Landbouwbeleid - Peeters verdedigt Vlaamse verdeling Europese landbouwsubsidies

12/02/13 om 14:15 - Bijgewerkt om 14:15

(Belga) Vlaams minister-president Kris Peeters erkent dat Europa een te ruime definitie van 'landbouw' hanteert. Toch komt heel wat geld in Vlaanderen uiteindelijk wel degelijk bij landbouwers terecht, onderstreept hij. Met het krimpende Europese landbouwbudget belooft Peeters om de beschikbare middelen nog beter af te stemmen.

De verdeling van het landbouwgeld is een oud zeer binnen Europa. Niet enkel landbouwers krijgen een deel van de koek, ook grootgrondbezitters als het Britse koningshuis ontvangen subsidies. In ons land gaat het onder meer om de Koninklijke Stichting, de familie Lippens, Unizo, Voka en banken als ING, Belfius en BNP Paribas Fortis, schrijven verschillende kranten.Minister-president Peeters benadrukt dat achter een aantal van die ongewone ontvangers wel degelijk land- en tuinbouwers zitten. "Coöperaties van boeren, of banken die de subsidies ontvangen in naam van de landbouwbedrijven voor het verstrekken van leningen", somt hij op. "Het gaat dus om middelen die haast integraal bij boeren en tuinders terechtkomen.""Het Europese landbouwbeleid omvat bovendien niet enkel het landbouwbeleid (pijler I), maar ook het plattelandsbeleid (pijler II)", legt Peeters uit. Via die tweede pijler gaat er bijvoorbeeld geld naar maatregelen om landbouwers in te zetten in het natuurbeleid, of naar de promotie van streekproducten.In Vlaanderen gaat meer dan 88 procent van de middelen uit het Programma voor Plattelandsontwikkeling - pijler II dus - "effectief naar landbouwers", verzekert Peeters. Volgens hem maakt dat hoge percentage van Vlaanderen een "unicum" in Europa. Op het geld van pijler I heeft Vlaanderen minder vat, en dus ook minder zicht. (KNS)

Onze partners