De ontwerpers van het nieuwe Het Steen, noAarchitecten, kregen de voorbije maanden - nog voor het werk af was - flink wat kritiek te slikken over de keuze om een grijs bakstenen gebouw tegen het 'oorspronkelijke' te plaatsen. Het woord 'koterij' viel en er volgde zelfs een petitie om het weer af te breken.

De controverse rond Het Steen is echter verre van nieuw. Aan het complex werd door de jaren heen al vaak gesleuteld en zowat elk stadsbestuur brak zich het hoofd over de meest geschikte invulling. Van een oudheidkundig museum ging het naar een scheepvaartmuseum en begin deze eeuw werd er nog met weinig succes een educatief project voor jongeren in ondergebracht. Ook een aanbouw uit de jaren 1950 moest het steevast ontgelden bij historici en architecten. Die heeft nu plaatsgemaakt voor een stuk dat qua structuur en materiaal meer zou moeten aansluiten bij het verleden van Het Steen.

'We vertrekken altijd vanuit de geschiedenis en de logica van het oude gebouw', zegt Jitse van den Berg van noAarchitecten, die eerder al onder meer het Museum Plantin-Moretus in Antwerpen en het In Flanders Fields Museum in Ieper onder handen namen. 'Het Steen als dusdanig is ontstaan in de 19e eeuw bij het rechttrekken van de Scheldekaaien, als rest van de middeleeuwse stad en het idee om daar een vrijstaand kasteel aan de Schelde van te maken. Dat was een noodzakelijk idee om dit restje stad een krachtige bestemming te geven. Wij hebben er dan ook voor gekozen om er een gebouw bij te zetten dat Het Steen als geheel zo herkenbaar houdt.'

Antwerps schepen van Toerisme Koen Kennis (N-VA) is alvast wél een tevreden man. 'Het Steen stond al jaren leeg, mensen stonden bij wijze van spreken aan de poort te rammelen omdat men het prachtige oude gebouw wilde bekijken', zegt hij. 'Dat konden we niet langer zo laten. Daarom hebben we er een toegangspoort van de stad van gemaakt, een plek waar mensen de stad kunnen ontdekken. Vergelijk het met de eerste pagina's van een reisgids: je leert over de geschiedenis en de leuke plekken van de stad, maar ook over de wijken en de haven. We hopen dat de mensen van hieruit "goesting" krijgen om de rest van de stad te gaan verkennen.'

Kennis relativeert ook de commotie rond de nieuwe aanbouw. 'Initieel was het een poort van de stad en dat wordt het nu terug', zegt hij. 'Je hebt nu ook een uitkijktoren en een mooi terras met een prachtig uitzicht over de Schelde. Maar commotie is eigen aan de Antwerpenaar en aan een nieuw gebouw in Antwerpen. Er zijn weinig gebouwen die hier worden neergezet waarvan iedereen meteen zegt "hoera, dit is prachtig!". Het Steen maakt dat nu ook mee. Maar ik ben ervan overtuigd dat de Antwerpenaar ook dit gebouw op termijn in de armen zal sluiten. Ik nodig iedereen uit om te komen kijken, dan ga je ook overtuigd geraken.'

Sommige onderdelen van Het Steen, zoals de stadswinkel en de nieuwe toren aan de Schelde, zijn voortaan gratis toegankelijk. Voor een ander deel, een soort 'belevingscentrum' over Antwerpen en haar bezienswaardigheden, betaal je 7 euro voor een ticket.

De ontwerpers van het nieuwe Het Steen, noAarchitecten, kregen de voorbije maanden - nog voor het werk af was - flink wat kritiek te slikken over de keuze om een grijs bakstenen gebouw tegen het 'oorspronkelijke' te plaatsen. Het woord 'koterij' viel en er volgde zelfs een petitie om het weer af te breken. De controverse rond Het Steen is echter verre van nieuw. Aan het complex werd door de jaren heen al vaak gesleuteld en zowat elk stadsbestuur brak zich het hoofd over de meest geschikte invulling. Van een oudheidkundig museum ging het naar een scheepvaartmuseum en begin deze eeuw werd er nog met weinig succes een educatief project voor jongeren in ondergebracht. Ook een aanbouw uit de jaren 1950 moest het steevast ontgelden bij historici en architecten. Die heeft nu plaatsgemaakt voor een stuk dat qua structuur en materiaal meer zou moeten aansluiten bij het verleden van Het Steen.'We vertrekken altijd vanuit de geschiedenis en de logica van het oude gebouw', zegt Jitse van den Berg van noAarchitecten, die eerder al onder meer het Museum Plantin-Moretus in Antwerpen en het In Flanders Fields Museum in Ieper onder handen namen. 'Het Steen als dusdanig is ontstaan in de 19e eeuw bij het rechttrekken van de Scheldekaaien, als rest van de middeleeuwse stad en het idee om daar een vrijstaand kasteel aan de Schelde van te maken. Dat was een noodzakelijk idee om dit restje stad een krachtige bestemming te geven. Wij hebben er dan ook voor gekozen om er een gebouw bij te zetten dat Het Steen als geheel zo herkenbaar houdt.' Antwerps schepen van Toerisme Koen Kennis (N-VA) is alvast wél een tevreden man. 'Het Steen stond al jaren leeg, mensen stonden bij wijze van spreken aan de poort te rammelen omdat men het prachtige oude gebouw wilde bekijken', zegt hij. 'Dat konden we niet langer zo laten. Daarom hebben we er een toegangspoort van de stad van gemaakt, een plek waar mensen de stad kunnen ontdekken. Vergelijk het met de eerste pagina's van een reisgids: je leert over de geschiedenis en de leuke plekken van de stad, maar ook over de wijken en de haven. We hopen dat de mensen van hieruit "goesting" krijgen om de rest van de stad te gaan verkennen.'Kennis relativeert ook de commotie rond de nieuwe aanbouw. 'Initieel was het een poort van de stad en dat wordt het nu terug', zegt hij. 'Je hebt nu ook een uitkijktoren en een mooi terras met een prachtig uitzicht over de Schelde. Maar commotie is eigen aan de Antwerpenaar en aan een nieuw gebouw in Antwerpen. Er zijn weinig gebouwen die hier worden neergezet waarvan iedereen meteen zegt "hoera, dit is prachtig!". Het Steen maakt dat nu ook mee. Maar ik ben ervan overtuigd dat de Antwerpenaar ook dit gebouw op termijn in de armen zal sluiten. Ik nodig iedereen uit om te komen kijken, dan ga je ook overtuigd geraken.' Sommige onderdelen van Het Steen, zoals de stadswinkel en de nieuwe toren aan de Schelde, zijn voortaan gratis toegankelijk. Voor een ander deel, een soort 'belevingscentrum' over Antwerpen en haar bezienswaardigheden, betaal je 7 euro voor een ticket.