Professoren plaatsen vraagtekens bij verbod op radicale organisaties

29/06/12 om 15:43 - Bijgewerkt om 15:43

(Belga) Een verbod invoeren op radicale organisaties die echt aanzetten tot geweld en haar, kan een sterk signaal zijn. De vraag is of het wenselijk en effectief is. Dat verklaarde moraalfilosoof Patrick Loobuyck (UA) vrijdag in de Kamer. De Gentse professor Rik Coolsaet benadrukte dat er geen causaal verband is tussen het salafisme en terrorisme. Hij vindt ook dat men rond Sharia4Belgium dezelfde fouten begaat als indertijd met Abou Jahjah en de Arabisch Europese Liga.

Professoren plaatsen vraagtekens bij verbod op radicale organisaties

De Kamercommissie organiseert dezer dagen hoorzittingen rond het verbod op radicale organisaties. Daarbij worden Sharia4Belgium en zijn woordvoerder Fouad Belkacem geviseerd. Centraal in de werkzaamheden staat het wetsvoorstel dat Peter Vanvelthoven enkele jaren geleden invoerde om het extreem-rechtse Blood and Honour te verbieden. Vrijdag maakten drie professoren hun opwachting. Zij formuleerden allen reserves bij het initiatief. Terreurspecialist Coolsaet maakte duidelijk dat het uitgangspunt in de discussie verkeerd is. Hij verwees naar een onderzoek uit 2007 van de Britse inlichtingendienst MI5. Daaruit bleek dat men niet omwille van een ideologie of religie het pad van de terreur gaat bewandelen. "Het is niet omdat men salafist is, dat men ook wegbereider is van terrorisme", luidde het. De vriendenkring en familiebanden spelen een veel grotere rol bij radicalisering. Loobuyck, die de zaak meer vanuit een politiek-filosofische invalshoek benaderde, waarschuwde geen wetgeving te maken die meer verbiedt dan wat wenselijk is vanuit democratisch perspectief. Hij acht het mogelijk dat ook verenigingen worden aangepakt, op voorwaarde dat het niet om een preventieve maatregel gaat en dat een verbod enkel wordt toegepast van zodra er echt sprake is van aanzetten tot haat en geweld. De vraag is evenwel of zo'n wetgeving creëren wenselijk is, ging Loobuyck voort. "Het zou een sterk signaal kunnen zijn, maar anderzijds is de vraag of het effectief is. Bovendien rijst voor hem de vraag of het juridisch nodig is. De antiracismewet biedt volgens hem immers de mogelijkheid verenigingen aan te pakken. (MUA)

Onze partners