) die verfilmd werden. Toen de actrice Kathy Bates, die de hoofdrol in Misery vertolkte, vernam dat de echte King in soortgelijke omstandigheden op apegapen lag, stuurde ze hem een kaartje met de laconieke boodschap: 'Got Novril?' De horrormeester is wel de laatste om zich erover te verbazen dat verzonnen gruwelijkheden op een dag dicht in de buurt van de werkelijkheid kunnen komen. Maar van ophouden wil hij niet weten. Het schrijven van horrorfictie komt neer op het toegeven aan obsessies en het bezweren van angsten, wat hem ervoor behoedt om waanzinnig te worden. Alleen het verhaal Rage, over een knaap die een geweer meeneemt naar school en er mensen begint neer te maaien, lag hem zwaar op de lever toen exact hetzelfde scenario zich reëel voltrok. Hij onttrok het aan publicatie. De universele angst en fascinatie voor wat er zich onder het redelijk verklaarbare schuilhoudt, drijft zijn fantasie en zijn pen altijd weer aan. Hij is veruit de productiefste, maar ook succesvolste en rijkste onder de schrijvers van horror & fantasy. Nochtans weet hij dat het een zware klus is, de lezer in iets totaal ongeloofwaardigs te doen geloven - stel, een auto die begint te leven ( Christine) of mensen die op batterijtjes functioneren en in dienst van een buitenaardse beschaving opereren ( The Tommyknockers). Dankzij zijn intact gebleven, kinderlijk ernstig gevoel voor het onwaarschijnlijke, voor het loerende monster onder het bed, blijft hij daarin slagen. En ook wel, misschien niet in het minst, dankzij zijn onovertroffen kunst om een verhaal te vertellen, en een wurgende spanning op te bouwen. Hij plant de horror bijna heimelijk in het herkenbaar alledaagse leven en laat het groeien tot het alles en bijna iedereen overwoekert. Dat hij daarvoor nogal eens karakters, situaties en stijl durft te verwaarlozen, deert hem niet zo erg. Louter op z'n talent teren, heeft hij nooit gedaan. Talent is een bot mes, weet hij. Alleen door keihard werken, wordt het scherp. Hoe psychopathisch en multiple-abnormaal vele van zijn personages ook mogen zijn, zelf leidt hij het rustige leven van een doorsnee-Amerikaan. In zijn huis met 25 kamers in Bangor leeft hij gelukkig getrouwd met de schrijfster Tabitha King, bij wie hij drie kinderen heeft. Zij was het die hem ooit tegenhield toen hij na de zoveelste afwijzing zijn roman Carrie (1974) in de vuilbak wou gooien. Hij betekende de doorbraak voor deze eenvoudige, slechtziende jongen uit Portland die op z'n vierde zijn vader nooit meer zag terugkeren van de sigarettenwinkel, maar op zolder diens kist vol horrorromans vond waarmee alles begon. En hij betekende zijn verlossing uit een leven als occasioneel leraar Engels en arbeider in een industriële wasserij. Als hij niets te doen heeft, kijkt hij naar baseball, speelt bowling en luistert naar rock-'n-roll. Met enkele collega-schrijvers musiceert hij in een bandje dat The Rock Bottom Remainders heet. Op zijn graf wil hij zien staan: Echtgenoot. Vader. Schrijver. Jan Braet