Eind 1990 moest Habré na een coup de macht afstaan aan zijn legerleider Idriss Déby. Die laatste overleed eerder dit jaar bij gevechten tegen een rebellengroep. Volgens Senegalese media was Habré opgenomen in een Senegalees ziekenhuis. Vanaf 1982 leidde Habré zijn land met ijzeren hand. Een Tsjadische onderzoekscommissie schat de balans van Habrés repressie op 40.000 doden. In mei 2016 werd Habré door een speciaal daarvoor opgerichte rechtbank in het Senegalese Dakar veroordeeld - het was de eerste keer dat een voormalig staatshoofd zich voor de rechtbank van een ander land moest verantwoorden voor mensenrechtenschendingen.

Na de staatsgreep van 1990 was Habré in ballingschap in Senegal. In de juridische procedure tegen Habré speelde ons land een centrale rol. Zo had België sinds 2005 een arrestatiebevel lopen tegen de oud-dictator, met de bedoeling hem in België te berechten. Die vraag bleef echter zonder gevolg, tot het Internationaal Gerechtshof in 2012 oordeelde dat Senegal Habré strafrechtelijk moest vervolgen of de Tsjadische oud-dictator moest uitleveren aan België. In 2013 werd Habré uiteindelijk opgepakt.

In juli 2015 startte het proces tegen Habré, en dat voor de speciaal daarvoor opgerichte Buitengewone Afrikaanse Kamers. Mensenrechtadvocaat Reed Brody, die in dat proces de slachtoffers van Habré bijstond, laat in een eerste reactie op Twitter weten dat Habré de geschiedenis ingaat 'als een van de meest meedogenloze dictators, een man die zijn eigen volk afslachtte, hele dorpen plat brandde, vrouwen naar zijn troepen stuurde om als seksslaven te dienen en clandestiene kerkers bouwde om middeleeuwse martelpraktijken aan te richten bij zijn vijanden'.

Eind 1990 moest Habré na een coup de macht afstaan aan zijn legerleider Idriss Déby. Die laatste overleed eerder dit jaar bij gevechten tegen een rebellengroep. Volgens Senegalese media was Habré opgenomen in een Senegalees ziekenhuis. Vanaf 1982 leidde Habré zijn land met ijzeren hand. Een Tsjadische onderzoekscommissie schat de balans van Habrés repressie op 40.000 doden. In mei 2016 werd Habré door een speciaal daarvoor opgerichte rechtbank in het Senegalese Dakar veroordeeld - het was de eerste keer dat een voormalig staatshoofd zich voor de rechtbank van een ander land moest verantwoorden voor mensenrechtenschendingen. Na de staatsgreep van 1990 was Habré in ballingschap in Senegal. In de juridische procedure tegen Habré speelde ons land een centrale rol. Zo had België sinds 2005 een arrestatiebevel lopen tegen de oud-dictator, met de bedoeling hem in België te berechten. Die vraag bleef echter zonder gevolg, tot het Internationaal Gerechtshof in 2012 oordeelde dat Senegal Habré strafrechtelijk moest vervolgen of de Tsjadische oud-dictator moest uitleveren aan België. In 2013 werd Habré uiteindelijk opgepakt. In juli 2015 startte het proces tegen Habré, en dat voor de speciaal daarvoor opgerichte Buitengewone Afrikaanse Kamers. Mensenrechtadvocaat Reed Brody, die in dat proces de slachtoffers van Habré bijstond, laat in een eerste reactie op Twitter weten dat Habré de geschiedenis ingaat 'als een van de meest meedogenloze dictators, een man die zijn eigen volk afslachtte, hele dorpen plat brandde, vrouwen naar zijn troepen stuurde om als seksslaven te dienen en clandestiene kerkers bouwde om middeleeuwse martelpraktijken aan te richten bij zijn vijanden'.