Ann Peuteman
Ann Peuteman
Redactrice bij Knack
Opinie

31/03/10 om 09:29 - Bijgewerkt om 09:29

'Buuten!'

Jean-Marie Dedecker is dezer dagen de grootste handicap van zijn partij.

Jean-Marie Dedecker is dezer dagen de grootste handicap van zijn partij. Veel erger is echter dat hij ook het belangrijkste verkoopargument is.

'Ik ben een fier mens', zei Jean-Marie Dedecker nadat hij zaterdag was herkozen als voorzitter van zijn Lijst Dedecker (LDD). Veel om trots op te zijn heeft hij nochtans niet. Steeds meer LDD'ers vinden dat hij zijn ijzeren greep op de partij moet lossen, plaatselijke partijleden komen constant in opspraak of opstand, en volgens de laatste peilingen weet de LDD amper nog over de kiesdrempel te klauteren.

Dat Dedecker bij de voorzittersverkiezing 80 procent van de stemmen binnenhaalde, is ook al niet echt om over naar huis te schrijven. Om te beginnen is dat niet de stalinistische score die je zou verwachten van de founding father van de partij. Bovendien hebben veel LDD'ers met dichtgeknepen billen op hem gestemd.

Want hoewel ze bij de LDD blijven beweren dat ze binnenkort genoeg maturiteit zullen hebben om de partijnaam te veranderen en Jean-Marie Dedecker met pensioen te sturen, gelooft niemand in alle ernst dat pakweg Stef Goris het roer kan overnemen. Dus zit de LDD vast aan Jean-Marie Dedecker, die tegelijkertijd haar grootste kracht en gevaarlijkste struikelblok is.

Toen hij drie jaar geleden met een eigen partij begon, kreeg Dedecker nochtans de onvoorwaardelijke steun van een hele schare volgelingen die alleen maar bewondering hadden voor zijn stoere taal en franke mond. Na zijn fenomenale resultaat bij de federale verkiezingen van 2007 kwamen daar nog eens een pak goudzoekers en querulanten bij.

Allemaal onderschatten ze één ding: de koppigheid van Jean-Marie Dedecker. Want die is duidelijk niet van plan om de leden met zijn partij aan de haal te laten gaan. 'Pas op of ik smieten joen buuten', tiert de Oostendenaar geregeld in de telefoon als er weer eens een LDD'er openlijk zijn gal heeft gespuwd.

Eind 2009 werd het Mortselse gemeenteraadslid Patrick Ghys al wandelen gestuurd, eerder dit jaar kreeg Dedeckers compagnon de voyage Boudewijn Bouckaert een publiekelijke bolwassing na een al te openhartig interview in Knack, en nu wil de voorzitter Chris Dobbelare eruit.

Nu is dat laatste waarschijnlijk niet zo'n slecht idee. Als kandidaat-voorzitter trok Dobbelaere van leer tegen de (nochtans billijke) vergoeding die Dedecker als voorzitter incasseert, daarna toeterde hij dat de voorzittersverkiezing niet fair was verlopen, en nu wil hij Dedecker uit de partij laten zetten. De man lijkt dus niet meteen een grote troef te zijn.

De vraag is wel of Dobbelaeres uitsluiting ook maar iets zal oplossen. Ondanks zijn nogal stuntelige aanvallen behaalde hij vorig weekend toch nog 10 procent van de stemmen, en dat toont ontegensprekelijk aan dat de LDD dezer dagen overkookt van ongenoegen.

'De aanvallen op mijn persoon en op de partij moeten stoppen', commandeerde Jean-Marie Dedecker meteen na zijn herverkiezing.
Dat deed verdacht veel denken aan de woorden van een wanhopige voorzitter die zijn partijgenoten goed drie jaar geleden opriep om de rangen te sluiten en hun partij toch niet helemaal ten gronde te richten. Bart Somers heette die man. Korte tijd later zette hij Jean-Marie Dedecker uit de VLD.

Ann Peuteman

Onze partners