Vluchtelingencrisis aan Europese buitengrenzen: ‘De EU lijkt haar eigen waarden te vergeten’

Een Poolse grensbewaker aanschouwt de bouw van een grensmuur tussen Polen en Wit-Rusland. © belga
Wided Bouchrika
Wided Bouchrika Freelancejournaliste

Jarenlang al investeert de Europese Unie in de militarisering van haar buitengrenzen om vluchtelingen tegen te houden. De crises die zich daar vandaag in Wit-Rusland, Bosnië en Herzegovina en Oekraïne ontwikkelen, worden gretig met oorlogstermen besproken. ‘De EU ondermijnt zichzelf als zij de Poolse dehumaniserende militarisering van haar buitengrenzen ondersteunt’, zegt Martin Lemberg-Pedersen van Amnesty Denemarken.

Uit een strijd voor vrijheid werd in het Poolse Gdansk in de jaren 80 de onafhankelijke vakbond Solidariteit geboren. Polen zette de val van het communisme in. De muur viel. In 2016 nog liet de burgemeester van het stadje aan de Baltische kust, Pawel Adamowicz, weten dat vluchtelingen er welkom waren. Als Europeaan zat openheid in zijn natuur, zei hij toen. Adamowicz werd in 2019 vermoord. Twee jaar later begon Polen, met goedkeuring van enkele Europese buren en bescheiden EU-financiering, aan de bouw van een muur langs haar buitengrens.

De buitengrens met Wit-Rusland, om precies te zijn, waar afgelopen herfst duizenden vluchtelingen hoopten om de oversteek naar de Europese Unie (EU) te kunnen maken. Een onderdeel, zo meende Polen, van de ‘hybride oorlog’ gevoerd door de Wit-Russische president Aleksandr Loekasjenko. Polen riep daarop de noodtoestand uit: de grens oversteken is misdadig en zowel media als mensenrechtenorganisaties mogen de regio niet in.

Die oorlogsretoriek is gevaarlijk, schreef Martin Lemberg-Pedersen, chef politiek en samenleving bij Amnesty Denemarken, in een opinie voor de krant Politiken: het ontmenselijkt de vluchteling en opent de weg voor militarisering. Het vlotte gebruik van oorlogstermen in internationale media wijst allicht op een groter probleem waarvan de crisis tussen Polen en Wit-Rusland slechts een symptoom is.

De Europese Commissie dringt niet hard genoeg aan op globale relocatie van vluchtelingen.

‘Een oud probleem van de EU werd in 2015 al blootgelegd: de interne breuk tussen noordwestelijke en zuidoostelijke lidstaten. Die laatsten krijgen te maken met vluchtelingen aan hun grenzen en stuiten op een gebrek aan solidariteit van andere landen’, zegt Lemberg-Pedersen in een gesprek met Knack. ‘De Europese Commissie dringt niet hard genoeg aan op globale relocatie, dat voorstel werd in 2015 al verworpen. In de plaats daarvan werd het probleem aangepakt met een versterking van de buitengrenzen.’

Schengen hervormen

Een aantal lidstaten nam het heft in eigen handen. Zo bouwde Hongarije in 2015 al een muur langs de grens met Servië en Kroatië. Recenter stelde Denemarken een gevaarlijk precedent door de Syrische hoofdstad Damascus in de lente van 2021 veilig te verklaren. Een zet die het land moet toelaten om Syrische vluchtelingen die tot een decennium geleden asiel hebben gekregen, terug te sturen. Omdat Denemarken geen akkoord heeft met het Assad-regime zijn er echter nog geen Syriërs uitgezet en worden zij bijgevolg in Deense uitzettingscentra geplaatst. De crisis aan de Poolse en Litouwse grenzen in de herfst bracht ook die landen ertoe nieuwe wetten in het leven te roepen om vluchtelingen en asielzoekers te weren.

Uiteindelijk riep een alliantie van twaalf lidstaten, waaronder Denemarken en Baltische landen, de Europese Commissie op tot ‘aanpassing van de EU-wetgeving aan de nieuwe realiteit’. Daarbij vroegen de lidstaten een herziening van de Schengengrenscode (regels van toepassing op wie de buitengrenzen van de EU, met uitzondering van Ierland, overschrijdt, nvdr.) en om EU-financiering van grensmuren. Voorzitter van de Europese Raad, Charles Michel, zei dat de EU ervoor openstond de financiering van fysieke infrastructuur aan de buitengrenzen te bespreken. In officiële communicatie werd het een njet, toch zullen Polen en de Baltische staten 25 miljoen euro van de EU ontvangen om hun oostelijke grenzen te versterken. Dat werd op de valreep in november goedgekeurd voor het EU-budget van 2022.

‘Als politieke speler was de EU perfect in staat om de situatie aan de grens te de-escaleren, maar dat heeft ze niet gedaan’, zegt Lemberg-Pedersen. ‘Meer nog, de Europese Commissie aanvaardde de noodtoestanden die door betrokken staten werden uitgeroepen en heeft in de plaats wetswijzigingen voorgesteld die het vluchtelingenrecht treffen.’ De bepalingen van het VN-vluchtelingenrecht dat in 1951 in Genève tot stand kwam, zijn opgenomen in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en liggen dus ook mee aan de basis van de Europese richtlijnen voor asiel.

We vergeten dat er zich nog brutalere scenario’s afspelen met vluchtelingen aan de EU-buitengrens van Kroatië met Bosnië en Herzegovina.

De voorgestelde herziening definieert namelijk de instrumentalisering van migranten. In een situatie waarbij een derde land illegale migratiestromen naar de EU aanmoedigt of vergemakkelijkt en dat doet met de intentie de Unie of lidstaten te destabiliseren, geeft het voorstel de getroffen lidstaten de toestemming om de buitengrenzen te versterken, de doorlaatposten te beperken en de beveiliging op te voeren, met de hulp van de Europese Commissie. Een ander voorstel moet lidstaten toelaten om personen die in hun grensregio worden aangehouden onmiddellijk terug te sturen naar de lidstaat van waaruit de persoon is binnengekomen.

Toenemende militarisering

Volgens de Amnesty-chef worden pushbacks op een zorgwekkende manier gesystematiseerd. ‘Er is sprake van een uitbreidende praktijk. Het is niet langer beperkt tot incidenten op de Middellandse Zee. De actoren die de pushbacks uitvoeren en de locaties zijn verschoven. Daar is de crisis aan de Pools-Wit-Russische grens een recent voorbeeld van, maar we vergeten dat er zich nog brutalere scenario’s afspelen met vluchtelingen aan de EU-buitengrens van Kroatië met Bosnië en Herzegovina’, aldus Lemberg-Pedersen.

Pushbacks zijn illegale praktijken omdat zij vluchtelingen terug over een grens dwingen zonder oog voor hun individuele situatie en hen het recht ontnemen om asiel aan te vragen. Dat druist in tegen het asielrecht en non-refoulementbeginsel dat staten verbiedt asielzoekers terug te sturen naar een land waar zij vervolging riskeren op grond van afkomst, godsdienst, politieke overtuiging of omdat ze tot een bepaalde sociale groep behoren. Deze bepalingen van het VN-vluchtelingenverdrag zijn door zo’n 150 landen ondertekend, inclusief alle EU-lidstaten, en zijn opgenomen in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Ze maken dus deel uit van de fundamentele Europese waarden en liggen mee aan de basis van de Europese richtlijnen voor asiel.

Frontex, het Europese Grenswachtagentschap dat herhaaldelijk beschuldigd is van vermeende betrokkenheid bij pushbacks, werd ook naar de Poolse grensregio gestuurd voor ondersteuning. In 2021 pompte de EU meer dan een half miljard euro in Frontex, het budget is in het afgelopen decennium verzesvoudigd. Honderden miljoenen euro’s worden geïnvesteerd in militaire technologieën die vluchtelingen moeten opsporen of tegenhouden. Het gaat om onder andere drones van Israëlische makelij die ook in de Gazastrook werden ingezet, sensoren, camera’s, geluidskanonnen en artificiële intelligentie bij gebruik van bijvoorbeeld leugentests die volgens critici pseudowetenschappelijk zijn en stereotiepen versterken.

Poleposition

‘Het is een totaal gespleten houding. De EU tikt Polen op de vingers wanneer het land zijn eigen gerechtelijke instellingen ondergraaft, vrij wetenschappelijk onderzoek verhindert en vrouwen- en LGBTQ-rechten schendt en zo de zogeheten fundamentele Europese waarden verzaakt. Maar tegelijk lijkt de EU haar eigen waarden te vergeten wanneer zij de Poolse dehumaniserende militarisering van haar buitengrenzen ondersteunt. Wanneer de Commissie meegaat in de Poolse oorlogsretoriek, wordt de mensonterende behandeling van vluchtelingen aan de grens losgekoppeld van andere mensenrechtenschendingen in het land. Toch gaat het om dezelfde politiek die vrouwen, intellectuelen, minderheden en niet-staatsburgers hun rechten ontzegt. De EU treedt op als beschermer van de rechtsstaat terwijl het diezelfde rechtsstaat ondermijnt en dat is niet alleen nefast voor de rechten van asielzoekers, maar voor die van de hele bevolking.’

Lidstaten samenhouden op grond van geopolitieke redenen is wat de zogenaamde fundamentele waarden van de EU uitholt.

Hoe is Polen in de positie gekomen om het EU-beleid zo hard te sturen? ‘Polen maakte deel uit van de uitbreiding van de EU in 2004 en het land is geopolitiek belangrijk als tegenwicht voor Rusland. Daar komt een deel van de spanning met Wit-Rusland vandaag ook uit voort’, legt Lemberg-Pedersen uit. ‘Maar de toegeeflijkheid naar Polen toe heeft verstrekkende gevolgen: het voorstel tot aanpassing van de Schengengrenscode betekent dat de uitzonderlijke maatregelen die recent genomen werden, in de toekomst voor alle EU-lidstaten dreigen mogelijk te zullen zijn.’

De vluchteling als politieke pion

Uit het verleden is al gebleken dat de vluchteling als concept maakbaar is. Ooit een Europees fenomeen, later geherdefinieerd tot een universeel gegeven met de introductie van het Protocol in 1967 als aanvulling op het VN-Vluchtelingenverdrag. De vluchteling was ook toen een pion op het geopolitieke toneel, een aanwinst in tijden van dekolonisering en Koude Oorlog. Tot de val van de Muur de waarde van de vluchteling weer veranderde: hij moest naar huis. En nu er aan een nieuwe muur wordt gebouwd heeft de EU akkoorden rond externe grenscontroles met Niger, Libië, Turkije, Oekraïne en ook Wit-Rusland.

‘Vanuit Pools perspectief kunnen vluchtelingen dus geïnstrumentaliseerd worden om sterker te staan in onderhandelingen met de EU. De acties van Wit-Rusland, net als Erdogans gebruik van het EU-akkoord met Turkije, volgen diezelfde lijn’, verklaart Lemberg-Pedersen. En zolang Europese overheden geen verantwoordelijkheid nemen om asielzoekers op te vangen en te verdelen, meent hij dat ontheemden diplomatieke pionnen voor deze spelers aan de buitengrenzen zullen blijven.

De wens van Europese overheden om asielzoekers buiten te houden, is de afgelopen decennia geïntegreerd in een EU-migratie- en -buitenlandbeleid dat draait om geopolitiek en handel. De focus op versterkte grenzen, versterkt ook het idee van de soevereine staat. Ondermijnt de Unie zo zichzelf dan niet? ‘Wij bij Amnesty waarschuwen er al jaren voor’, besluit Lemberg-Pedersen: ‘Lidstaten samenhouden op grond van geopolitieke redenen is wat de zogenaamde fundamentele waarden van de EU uitholt.’

Partner Content