EU-agentschappen gaan niet adequaat om met belangenconflicten

11/10/12 om 18:59 - Bijgewerkt om 18:59

(Belga) Vier belangrijke EU-agentschappen op het vlak van gezondheid en veiligheid gaan niet adequaat om met belangenconflicten. Dat stelt de Europese Rekenkamer donderdag in een rapport.

De voorbije jaren verschenen in de pers verscheidene verhalen over mogelijke belangenvermenging bij EU-agentschappen. Op vraag van het Europees Parlement heeft de Rekenkamer nu een onderzoek gevoerd naar de wijze waarop de agentschappen omgaan met situaties waarbij mogelijk belangenvermenging in het spel is. De Rekenkamer richtte de blik op vier agentschappen die belangrijke beslissingen nemen voor de veiligheid en gezondheid van de consumenten: de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA), het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (EASA), het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA) en het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA). De Rekenkamer komt nu tot de slotsom dat geen enkele van deze agentschappen "adequaat omgaat met situaties van belangenvermenging". Het rapport legde een aantal kleine en grotere tekortkomingen bloot in de beleidslijn, de procedures en de beleidsuitvoering. De Rekenkamer lijstte ook een aantal maatregelen op om het risico zoveel mogelijk te beperken. "Agentschappen als EFSA en EMA geven zwaarwegende adviezen aan zowel de Europese Commissie als de lidstaten over het wel of niet toelaten op de markt van goederen en producten die een directe impact hebben op de volksgezondheid en voedselveiligheid. Het is dus cruciaal dat deze agentschappen in volstrekte onafhankelijkheid kunnen werken. Zelfs de schijn van belangenvermenging is dus nefast", reageert Europarlementslid Bart Staes (Groen). (KAV)

Onze partners