Eind februari gooide Macedonië de grens met Griekenland dicht. Duizenden vluchtelingen, die ooit in volgepropte gammele bootjes van Turkije de zee overstaken naar Griekse eilanden, met ferry's naar Athene voeren, te voet of met een bus naar Idomeni - grens met Macedonië - togen, strandden in het grensniemandsland in de kou, regen en modder. Hele families sliepen op de treinrails, waardoor er 65 dagen geen treinen meer reden van Belgrado, via Skopje en Thessaloniki, naar Athene en terug. Dat kon zo niet langer. Niet vanwege de mensonterende toestanden. Met barmhartigheid had het niets te maken. Vooral de Chinezen van het havenbedrijf Cosco die toen al sinds drie jaar de helft van de Atheense haven Pireus in handen hadden, zagen voor miljoenen aan voedsel en goederen in containers die via Idomeni naar Noord Europa vervoerd moesten worden, verloren gaan. Ze eisten een grote schoonmaak. De belofte van de Griekse overheid de grensovergang weer vrij te ma...