Hoe Halloween ons veroverde: ‘Parallel met katholieke Allerzielen is niet toevallig’

© Getty
Jeroen de Preter
Jeroen de Preter Redacteur Knack

In nauwelijks twintig jaar tijd duwde het uit Amerika overgewaaide Halloween de katholieke traditie – Allerzielen en Allerheiligen – naar de achtergrond. Hoe kon dat zo snel gebeuren? En waarom leidde dat niet tot een cultuuroorlog?

‘Het is me dit jaar ook opgevallen’, zegt Walter Weyns, docent sociologie en cultuurkritiek aan de Universiteit Antwerpen. ‘De omvang die Halloween aanneemt, begint groteske vormen aan te nemen. Je kunt nergens komen of er is wel een Halloweenfestival. In zo goed als elke winkel springen de pompoenen en skeletten meteen in het oog. Het is in korte tijd echt groot geworden.’

Vraag is hoe dat kon gebeuren. Een jonge twintiger vertrouwde me toe dat ze als kleuter Halloween leerde kennen door, achter de rug van de ouders, naar Disney Channel en Nickelodeon te kijken.

Walter Weyns: Uiteraard zal de zogenaamde veramerikanisering een rol spelen. Trends in de Europese populaire cultuur komen in de regel van de overkant van de oceaan overgewaaid. Die culturele hegemonie bestaat al decennia en houdt, onder meer door toedoen van spelers als Disney, nog altijd stand. Maar ook commerciële berekening speelt hier zeker een rol. We zien al even de opkomst van wat de ‘belevingseconomie’ wordt genoemd: misschien wel belangrijker dan een dienst of een product is de ervaring of beleving die ermee gepaard gaat. Omdat die belevingen per definitie kortstondig van aard zijn, moet de commercie voortdurend op zoek naar nieuwe momenten. De cyclus van het jaar kan daarbij helpen. De razendsnelle opkomst van Halloween laat zien dat er, binnen de drukke agenda van Kerstmis, Sinterklaas, Valentijn enzovoort nog ruimte was om een nieuw moment te creëren.

Niet alles wat de commercie ons probeert op te dringen, wordt zo’n eclatant succes.

Weyns: Dat klopt. Ik acht bedrijven en handelaars tot veel in staat, maar ik geloof niet dat ze ons dingen kunnen aanpraten die we compleet waardeloos vinden. Je kunt je misschien wel één keer tegen je zin naar zo’n Halloweenfestival laten slepen, maar je zult pas terugkeren als je je herinnert dat het aangenaam of betekenisvol was. Dat brengt ons bij misschien wel het interessantste aspect van dit fenomeen. Halloween put uit een oude mythische onderlaag. Het feest bevat een antropologisch gegeven dat in tal van culturen aanwezig is: een fascinatie voor de overgang van de lichte periode naar de donkere, oftewel de schemerzone tussen leven en dood.

Er lijkt een groot verschil te bestaan tussen de uitgeholde pompoen van Halloween en de bos chrysanten van Allerzielen, maar de antropologische verwantschap is duidelijk.

Halloween wortelt in de Keltische wereld, een cultuur waarin veel waarde aan die overgang werd gehecht. Die overgang verklaart waarom er hier allerhande vreemde geesten opduiken. Het zijn wezens in de schemerzone tussen hemel en aarde. Het is niet toevallig dat hier een parallel bestaat met de katholieke Allerzielentraditie. Allerzielen is de dag waarop gebeden wordt voor de zielen die nog in het vagevuur zitten, in de tussenwereld tussen leven en dood en licht en donker. In dit interregnum gebeuren fantasmagorische dingen die buiten de normale, rationele orde vallen.

Op dat aspect speelt Halloween veel duidelijker in.

Weyns: Ja, en daardoor slaat het ook veel directer aan bij kinderen – de weg waarlangs deze traditie onze gewesten is binnengekomen. Halloween kapitaliseert op de emoties waarop ook sprookjes en griezelfilms kapitaliseren. Ze wekken angsten op, maar dat vinden we niet onaangenaam en zelfs aantrekkelijk, in de wetenschap dat we er zonder kleerscheuren uit zullen komen.

U verwees zonet naar de katholieke traditie, en de parallel met Allerheiligen en Allerzielen. Het is opmerkelijk hoe snel Halloween die katholieke feestdagen in de verdrukking brengt.

Weyns: Het is maar de vraag hoezeer die feesten uit elkaar te trekken zijn. Wat wij ‘katholieke traditie’ noemen, is in veel gevallen een recuperatie van bestaande heilige plekken of feestdagen. Zoals de katholieken Romeinse tempels overnamen en er kerken van maakten, zo zijn feestdagen of bijzondere plekken uit de heidense wereld door katholieken overgenomen en in een licht gewijzigde deel gaan uitmaken van ‘de katholieke traditie’. Aan een heilige heidense boom werd een Mariabeeld gehangen, en klaar was Kees. Er lijkt een groot verschil te bestaan tussen de uitgeholde pompoen van Halloween en de bos chrysanten van Allerzielen, maar de antropologische verwantschap is duidelijk.

Rond tradities is vandaag een grote gevoeligheid ontstaan. Herdoop de ‘kerstmarkt’ tot ‘wintermarkt’ en er breekt ei zo na een burgeroorlog uit. Die ‘culture war’ zie je opmerkelijk genoeg niet bij de verdringing van Allerzielen en Allerheiligen door Halloween.

Weyns: Je zou dat kunnen uitleggen door te verwijzen naar de Europese wortels van de Halloweentraditie, maar ik weet niet of dat als verklaring volstaat. Wellicht heeft het er meer mee te maken dat we aan Halloween geen diepere waarde toekennen. Als een ‘kerstmarkt’ plots ‘wintermarkt’ gaat heten, kan het gevoel ontstaan dat er aan iets geraakt wordt wat ons met onze ouders en onze grootouders verbindt. Dat het om een diefstal gaat van iets wat ons na aan het hart ligt. Die emotionele waarde is er niet bij Allerzielen en Halloween. Aan Halloween doe je mee je omdat je het, een beetje tongue in cheek, leuk vindt om wat te griezelen. We zien het als een gekkigheidje, en zijn ons niet bewust van het feit dat het appelleert aan iets diepers.

Partner Content