Frieda Gijbels (N-VA)

‘Meeste zorgverstrekkers willen de zorg ook betaalbaar houden, maar hun goodwill is niet oneindig’

Frieda Gijbels (N-VA) Kamerlid voor N-VA

‘Patiënten die ontevreden zijn over de tarieven van hun behandeling zijn, richten zich best tot het beleid, en niet tot de zorgeverstrekker’, schrijft Kamerlid en tandarts Frieda Gijbels (N-VA). ‘De huidige situatie zal leiden tot een zorg met twee snelheden.’

Wie onlangs een bezoek bracht aan zijn arts of tandarts, fronste waarschijnlijk met de wenkbrauwen bij het zien van de rekening. Sommige medische zorgverstrekkers zijn inderdaad niet geconventioneerd, dat wil zeggen dat zij zich niet houden aan de door de overheid vastgelegde tarieven voor zorg. Bij deze doe ik toch een oproep aan patiënten om hun onvrede met de tarieven niet te richten aan hun arts, maar wel aan het huidige beleid rond conventionering dat simpelweg niet meer van deze tijd is.

Een voorbeeldje uit mijn eigen beroepservaring als tandarts: de gevreesde wortelkanaalbehandeling. Een technische, complexe, en soms best wel pijnlijke behandeling die de laatste jaren sterk geëvolueerd is en dankzij innovatie minder onaangenaam en succesvoller geworden is. Op die manier kunnen mensen hun tanden langer behouden, waar zowel de patiënt als de sociale zekerheid bij wint. Maar de verouderde conventietarieven zijn niet berekend op die nieuwe technieken, wat zou betekenen dat de tandarts de ingreep bijna “voor niets” zou moeten uitvoeren.

Ook in de dermatologie is er een vergelijkbaar probleem. In het Vlaams gewest is maar liefst 84% van de huidartsen niet geconventioneerd omdat de tarieven niet berekend zijn op de behandelingen en de discipline hopeloos ondergefinancierd wordt. Een kwalijke zaak, gezien onze huid regelmatig laten controleren van levensbelang is.

Wat is dan de oplossing? Zo blijven doorgaan zodat meer artsen noodgedwongen kiezen voor niet-geconventioneerde tarieven of de tarieven van de overheid aanpassen aan de realiteit? Ik ben overtuigd van dat laatste. Minister van Gezondheid, Vandenbroucke, verklaarde in de Kamer dat de overheidstarieven inderdaad ontoereikend zijn, maar koos uiteindelijk toch om het geld bij de zorgverstrekkers te halen, in plaats van in eigen boezem te kijken. En zo ontstaat zorg met twee snelheden: full option of niet, al naargelang je sociale status. Iets waar een socialist nochtans tegen zou moeten zijn.

(Lees verder onder het artikel.)

Een ander sleutelwoord is preventie. Het probleem voorkomen in plaats van het steeds op te lossen. Daar is veel geld mee te winnen dat elders kan worden ingezet. Maar om daar volop op in te kunnen zetten, moet zowel preventie als curatie in één hand komen. Bij voorkeur die van de gemeenschappen, zodat elke gemeenschap ook haar eigen accenten kan leggen. Of werk maken van geïntegreerde zorg, waarbij de schotten tussen zorgverstrekkers en instellingen worden gesloopt en er een eind wordt gemaakt aan de kostelijke en inefficiënte versnippering. Met een suboptimale communicatie tussen zorgverstrekkers. Maar ook daarvoor moet de hele zorgketen naar hetzelfde niveau. Of uitzoeken hoe het komt dat de financiële situatie van sommige ziekenhuizen stelselmatig slechter is dan die van andere ziekenhuizen, bekijken in hoeverre administratieve rompslomp en middenkaders stokken in de wielen steken van een kwaliteitsvolle bedrijfsvoering. Waarom kleuren de cijfers van de ziekenhuizen die de hoogste ereloonsupplementen vragen roder dan die van ziekenhuizen die toekomen met lagere supplementen? Ook daarover blijft het stil. Kortom, de minister weigert om het fundamentele debat aan te gaan.

Ontken ik dat er bij sommige medische professionals onverklaarbare supplementen worden aangerekend bovenop het honorarium? Zeker niet. Maar juist daarom is het van uiterst belang dat de medische sectoren zelf worden aangespoord om te bekijken welke behandelingen niet meer aangerekend mogen worden omdat ze voorbijgestreefd zijn of geen wetenschappelijke onderbouw hebben. Of in welke hedendaagse behandelingen meer moet worden geïnvesteerd. Laat de disciplines zelf aan de slag gaan, binnen een vaste enveloppe en verschuif de index en de groeinorm naar sectoren die ondergewaardeerd worden. Dan bespaar je meteen op de dure consultants die nu worden ingezet om de honoraria en de nomenclatuur te evalueren.

Maar wat doet de minister in de plaats? Zorgverstrekkers verplichten om slechte tarieven te hanteren, een pseudosociale en populistische maatregel met potentieel perverse effecten. Want welke zorgverstrekker die in een discipline werkt met veel onaangepaste tarieven zal zich nog willen vestigen in regio’s waar er veel mensen wonen die recht hebben op die verhoogde tegemoetkoming?

Het is hoog tijd voor een eerlijk debat, eentje dat mensen die dag en nacht werken om hun patiënten de nodige zorg te bieden, niet langer culpabiliseert omdat ze daar correct vergoed voor willen worden. De meeste zorgverstrekkers willen de zorg ook betaalbaar houden, maar hun goodwill is nu eenmaal niet oneindig.

Partner Content