Duurdere huisarts en langer geboorteverlof: dit verandert er in de gezondheidszorg

© Getty Images
Trui Engels
Trui Engels Gezondheids- en wetenschapsjournalist Knack.be

Financiële sancties voor langdurig zieken, meer geboorteverlof en extra betalen voor de huisarts. Op 1 januari 2023 gaan enkele veranderingen in op het vlak van gezondheidszorg.

Er verandert in 2023 nogal wat op het vlak van gezondheidszorg.

  • Financiële sancties voor langdurig zieken

Langdurig zieken verliezen 2,5 procent van hun uitkering als ze na lang aandringen blijven weigeren om mee te werken aan het re-integratieproces. De nieuwe maatregelen maken deel uit van het ‘Terug naar Werk’-plan van federaal minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit). Ook bedrijven met relatief veel langdurige werknemers kunnen vanaf 1 januari een financiële sanctie krijgen. Vanuit het middenveld komt kritiek. Volgens de christelijke vakbond ACV en het christelijke ziekenfonds CM gaat het om maatregelen die niet effectief zijn, duwen ze zieken verder in de miserie en leiden ze de aandacht af van de hoofdoorzaak van een half miljoen langdurig zieken: het niet aanpakken van ziekmakend werk.

  • Huisarts wordt duurder

Het tarief voor een consultatie bij de huisarts en bepaalde specialisten wordt vanaf 1 januari 2023 30 euro in plaats van 27,25 euro. Het gaat enerzijds om de doorrekening van de indexering, maar ook deels om een opwaardering van de laagste consultatiehonoraria, waaronder dat voor huisartsen. Voor de patiënt verandert er niets. Het remgeld blijft onveranderd op 4 euro voor patiënten met een globaal medisch dossier, 6 euro voor patiënten zonder en 1 euro voor patiënten met een voorkeurstarief. Ook bij specialisten blijft het remgeld hetzelfde: 12 euro voor niet-voorkeurstarieven en 3 euro voor patiënten met een voorkeurstarief.

  • Volledig rookverbod op de perrons in treinstations

In alle 550 treinstations in België geldt voortaan een algemeen rookverbod. Dat verbod geldt ook in open lucht: roken en vapen mag dus ook niet meer op het perron. Het volledige rookverbod is de laatste stap in het rookvrij maken van het spoorwegdomein. Sinds 2004 mag er niet meer gerookt worden in de trein, en later kwam er ook een rookverbod in de stations en op overdekte perrons.  Wie het verbod overtreedt, riskeert een boete van minstens 50 euro. ‘Een tabaksvrije omgeving beschermt reizigers en spoorwegpersoneel tegen de schadelijke gevolgen ervan’, aldus de NMBS. ‘Dit gaat ook kopieergedrag tegen, met name bij jongeren en kinderen die gebruikmaken van de perrons.’

  • Leerkrachten kunnen eenvoudiger terug naar de klas na lange ziekte

Voorheen moesten leerkrachten minstens de helft van hun opdracht weer opnemen, maar nu wordt tewerkstelling vanaf 20 procent mogelijk. Zo zou iemand dus al één dag per week kunnen terugkeren of enkele uren per dag opnemen. Het loon zou dan worden aangevuld met een ziekte-uitkering. De nieuwe regelgeving zorgt er ook voor dat een gewoon doktersbriefje volstaat om ziekte te verantwoorden. Vroeger was een speciaal medisch attest verreist dat enkel voor leerkrachten bestond.

  • Geboorteverlof opgetrokken naar 20 dagen

Voor geboortes die vanaf 1 januari 2023 plaatsvinden, wordt het geboorteverlof (het vroegere vaderschapsverlof) voor vaders en meemoeders opgetrokken van vijftien naar twintig dagen. In grote lijnen is het geboorteverlof van toepassing op werknemers uit de privésector, contractuele personeelsleden in overheidsdienst en zelfstandigen. Elke werknemer heeft, ongeacht zijn arbeidsregime, recht om in de vier maanden vanaf de dag van de bevalling twintig dagen afwezig te zijn van het werk. Tijdens de eerste drie dagen van het geboorteverlof behoudt de werknemer zijn volledige loon ten laste van zijn werkgever. Daarna wordt een uitkering toegekend door de ziekenfondsen: het bedrag van die uitkering is vastgesteld op 82 procent van het gederfde brutoloon. Bij de geboorte van een tweeling of een meerling wordt het geboorteverlof maar één keer toegekend.

  • Arbeidsongeschikte zelfstandigen weer aan de slag zonder voorafgaande toelating arts

Vandaag moet een zelfstandige op voorhand toelating krijgen van de adviserend arts van zijn ziekenfonds om een activiteit gedeeltelijk uit te oefenen met het oog op een volledige of gedeeltelijke re-integratie op de arbeidsmarkt. Voortaan zou het volstaan dat de zelfstandige de aangepaste werkhervatting meedeelt en toelating aan de adviserend arts vraagt uiterlijk de eerste werkdag die de aangepaste werkhervatting voorafgaat.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content