De profeet Mohammed wordt weggeknipt uit de nieuwe editie van Dante's 'De goddelijke komedie'. Die beslissing botst op heel wat verontwaardiging, want van literair werelderfgoed 'blijf je af' klinkt het her en der. De kritiek op deze schrapping is weliswaar wat selectief, maar daarom niet minder terecht.

Wie schrijft die blijft. Althans zo wil de uitdrukking het. Want menig auteur doorheen de geschiedenis heeft achteraf al kunnen vaststellen dat geschreven woorden vroeg of laat een eigen leven gaan leiden wanneer ze op het publiek worden losgelaten. Verhalen en teksten worden gerecycleerd, vertaald, herkneed en aangepast aan de huidige context. Het bewerken en herinterpreteren van verhalen en beelden uit het verleden is nu eenmaal een van de belangrijkste drijfveren om aan cultuur te doen. Dat was vroeger niet anders. De 'Illias' en 'Odyssee', mijlpalen in de westerse cultuur, zijn vermoedelijk samenstellingen van talloze mondeling overgeleverde verhalen die slechts heel geleidelijk aan een geheel gingen vormen. De Bijbel bevat talloze verhalen die in feite heidense mythes zijn, overgoten met een christelijk sausje. Teksten dus die aangepast werden om beter in de toenmalige tijdsgeest te passen. Geen haan die ernaar kraaide, tenzij die van Petrus misschien.

Ook in de beeldende kunsten was (en is) het herwerken van oude verhalen schering en inslag. Onze beroemde Vlaamse primitieven schilderden bijbelse personages bijvoorbeeld consequent in modieuze Bourgondische kledij. Net omdat die verhalen beter zouden aansluiten bij de eigentijdse smaak en zo vlotter opgepikt zouden worden door toenmalige kijkers.

Als knippen kwetsend wordt: wie helemaal niemand voor de borst wil stoten, moet Dante volledig cancellen.

Ook in recentere tijden vinden we het maar normaal dat verhalen en teksten aangepast worden om beter te passen bij onze tijdsgeest. Niemand verwacht bijvoorbeeld dat de kleuterjuf uw kroost trauma's bezorgt door de oorspronkelijke versie van Sneeuwwitje voor te lezen. De versie waarin de boze stiefmoeder op het huwelijk van Sneeuwwitje gloeiend hete ijzeren muiltjes aan moet en het bevel krijgt te dansen tot ze er dood bij neervalt. Toen Tom Lanoye met 'Risjaar Modderfokker den Derde' Shakespeares personage een brutaal eigentijdse versie gaf, zal een enkele stiff upper lip-Shakespeareliefhebber daar misschien verontwaardigd over gedaan hebben, maar de rest van ons haalde de schouders op en genoot van 'Ten Oorlog'.

Waarom stuit de schrapping van Mohamed bij Dante dan zo tegen de borst? De motivatie van de uitgeverij is, indien het niet om een loos marketingpraatje gaat, nobel: culturele klassiekers toegankelijk maken voor een jong publiek. Zelf heb ik destijds heel wat religieuze verhalen leren kennen via een toegankelijke kinderbijbel en daar ben ik nog elk museumbezoek dankbaar voor. Wanneer ik kunstgeschiedenis doceer, gaat de helft van mijn collegetijd 'verloren' aan mijn studenten uitleggen waar al die bijbelse en mythologische verhalen ook weer over gaan. Toegankelijke initiatieven om verhalen uit het verleden opnieuw relevant te maken en tot het collectieve geheugen te doen behoren zijn dus wel degelijk noodzakelijk. We moeten daarbij dus niet te gecrispeerd reageren op eigentijdse adaptaties van dé culturele canon. Een Disneyfilm over Hercules wekt bij kinderen wellicht interesse in klassieke culturen, een walsje van André Rieu doet u mogelijk bij de Mattheuspassie van Bach belanden. Een toegankelijke versie van Dante voor jongeren is misschien een opstapje naar een universitaire studiekeuze in die richting.

Toch stelt zich de vraag of jongeren Dante tot nu toe massaal links lieten liggen door de -korte- verwijzing naar Mohammed wiens romp als schismaticus opengereten wordt? En of de uitgever vanuit een politiek correcte redenering niet net polarisatie in de hand werkt? Aan de twittertoog weerklinkt immers weer luid de roep dat 'wij' door 'hen' altijd alles moeten opgeven, maar wie was eigenlijk vragende partij voor deze schrapping? En waarom werd enkel deze specifieke passage vanuit onze eigentijdse gevoeligheden en bekommernissen geëvalueerd? In Dante's hellevuur bevinden zich namelijk tal van groepen en individuen die daar naar onze huidige maatstaven niet langer thuishoren. Is het niet 'kwetsend' voor nabestaanden om te lezen dat zelfdoding resulteert in een eeuwig verblijf in de zevende kring van de hel? Is de manier waarop gulzigheid in het zesde terras van de louteringsberg voorgesteld wordt niet 'fat phobic'? Waarom vond men het niet nodig om de sodomieten van het helse vuur te bevrijden?

Het 'probleem' met Dante's werk is dat een bijzonder complex werk is, dat zich niet zomaar laat updaten door hier en daar een zin weg te knippen. Enerzijds is De goddelijke komedie een modern werk dat in de volkstaal, doorspekt met tragikomische elementen een encyclopedische synthese geeft van de kennis van die tijd. Wetenschappelijke inzichten uit de Oudheid en religieuze levensbeschouwingen gaan er hand in hand. Het geïndividualiseerde vertelperspectief kondigt voorzichtig de renaissance aan waarin het menselijke perspectief het goddelijke zou gaan overstijgen. Hier en daar heeft Dante zelfs medelijden met de gestrafte zondaars. Maar tegelijk blijft het een door en door middeleeuws boek dat een morele zedenles wil bieden. Dante reflecteert over het concept zonde en wie volgens hem in het Inferno dan wel het Paradiso thuishoort. De recente ophef over de hernieuwde weigering van het Vaticaan om homoseksuele relaties te zegenen, toont hoe hard onze samenleving worstelt met traditionele opvattingen over zonde en zondaars.

Wie niemand voor de borst wil stoten 'cancelt' die hele Dante maar beter in z'n totaliteit. Maar dat kan onmogelijk het streven zijn van een uitgeverij die net nog een nieuwe vertaling op de markt brengt. Laat beeldend kunstenaars, theatermakers en vertalers dus gerust creatief aan de slag gaan met Dante. Maar een louter selectief wegwissen van bepaalde passages getuigt van weinig historisch inzicht in de manier waarop iconische teksten constant aangepast werden om een nieuw publiek te bereiken. Verstandiger was dus geweest om De goddelijke komedie van verklarende voetnoten te voorzien en een inleiding te schrijven waarin de figuur Dante en de socio-economische, politieke, culturele en religieuze context van veertiende-eeuws Europa bevattelijk uitgelegd wordt. Op die manier zouden we Dante in de klas kunnen lezen en studenten erop wijzen dat hun opvattingen over goed en kwaad evenmin in steen gebeiteld staan. Zo'n tekst schrijven op maat van het beoogde jonge publiek is weliswaar een veel moeilijkere taak dan het schrappen van een aantal mogelijks kwetsende zinnen, maar oneindig veel interessanter.

Jonas Roelens is historicus verbonden aan de UGent

De profeet Mohammed wordt weggeknipt uit de nieuwe editie van Dante's 'De goddelijke komedie'. Die beslissing botst op heel wat verontwaardiging, want van literair werelderfgoed 'blijf je af' klinkt het her en der. De kritiek op deze schrapping is weliswaar wat selectief, maar daarom niet minder terecht.Wie schrijft die blijft. Althans zo wil de uitdrukking het. Want menig auteur doorheen de geschiedenis heeft achteraf al kunnen vaststellen dat geschreven woorden vroeg of laat een eigen leven gaan leiden wanneer ze op het publiek worden losgelaten. Verhalen en teksten worden gerecycleerd, vertaald, herkneed en aangepast aan de huidige context. Het bewerken en herinterpreteren van verhalen en beelden uit het verleden is nu eenmaal een van de belangrijkste drijfveren om aan cultuur te doen. Dat was vroeger niet anders. De 'Illias' en 'Odyssee', mijlpalen in de westerse cultuur, zijn vermoedelijk samenstellingen van talloze mondeling overgeleverde verhalen die slechts heel geleidelijk aan een geheel gingen vormen. De Bijbel bevat talloze verhalen die in feite heidense mythes zijn, overgoten met een christelijk sausje. Teksten dus die aangepast werden om beter in de toenmalige tijdsgeest te passen. Geen haan die ernaar kraaide, tenzij die van Petrus misschien. Ook in de beeldende kunsten was (en is) het herwerken van oude verhalen schering en inslag. Onze beroemde Vlaamse primitieven schilderden bijbelse personages bijvoorbeeld consequent in modieuze Bourgondische kledij. Net omdat die verhalen beter zouden aansluiten bij de eigentijdse smaak en zo vlotter opgepikt zouden worden door toenmalige kijkers. Ook in recentere tijden vinden we het maar normaal dat verhalen en teksten aangepast worden om beter te passen bij onze tijdsgeest. Niemand verwacht bijvoorbeeld dat de kleuterjuf uw kroost trauma's bezorgt door de oorspronkelijke versie van Sneeuwwitje voor te lezen. De versie waarin de boze stiefmoeder op het huwelijk van Sneeuwwitje gloeiend hete ijzeren muiltjes aan moet en het bevel krijgt te dansen tot ze er dood bij neervalt. Toen Tom Lanoye met 'Risjaar Modderfokker den Derde' Shakespeares personage een brutaal eigentijdse versie gaf, zal een enkele stiff upper lip-Shakespeareliefhebber daar misschien verontwaardigd over gedaan hebben, maar de rest van ons haalde de schouders op en genoot van 'Ten Oorlog'. Waarom stuit de schrapping van Mohamed bij Dante dan zo tegen de borst? De motivatie van de uitgeverij is, indien het niet om een loos marketingpraatje gaat, nobel: culturele klassiekers toegankelijk maken voor een jong publiek. Zelf heb ik destijds heel wat religieuze verhalen leren kennen via een toegankelijke kinderbijbel en daar ben ik nog elk museumbezoek dankbaar voor. Wanneer ik kunstgeschiedenis doceer, gaat de helft van mijn collegetijd 'verloren' aan mijn studenten uitleggen waar al die bijbelse en mythologische verhalen ook weer over gaan. Toegankelijke initiatieven om verhalen uit het verleden opnieuw relevant te maken en tot het collectieve geheugen te doen behoren zijn dus wel degelijk noodzakelijk. We moeten daarbij dus niet te gecrispeerd reageren op eigentijdse adaptaties van dé culturele canon. Een Disneyfilm over Hercules wekt bij kinderen wellicht interesse in klassieke culturen, een walsje van André Rieu doet u mogelijk bij de Mattheuspassie van Bach belanden. Een toegankelijke versie van Dante voor jongeren is misschien een opstapje naar een universitaire studiekeuze in die richting. Toch stelt zich de vraag of jongeren Dante tot nu toe massaal links lieten liggen door de -korte- verwijzing naar Mohammed wiens romp als schismaticus opengereten wordt? En of de uitgever vanuit een politiek correcte redenering niet net polarisatie in de hand werkt? Aan de twittertoog weerklinkt immers weer luid de roep dat 'wij' door 'hen' altijd alles moeten opgeven, maar wie was eigenlijk vragende partij voor deze schrapping? En waarom werd enkel deze specifieke passage vanuit onze eigentijdse gevoeligheden en bekommernissen geëvalueerd? In Dante's hellevuur bevinden zich namelijk tal van groepen en individuen die daar naar onze huidige maatstaven niet langer thuishoren. Is het niet 'kwetsend' voor nabestaanden om te lezen dat zelfdoding resulteert in een eeuwig verblijf in de zevende kring van de hel? Is de manier waarop gulzigheid in het zesde terras van de louteringsberg voorgesteld wordt niet 'fat phobic'? Waarom vond men het niet nodig om de sodomieten van het helse vuur te bevrijden? Het 'probleem' met Dante's werk is dat een bijzonder complex werk is, dat zich niet zomaar laat updaten door hier en daar een zin weg te knippen. Enerzijds is De goddelijke komedie een modern werk dat in de volkstaal, doorspekt met tragikomische elementen een encyclopedische synthese geeft van de kennis van die tijd. Wetenschappelijke inzichten uit de Oudheid en religieuze levensbeschouwingen gaan er hand in hand. Het geïndividualiseerde vertelperspectief kondigt voorzichtig de renaissance aan waarin het menselijke perspectief het goddelijke zou gaan overstijgen. Hier en daar heeft Dante zelfs medelijden met de gestrafte zondaars. Maar tegelijk blijft het een door en door middeleeuws boek dat een morele zedenles wil bieden. Dante reflecteert over het concept zonde en wie volgens hem in het Inferno dan wel het Paradiso thuishoort. De recente ophef over de hernieuwde weigering van het Vaticaan om homoseksuele relaties te zegenen, toont hoe hard onze samenleving worstelt met traditionele opvattingen over zonde en zondaars. Wie niemand voor de borst wil stoten 'cancelt' die hele Dante maar beter in z'n totaliteit. Maar dat kan onmogelijk het streven zijn van een uitgeverij die net nog een nieuwe vertaling op de markt brengt. Laat beeldend kunstenaars, theatermakers en vertalers dus gerust creatief aan de slag gaan met Dante. Maar een louter selectief wegwissen van bepaalde passages getuigt van weinig historisch inzicht in de manier waarop iconische teksten constant aangepast werden om een nieuw publiek te bereiken. Verstandiger was dus geweest om De goddelijke komedie van verklarende voetnoten te voorzien en een inleiding te schrijven waarin de figuur Dante en de socio-economische, politieke, culturele en religieuze context van veertiende-eeuws Europa bevattelijk uitgelegd wordt. Op die manier zouden we Dante in de klas kunnen lezen en studenten erop wijzen dat hun opvattingen over goed en kwaad evenmin in steen gebeiteld staan. Zo'n tekst schrijven op maat van het beoogde jonge publiek is weliswaar een veel moeilijkere taak dan het schrappen van een aantal mogelijks kwetsende zinnen, maar oneindig veel interessanter. Jonas Roelens is historicus verbonden aan de UGent