Is Zuhal een bemoeial? ‘De minister gedraagt zich te vaak als directeur onder de directeurs’

demir
Al in 2017, toen Zuhal Demir nog staatssecretaris was in de regering-Michel, kreeg ze de bijnaam ‘Zuhal Moeial’. © BELGA
Tex Van berlaer
Tex Van berlaer Journalist Knack

Zuhal Demir vocht afgelopen week hard tegen de perceptie van vriendjespolitiek. Terecht of onterecht, de heisa rond de N-VA-minister van Onderwijs komt voort uit een ruimere wrevel over haar micromanagement op het niveau van de school. Dat stuit steeds meer mensen tegen de borst.

Het was vorige week een ogenschijnlijk kleine beslissing van Zuhal Demir, de Vlaamse minister van Onderwijs. De N-VA-politica besliste om zogenaamde leerpleinen niet langer te subsidiëren. Scholen met leerpleinen hebben naast aparte klassen ook grote binnenruimtes waar leerlingen alleen of in kleine groepjes werken.

Onderwijsspecialisten steunen Demirs beslissing: er bestaat wetenschappelijk bewijs dat tegen leerpleinen pleit. Het achtergrondlawaai zou, bijvoorbeeld, de concentratie van vooral zwakkere leerlingen schaden. Maar in Het Nieuwsblad sprak Katholiek Onderwijs Vlaanderen over een ‘nieuwe portie micromanagement vanuit de overheid’.

Die woordkeuze was bewust, zegt topman Bruno Vanobbergen. ‘De minister heeft drie grote werven op onderwijskundig gebied: de uitrol van het kennisrijk curriculum, een toekomstvisie op echte inclusieve scholen en de focus op het Nederlands. Wij waarderen het dat ze haar nek uitsteekt en voor middelen zorgt. Dan is de vraag: hoe gaan wij ermee aan de slag?’ En daar knelt het schoentje. ‘Onze directies, met wie wij voortdurend in contact staan, voelen dat ze weinig vertrouwen krijgen. De minister gedraagt zich te vaak als directeur onder de directeurs. Als we het enthousiasme voor Demirs grote werven niet willen verliezen, mogen directies niet beknot worden in hun autonomie door micromanagement.’

8,25 miljoen euro

De voorbije dagen kwam minister Demir natuurlijk ook met een andere zaak in het nieuws: de subsidies voor hogeschool Thomas More. Ook daar kwam het verwijt van micromanagement naar boven, niet van Vanobbergen, maar van meerderheid én oppositie.

Alles draait om een subsidie van 8,25 miljoen euro voor het expertisecentrum Onderwijs en Leren, onder leiding van Tim Surma. Dat centrum van Thomas More moet helpen om de nieuwe minimumdoelen, de vroegere eindtermen, uit te rollen. Surma is een voortrekker van het kennisrijke curriculum, en dat is precies wat die nieuwe minimumdoelen beogen.

De beslissing van Demir volgde op een opmerkelijke stopzetting van een overheidsopdracht voor een expertisecentrum in juni, omdat de vraag in het bestek niet goed geformuleerd zou zijn. De Inspectie van Financiën noemde de stopzetting achteraf ‘geen teken van goed beleid’. Ze kwam er omdat de instelling van Surma zich niet had ingeschreven – en voor Demir is dat een ‘ijkpunt’.

Happy few

De zaak leidde vorige week donderdag tot een dramatische zitting in het Vlaams Parlement. Met de smartphone in de hand, dicht bij de microfoon, toonde Demir een TikTokfilmpje in de commissie Onderwijs. De opgetrokken wenkbrauwen van de minister waren ook achter in de vergaderzaal duidelijk te zien.

Op haar beeldscherm viel parlementslid Hannelore Goeman van coalitiepartner Vooruit de N-VA-minister aan vanwege haar subsidies voor Thomas More. Goeman vreesde dat goed onderwijs in Vlaanderen enkel dreigt weggelegd te zijn voor de ‘happy few’. Het schouwspel duurde zo’n 45 lange seconden. Demir zei dat Goemans dossierkennis ‘onbestaande’ is. Wat de socialistische politica zei in het filmpje – dat na samenspraak op het niveau van de partijvoorzitters offline werd gehaald – vergeeft Demir haar ‘nooit meer’.

‘Er is geen transparantie over de reden waarom, van alle experts in Vlaanderen, slechts een select clubje zo veel te zeggen krijgt.’

Zelden verweerde de minister zich zo agressief als in de zaak-Thomas More. De N-VA’ster ziet in de affaire dan ook een beschadigingsoperatie: ‘Ze weten dat woorden als corruptie of machtsmisbruik niet kloppen. Maar wat ze wel weten, is dat die misschien blijven plakken.’

Achteraf gaf Demir toe dat ze geen schoonheidsprijs verdient voor haar aanpak. Een bron die het dossier van nabij opvolgt, verwoordt het minder diplomatisch: ‘Haar kabinet bestaat uit een bende amateurs die niet weet hoe de regels in elkaar zitten.’

Select clubje experts

Het is een publiek geheim dat Tim Surma hoog staat aangeschreven bij Demir. Voor de minister maakt hij komaf met de ‘pretpedagogie’ uit het verleden – een term van Bart De Wever (N-VA) die Demir trouwens zelf niet in de mond neemt.

Zelfs de oppositie steekt haar appreciatie voor Surma niet onder stoelen of banken. Volkomen terecht, zegt onderwijsexpert Dirk Van Damme. ‘Tim heeft het hele veld van Vlaamse onderwijskundigen in een kleine tien jaar tijd in hun hemd gezet. Alle scholen hij begeleidt, zijn lovend. Hij wordt getutoyeerd door de beste experts ter wereld. Hij zit al langer te worstelen aan zijn hogeschool, waar hij met dertig mensen werkt. Dankzij het geld van Demir kan hij nu voorzien in basisfinanciering.’

Surma hoort ook bij de experts die onder leiding van hoogleraar cognitieve psychologie Wouter Duyck (UGent) de lerarenopleiding moeten hervormen. Onder hen ook onderwijsexpert Daniel Muijs, die samen met Surma de pen vasthield bij de minimumdoelen en deel uitmaakt van het project dat 8,25 miljoen euro krijgt.

Al in 2017, toen ze nog staatssecretaris was in de regering-Michel, kreeg Demir de bijnaam ‘Zuhal Moeial’.

Wat de lerarenopleiding betreft, klinkt CD&V-parlementslid Loes Vandromme bezorgd. ‘Voor een goede hervorming moeten alle experts mee aan tafel zitten. Niet dat Thomas More geen goed werk levert – verre van – maar voor bijvoorbeeld wiskunde hebben we specifieke experts nodig.’ Vandromme vindt het voorbeeld tekenend voor een breder probleem. ‘Er is geen transparantie over de reden waarom, van alle experts in Vlaanderen, slechts een select clubje zo veel te zeggen krijgt.’

Een bron met decennialange ervaring in de lerarenopleiding verwoordt het zo: ‘Uiteraard is onderwijsbeleid niet waardenvrij. Maar waarom mogen alleen de experts van dat ene clubje de waarden en normen van de hele Vlaamse leergemeenschap uittekenen?’

Olifant

Pertinente vragen blijven onbeantwoord, vindt Vlaams Parlementslid Stephanie D’Hose (Open VLD). ‘In het Thomas More-voorstel zou 480.000 euro gaan naar medewerkers van Queen’s University in Noord-Ierland. Daarnaast krijgt Daniel Muijs 195.000 euro om vijf jaar telkens dertig werkdagen tegen 1500 euro per dag een internationaal expertennetwerk uit te bouwen. Hoe komt dat netwerk onze leerlingen en scholen ten goede?’ Een onderwijsonderzoeker staat versteld: ‘Voor 195.000 euro kan ik twee medewerkers een volledig jaar tewerkstellen.’

Groen-parlementslid Kim Buyst vroeg en kreeg – dankzij de onthoudingen van Vooruit en CD&V – ook hoorzittingen. ‘Het gebeurt nog dat overheidsaanbestedingen worden stopgezet’, zegt Buyst, ‘maar dan moet de argumentatie wel kloppen. Ik heb vandaag meer vragen dan antwoorden.’ Ze wil onder meer juridische experts en de consortia die wél hadden ingetekend op de ingetrokken overheidsopdracht uitnodigen. Die laatste overwegen overigens juridische stappen.

Dirk Van Damme kadert de zaak-Thomas More in de sturm-und-drang van Demir. Haar doel is duidelijk: de dalende onderwijskwaliteit keren door in te zetten op kennisrijk onderwijs, met meer focus op Nederlands, wiskunde en goed gedrag. ‘De manier waarop zij aan politiek doet, lijkt op een olifant in een porseleinkast. Misschien heeft ze de neiging om af en toe over een grens te gaan. Dat is in een complex en star systeem als onderwijs ook onvermijdelijk. Maar tot op vandaag blijft dat allemaal binnen de perken.’

Niet iedereen in het veld is het daarmee eens. Steeds vaker klinkt er ongenoegen over wat zij zien als de bemoeizucht van de minister.

Toiletten afschaffen

Demir is dan ook als een wervelwind door het onderwijs gegaan. Met het smartphoneverbod pakte ze de scholen in snelheid: een verbod in het lager onderwijs was afgesproken in het Vlaams regeerakkoord, en dat werd prompt uitgebreid naar het middelbaar. De maatregelen, die populair zijn bij ouders en zeker ook bij verschillende scholen, wekten wrevel op bij directeurs die al een eigen beleid hadden uitgetekend.

Ook mediageniek was Demirs vraag om minder pedagogische studiedagen en vakantiedagen. De periode tussen het laatste examen en de vakantie moet voor haar korter worden. En zowel 1 september als 30 juni moet een volwaardige lesdag worden. Lestijd is een prioriteit voor Demir, die tot onvrede van vele directies de samenstelling van de klassenraad wil bepalen.

De beslissing veroorzaakte commotie. Via sociale media circuleerden oproepen tot een leerlingenstaking op 22 januari. Die virale mobilisatie werd nog gekruid door fake news. Een artikel van de satirische website deKorrel blijft hardnekkig de ronde doen. Sommige leerlingen geloven vandaag nog altijd dat Demir de toiletten in scholen wil afschaffen om geen seconde lestijd te missen. Het parket van Limburg moest optreden na bedreigingen aan het adres van de minister.

Binnen de Vlaamse meerderheid van N-VA, Vooruit en CD&V ging het er opnieuw hard aan toe. ‘Ik zou graag hebben dat de insinuaties dat leerkrachten met hun vingers draaien, zouden stoppen’, zei CD&V-voorzitter Sammy Mahdi in de nasleep van de aankondiging. Demir reageerde op Facebook: ‘Hoe typerend was het niet om te zien hoe Mahdi bij de eerste tegenwind alle moed verloor en zijn kar keerde.’

Scholen onder voogdij

Maar ook dossiers die meer onder de waterlijn bleven, veroorzaken gemor. Om het Nederlands in de klas te stimuleren, eist Demir dat elke school voor gewoon basisonderwijs minstens één taalexpert aanduidt. In november besliste de minister dat directeurs voortaan in bepaalde gevallen de toestemming krijgen om lockers en rugzakken te controleren. Daarnaast moet elke school een gedragsexpert aanstellen. ‘Maar voor die maatregel zijn directeurs geen vragende partij. Het schaadt de vertrouwensband met de leerling volledig’, zegt een ervaringsdeskundige.

‘Onze directies, met wie wij voortdurend in contact staan, voelen dat ze weinig vertrouwen krijgen.’

Dat Demir, in de nasleep van de VRT-reeks Basisschool Balder, hardop nadacht over de mogelijkheid om probleemscholen tijdelijk onder voogdij van de minister te plaatsen, kwam voor velen als een schok.

Onderwijsexpert Haydée De Loof van de Karel de Grote Hogeschool vindt de frictie logisch. ‘In het onderwijs spelen altijd twee fundamentele principes tegelijk: de vrijheid van onderwijs, een grondwettelijk recht, en de verantwoordelijkheid van de politiek, die volkomen legitiem is. De overheid moet via een wettelijk kader garanderen dat het onderwijs overal aan een minimale kwaliteitsnorm voldoet. Op die kruising zit altijd een spanningsveld, en de gevoeligheid stijgt logischerwijs wanneer de onderwijskwaliteit daalt, en het beleid sturend wil ingrijpen.’

Geuzennaam

Toch omzeilde Demir een van de belangrijkste klippen van haar ministerschap: de nieuwe minimumdoelen in het basisonderwijs. Die moeten ervoor zorgen dat leerlingen ‘een duidelijke en systematische opbouw van kennis krijgen’, en worden de komende jaren stapsgewijs uitgerold. Tijdens het ministerschap van Demirs voorganger Ben Weyts (N-VA) zorgden de nieuwe minimumdoelen in de tweede en derde graad van het secundair onderwijs nog voor een open oorlog met het katholiek onderwijs. Vandaag stappen alleen de steinerscholen naar het Grondwettelijk Hof.

Daarnaast wordt gehoopt dat Demir eindelijk een nieuw loopbaanpact uitrolt voor leerkrachten. Verschillende van haar voorgangers beten daarop hun tanden stuk. Het gaat over gevoelige onderwerpen zoals het loon en het aantal lesuren dat leerkrachten effectief voor de klas moeten staan. Dat is allemaal cruciaal om de job van leerkracht aantrekkelijk te maken. ‘Ik ben optimistisch over haar aanpak’, zegt Van Damme.

Het doel blijft telkens hetzelfde: de onderwijskwaliteit opkrikken. De vraag kan dus ook gesteld worden of het kwakkelende Vlaamse onderwijs niet net een micromanager nodig had. Al in 2017, toen ze nog staatssecretaris was in de regering-Michel, kreeg Demir de bijnaam ‘Zuhal Moeial’. ‘Ik vind dat eigenlijk niet slecht’, zei ze destijds. Meer zelfs, ze zou het een geuzennaam vinden. Een klein decennium later lijkt er weinig veranderd.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Expertise