Eind februari gooide Macedonië de grens met Griekenland dicht. Duizenden vluchtelingen, die ooit in volgepropte gammele bootjes van Turkije de zee overstaken naar Griekse eilanden, met ferry's naar Athene voeren, te voet of met een bus naar Idomeni - grens met Macedonië - togen, strandden in het grensniemandsland in de kou, regen en modder. Hele families sliepen op de treinrails, waardoor er 65 dagen geen treinen meer reden van Belgrado, via Skopje en Thessaloniki, naar Athene en terug. Dat kon zo niet langer. Niet vanwege de mensonterende toestanden. Met barmhartigheid had het niets te maken. Vooral de Chinezen van het havenbedrijf Cosco die toen al sinds drie jaar de helft van de Atheense haven Pireus in handen hadden, zagen voor miljoenen aan voedsel en goederen in containers die via Idomeni naar Noord Europa vervoerd moesten worden, verloren gaan. Ze eisten een grote schoonmaak. De belofte van de Griekse overheid de grensovergang weer vrij te maken voor treinverkeer, was onderdeel van de kersverse deal over de beschamende verkoop van de andere helft van de haven, ook aan de Chinezen, voor slechts 387 miljoen euro.

Een deal waar de Grieken terecht schande over spraken, onder druk van Brussel zijn ze gedwongen hun land voor een appel en een ei te 'privatiseren' , en dit was het zoveelste voorbeeld.

Eind april begon de Griekse overheid de 16.000 'grensvluchtelingen' met bussen van Idomeni naar opvangcentra 'rondom Thessaloniki' te evacueren. Over die evacuatie is veel en bloemrijk geschreven. Daarna hoorde je er niets meer over. Niemand wist precies waar al die mensen naar toe waren gebracht. Geen journalist heeft de 'opvangcentra' in Noord Griekenland bezocht. Er circuleerden alleen geruchten over 'verlaten fabrieken in the middle of nowhere', ver van steden en dorpen, zonder ontvangst voor mobiele telefoons.

'Huiveringwekkend'

Tot begin juli, toen hebben afgevaardigden van het Griekse Centrum voor Ziektebestrijding en Preventie (KEELPNO) 16 locaties bezocht. Inderdaad, in het verlaten gebied tussen Idomeni en Thessaloniki. Hun bevindingen hebben ze opgeschreven in een rapport dat afgelopen dinsdag is gepubliceerd.

Het rapport is snoeihard, en huiveringwekkend.

Het beschrijft inderdaad honderden boven op elkaar levende vluchtelingen in afgedankte militaire kazernes en leegstaande fabrieken, met slechts een primitief gespannen deken of doek die families van elkaar scheiden, een structureel gebrek aan verse lucht en schoon water - heel veel mensen hebben ademhalingsproblemen - en bergen afval die zich binnen en buiten opstapelen, omdat er kennelijk geen vuilnis wordt geruimd.

Zo is er een oude leerlooierij waar mensen water drinken dat vol met toxische zware metalen blijkt te zitten, en waar ze onder een dak van asbest moeten slapen 'dat de gevaren voor ziekte en gezondheidsproblemen nog groter maakt'. De meeste locaties bevinden zich bovendien bijna allemaal dichtbij enorme plassen stilstaand water, waar muggenkolonies welig tieren, en ook dat brengt de gezondheid van de vluchtelingen nog meer in gevaar.

Mensen drinken water dat vol met toxische zware metalen blijkt te zitten

Andreas Benos, adjunct directeur van KEELPNO en schrijver van het rapport, suggereert dat de Griekse staat in ieder geval zo snel mogelijk overal chemische toiletten moet neerzetten, om de levensomstandigheden van de vluchtelingen tenminste ad hoc íets te verbeteren, maar meent dat ook dat in wezen een 'doodlopend einde' is.

Griekse regering heeft geen cent

Zijn conclusie is dan ook even duidelijk als alarmerend: hij adviseert de regering alle 16 centra zo snel mogelijk te sluiten, omdat ze stuk voor stuk, zonder uitzondering niet alleen een gevaar voor de gezondheid van de vluchtelingen zijn, maar voor de volksgezondheid in het algemeen.

Aangezien de vluchtelingen in Griekenland sinds het beschamende 18 maart-akkoord met Turkije verondersteld worden voor lange tijd in Griekenland te blijven, en zeker niet meer door zullen stromen naar Noord Europese landen, adviseert de KEELPA-adjunct, die zijn bevindingen en conclusies naar de Griekse ministeries van Migratie Beleid, Defensie en Gezondheid heeft gestuurd, met klem de vluchtelingen te integreren in Griekse gemeenten, en niet meer op verlaten plekken ver van de bewoonde wereld te laten vertoeven.

Dat komt mooi overeen met het kersverse voornemen van premier Alexis Tsipras 800 leraren in te huren om kinderen van vluchtelingen te onderwijzen.

Overigens zijn dit allemaal mooie voornemens, plannen en woorden, maar de Griekse overheid heeft in principe geen cent.

Van de 210 miljoen euro die de EU Griekenland beloofde voor het vluchtelingen probleem, is 150,62 miljoen naar grote internationale en EU hulporganisaties met kolossale overheadkosten gegaan, en slechts 59,82 miljoen aan de Griekse overheid gegeven.

Ingeborg Beugel is correspondente voor Knack in Griekenland