Het kapitalisme heeft het zwaar te verduren. Het krijgt de schuld voor de toenemende ongelijkheid, de milieuvervuiling, de coronapandemie, de opwarming van de aarde en de chronische stress waaronder we lijden. Ook de democratie krijgt klappen. De grootste en meest dominante democratieën in het rijke Westen kreunen onder maatschappelijke ontevredenheid, politieke versplintering en polarisatie. Als gemakkelijkheidsoplossing hebben we onze politici benoemd tot permanente zondebok voor onze allerindividueelste frustraties.

Uit onvrede met de politieke beslissingen ontstaat hier en daar de luchtspiegeling dat een verlichte autocratie op zijn Chinees misschien zo slecht nog niet zou zijn. Anderen dromen van een technocratische regering die het overheidsapparaat eens flink onder handen neemt en het overheidsbeleid de juiste richting uitstuurt. Er zouden beslissingen genomen worden, het zou tenminste vooruitgaan. En we zouden vooral niet de hele tijd moeten piekeren over hoe politieke beslissingen ons dagelijkse leven beïnvloeden. Politiek als muzak op de achtergrond bij de barbecue.

De sterke staat en de betrokkenheid van burgers houden elkaar in een precair evenwicht.

Zo werkt het helaas niet. Democratie is niet het onvermijdelijke eindpunt van de politieke geschiedenis. Het is niet het maatschappelijke walhalla waar na kort en efficiënt overleg vlot de optimale beslissing wordt genomen, tot instemmend gebrom van de voltallige bevolking. Democratie is een permanent en georganiseerd conflict tussen een sterke staat, die de rechtsorde afdwingt en publieke goederen levert, en zijn bevolking die op allerlei manieren een actieve participatie in de beslissingen van die sterke staat afdwingt. Democratie is dus altijd in beweging en inherent fragiel.

Precair evenwicht

De sterke staat en de betrokkenheid van burgers houden elkaar in een precair evenwicht. Belemmer de actieve betrokkenheid van burgers en maatschappelijke spelers door de mediavrijheid te ondermijnen en maatschappelijke oppositie te criminaliseren en de staat wordt dominant. Dan krijg je autocratieën, zoals China en Rusland, en regelrechte dictaturen, zoals Noord-Korea. Ook een aantal andere Europese staten, zoals Hongarije en Polen, ondermijnen de vrijheden van hun burgers en zitten op het hellend vlak naar autocratie. Het is de droom van sommigen.

Bekijk ook de video: kan een democratie bestaan zonder kapitalisme?

Maar neem de sterke staat weg en je krijgt in veel gevallen een redelijk gewelddadige en onvrije stagnatie. In het beste geval is dat een maatschappij met veel overleg, maar ook zonder al te veel perspectief en sociale mobiliteit, waar mensen gevangen zitten in onveranderlijke tradities en een vaste maatschappelijke rang en stand. In het slechtste geval krijg je anarchie waarin geweld bepaalt wie goederen en andere mensen controleert en clantrouw, familie-eer en bloedwraak de ultieme bron van maatschappelijke organisatie en justitie vormen. Het is de droom van anderen.

Mijn droom is dat precaire evenwicht tussen sterke staat en maatschappelijke betrokkenheid dat je niet vanzelf bereikt en dat zichzelf niet in stand houdt. Daron Acemoglu en James Robinson noemen het 'the narrow corridor' tussen despotisme en anarchie. Het is lastig, wringt altijd een beetje en vreet energie, maar het werkt fantastisch. Alleen in die smalle gang tussen despotisme en anarchie ontstaat ware vooruitgang waarbij mensen zowel uit de verstikkende kooi van traditionele gedachten en gewoonten bevrijd worden als onder het juk van de despotische staat vandaan komen.

Hard werken

Dat is hard werken. De overheid probeert haar terrein te vergroten en de maatschappelijke spelers proberen haar macht te sturen in de richting die zij wensen. Zelfs met de beste bedoelingen blijft dat lastig. De maatschappelijke spelers willen soms diametraal tegenovergestelde dingen, en de overheid weet zelf niet altijd wat het beste is. Het coronabeleid is een goed voorbeeld van dat democratisch georganiseerde meningsverschil. Maar het kordate Chinese beleid waar sommigen naar verlangen, zou ons linea recta op het hellend vlak richting autocratie brengen.

Deze smalle gang van democratie heeft kapitalisme nodig. Niet het neoliberale kapitalisme van 'winst boven alles' en 'de markt heeft altijd gelijk', die historische ideologische aberratie die allang voorbij haar houdbaarheidsdatum is. Wel het kapitalisme waarbij mensen recht hebben op een eigen huis, een eigen land, een eigen bedrijf, en een eigen mening. Het kapitalisme waar mensen zich kunnen verenigingen om samen iets te bereiken, of dat nu een bedrijf, een coöperatie, een culturele organisatie, een sportclub, een vakbond, een belangenvereniging of een politieke partij is.

Wat is de kracht van de maatschappelijke betrokkenheid als je voor huisvesting en levensonderhoud volledig afhangt van de overheid en je mening en overtuigingen alleen worden gevormd en gevoed door staatsmedia en overheidsverenigingen? Het begint met volkseducatie en eindigt met de intellectuele monocultuur van propaganda en repressie. In landen waar de maatschappij volledig onder de controle van de overheid valt, verdwijnt eerst de vrijheid, dan de democratie en uiteindelijk de vooruitgang. Het is een gedoe, die democratie, maar niets dat de moeite waard is, komt vanzelf.

Dit opiniestuk verscheen op 2 juni ook in De Tijd.

Het kapitalisme heeft het zwaar te verduren. Het krijgt de schuld voor de toenemende ongelijkheid, de milieuvervuiling, de coronapandemie, de opwarming van de aarde en de chronische stress waaronder we lijden. Ook de democratie krijgt klappen. De grootste en meest dominante democratieën in het rijke Westen kreunen onder maatschappelijke ontevredenheid, politieke versplintering en polarisatie. Als gemakkelijkheidsoplossing hebben we onze politici benoemd tot permanente zondebok voor onze allerindividueelste frustraties.Uit onvrede met de politieke beslissingen ontstaat hier en daar de luchtspiegeling dat een verlichte autocratie op zijn Chinees misschien zo slecht nog niet zou zijn. Anderen dromen van een technocratische regering die het overheidsapparaat eens flink onder handen neemt en het overheidsbeleid de juiste richting uitstuurt. Er zouden beslissingen genomen worden, het zou tenminste vooruitgaan. En we zouden vooral niet de hele tijd moeten piekeren over hoe politieke beslissingen ons dagelijkse leven beïnvloeden. Politiek als muzak op de achtergrond bij de barbecue.Zo werkt het helaas niet. Democratie is niet het onvermijdelijke eindpunt van de politieke geschiedenis. Het is niet het maatschappelijke walhalla waar na kort en efficiënt overleg vlot de optimale beslissing wordt genomen, tot instemmend gebrom van de voltallige bevolking. Democratie is een permanent en georganiseerd conflict tussen een sterke staat, die de rechtsorde afdwingt en publieke goederen levert, en zijn bevolking die op allerlei manieren een actieve participatie in de beslissingen van die sterke staat afdwingt. Democratie is dus altijd in beweging en inherent fragiel.De sterke staat en de betrokkenheid van burgers houden elkaar in een precair evenwicht. Belemmer de actieve betrokkenheid van burgers en maatschappelijke spelers door de mediavrijheid te ondermijnen en maatschappelijke oppositie te criminaliseren en de staat wordt dominant. Dan krijg je autocratieën, zoals China en Rusland, en regelrechte dictaturen, zoals Noord-Korea. Ook een aantal andere Europese staten, zoals Hongarije en Polen, ondermijnen de vrijheden van hun burgers en zitten op het hellend vlak naar autocratie. Het is de droom van sommigen.Bekijk ook de video: kan een democratie bestaan zonder kapitalisme?Maar neem de sterke staat weg en je krijgt in veel gevallen een redelijk gewelddadige en onvrije stagnatie. In het beste geval is dat een maatschappij met veel overleg, maar ook zonder al te veel perspectief en sociale mobiliteit, waar mensen gevangen zitten in onveranderlijke tradities en een vaste maatschappelijke rang en stand. In het slechtste geval krijg je anarchie waarin geweld bepaalt wie goederen en andere mensen controleert en clantrouw, familie-eer en bloedwraak de ultieme bron van maatschappelijke organisatie en justitie vormen. Het is de droom van anderen.Mijn droom is dat precaire evenwicht tussen sterke staat en maatschappelijke betrokkenheid dat je niet vanzelf bereikt en dat zichzelf niet in stand houdt. Daron Acemoglu en James Robinson noemen het 'the narrow corridor' tussen despotisme en anarchie. Het is lastig, wringt altijd een beetje en vreet energie, maar het werkt fantastisch. Alleen in die smalle gang tussen despotisme en anarchie ontstaat ware vooruitgang waarbij mensen zowel uit de verstikkende kooi van traditionele gedachten en gewoonten bevrijd worden als onder het juk van de despotische staat vandaan komen.Dat is hard werken. De overheid probeert haar terrein te vergroten en de maatschappelijke spelers proberen haar macht te sturen in de richting die zij wensen. Zelfs met de beste bedoelingen blijft dat lastig. De maatschappelijke spelers willen soms diametraal tegenovergestelde dingen, en de overheid weet zelf niet altijd wat het beste is. Het coronabeleid is een goed voorbeeld van dat democratisch georganiseerde meningsverschil. Maar het kordate Chinese beleid waar sommigen naar verlangen, zou ons linea recta op het hellend vlak richting autocratie brengen.Deze smalle gang van democratie heeft kapitalisme nodig. Niet het neoliberale kapitalisme van 'winst boven alles' en 'de markt heeft altijd gelijk', die historische ideologische aberratie die allang voorbij haar houdbaarheidsdatum is. Wel het kapitalisme waarbij mensen recht hebben op een eigen huis, een eigen land, een eigen bedrijf, en een eigen mening. Het kapitalisme waar mensen zich kunnen verenigingen om samen iets te bereiken, of dat nu een bedrijf, een coöperatie, een culturele organisatie, een sportclub, een vakbond, een belangenvereniging of een politieke partij is.Wat is de kracht van de maatschappelijke betrokkenheid als je voor huisvesting en levensonderhoud volledig afhangt van de overheid en je mening en overtuigingen alleen worden gevormd en gevoed door staatsmedia en overheidsverenigingen? Het begint met volkseducatie en eindigt met de intellectuele monocultuur van propaganda en repressie. In landen waar de maatschappij volledig onder de controle van de overheid valt, verdwijnt eerst de vrijheid, dan de democratie en uiteindelijk de vooruitgang. Het is een gedoe, die democratie, maar niets dat de moeite waard is, komt vanzelf.