Nobelprijswinnaar Daron Acemoglu: ‘Ik ben benieuwd wat de mensheid zal vernietigen: de slimheid van AI of de domheid van Trump’

Donald Trump met Sam Altman, ceo van Open AI. ‘Het draait bij de bedrijven in de eerste plaats om winst. Soms is dat toevallig ook goed voor de mensheid, meestal niet.’ © Getty Images

De Turks-Amerikaanse econoom Daron Acemoglu verwacht een turbulent jaar 2026. De VS en China slaan met artificiële intelligentie de verkeerde weg in en Trump ondermijnt het vertrouwen in de dollar. Zonder koerscorrectie zal de economie de komende jaren wegzakken.

Door Simon Book en Bernhard Zand

‘Alles staat op losse schroeven’, antwoordt Daron Acemoglu op onze vraag of 2026 het jaar van de omwentelingen wordt. De toonaangevende econoom, auteur van belangrijke boeken zoals Waarom naties falen en docent aan het Massachusetts Institute of Technology in Cambridge (VS), kreeg voor zijn onderzoek naar politieke instituties en welvaart in 2024 de Nobelprijs voor Economie. ‘Ik weet niet of omwentelingen het juiste woord is. Ik zou zeggen: het wordt een turbulent jaar. Ik heb nooit zo’n hoog niveau van onzekerheid gezien. Nieuwe technologieën worden op het wereldtoneel gekatapulteerd, het geopolitieke evenwicht staat onder druk. Om nog te zwijgen van de demografische ontwikkelingen.’

Wat is het meest urgente probleem?

Acemoglu: Ik ben benieuwd wat de mensheid zal vernietigen: de slimheid van artificiële intelligentie of de domheid van Donald Trump.

Als u moest kiezen?

Acemoglu: Trump.

Omdat u niet in AI gelooft?

Acemoglu: O, ik geloof zeker in AI. Kijk eens om u heen. De technologie is overal. En ze is prachtig. Maar ze wordt verkeerd gebruikt en verkeerd ontwikkeld.

Wat bedoelt u daarmee?

Acemoglu: De huidige hype brengt ons op een dwaalspoor wat betreft de maatschappelijke gevolgen van AI en de productiviteitswinsten voor de economie. Als AI correct zou worden ontwikkeld en ingezet, zou ze enorme voordelen kunnen opleveren. Ze zou een krachtig hulpmiddel kunnen zijn voor werknemers, voor onze onderlinge communicatie. Maar niets daarvan is waarschijnlijk zolang de technologie in handen blijft van OpenAI en andere grote techbedrijven.

‘AI zou een krachtig hulpmiddel kunnen zijn voor werknemers, voor onze onderlinge communicatie. Maar niets daarvan is waarschijnlijk zolang de technologie in handen blijft van OpenAI en andere grote techbedrijven.’

Waarom? Het is toch in hun belang om producten te bouwen waar zo veel mogelijk mensen baat bij hebben?

Acemoglu: Het draait bij die bedrijven in de eerste plaats om winst. Soms is dat toevallig ook goed voor de mensheid, meestal niet. Het businessmodel van Google of Facebook is: data verzamelen en te gelde maken. Microsoft, Oracle en OpenAI willen software verkopen om fabrieken te automatiseren en mensen te vervangen. Hoe profiteren wij daarvan? Als we er al baat bij hebben, dan hebben we veel kleinere, beter afgestemde modellen nodig die mensen op de werkvloer écht kunnen gebruiken om productiever te werken.

De techbedrijven zouden precies het omgekeerde beweren: dat hun producten de mensheid en de economie naar een hoger niveau tillen.

Acemoglu: Er zijn verschillende manieren om productiever te worden. Eén manier is met technologie meer of complexere dingen doen met hetzelfde aantal werknemers. Een andere is menselijke arbeid simpelweg automatiseren. Je produceert hetzelfde of zelfs meer met minder mensen. Maar dat helpt werknemers niet. Het legt geen basis voor welvaart, het vergroot ongelijkheid. Bedrijven onderschatten hoe moeilijk het is om AI te integreren in bestaande workflows en processen. Alleen daarom al geloof ik niet dat we snel uitgesproken AI-gedreven economische groei zullen zien.

‘In het dagelijkse bedrijfsleven lijkt AI veel slechter te functioneren dan vaak wordt aangenomen. Simpelweg omdat de context daar veel complexer is.’

In 2024 was uw prognose erg terughoudend. U ging uit van maximaal 0,5 procent productiviteitsgroei en hoogstens 1,1 procent economische groei door AI in het komende decennium. Sindsdien heeft de technologie zich razendsnel ontwikkeld. Moet u die voorspellingen bijstellen?

Acemoglu: Over een paar jaar zal ik dat zeker moeten doen. Er is veel in beweging. Maar voorlopig zie ik niet dat bedrijven die AI gebruiken wezenlijk winstgevender zijn. Natuurlijk presteren de modellen onder laboratoriumomstandigheden indrukwekkend. Als de context duidelijk is en de antwoorden op de vragen die ze krijgen overzichtelijk zijn. Maar in het dagelijkse bedrijfsleven lijkt AI veel slechter te functioneren dan vaak wordt aangenomen. Simpelweg omdat de context daar veel complexer is. Werknemers moeten dan omslachtig fouten van AI corrigeren en proberen te begrijpen wat de machine eigenlijk doet. Dat alles heb ik meegenomen in mijn berekeningen.

Houdt u vast aan uw prognose: hoogstens 5 procent van de banen wordt de komende 10 jaar door AI vervangen of ondersteund?

Acemoglu: Ja. En als het 10 procent is, is dat voor mij ook prima.

Andy Jassy, ceo van Amazon, heeft onlangs aangekondigd 30.000 mensen te willen ontslaan. AI zal hun job overnemen.

Acemoglu: Dat is precies het punt: AI hoeft helemaal niet fenomenaal productief te zijn om ons zorgen te maken over onze banen. Vaak wordt de technologie voorgesteld als een dichotomie: ofwel is AI zeer krachtig en superefficiënt – dan moeten we allemaal bang zijn. Ofwel is ze niet veel meer dan een stoïcijnse papegaai die goed kan napraten. Dan kunnen we haar negeren. Ik denk dat het echt angstaanjagende scenario een mengvorm is: AI kan een paar dingen, maar niets wat de economie fundamenteel vooruithelpt. Toch wordt de technologie zo gehypet en doorgedrukt dat werknemers hun baan verliezen en lonen onder druk komen te staan. Dan verliest iedereen. Daar ben ik het meest bang voor.

Hoe waarschijnlijk is dat?

Acemoglu: Het hoeft niet zo te lopen. Als we AI van meet af aan juist hadden ontwikkeld, hadden we waarschijnlijk al lang grote productiviteitswinsten gezien.

Hoe zou AI dan wél juist ontwikkeld moeten worden?

Acemoglu: We moeten vertrekken vanuit de werknemers. Om productiever te worden hebben zij betrouwbare, contextspecifieke en op hun job afgestemde technologie nodig die hen helpt hun problemen op te lossen. Dat vergt veel kleinere, nauwkeurig afgestemde modellen die getraind zijn met bedrijfsdata en hun omgeving kennen. AI heeft als het ware levenservaring nodig: als loodgieter, als verpleegkundige, als elektricien.

‘AI heeft als het ware levenservaring nodig: als loodgieter, als verpleegkundige, als elektricien.’

Dus geen standaard-AI, maar individuele modellen voor elk middelgroot bedrijf?

Acemoglu: Het probleem met grote modellen zoals ChatGPT is toch dat ze met zo veel rommel zijn getraind om zo snel mogelijk Duits of Engels te begrijpen. Dat maakt ze erg foutgevoelig. In het bedrijfsleven draait alles om nauwkeurigheid en precisie. Daarom denk ik dat het veel verstandiger is eigen, kleine modellen te ontwikkelen. De Franse groep Schneider Electric doet dat, betalingsverwerker Stripe ook. Na dit interview heb ik een vergadering met onze ontwikkelaars, want ook wij aan het MIT willen een eigen AI. Daar zouden we allemaal veel meer in moeten investeren.

‘Het probleem met grote modellen zoals ChatGPT is toch dat ze met zo veel rommel zijn getraind om zo snel mogelijk Duits of Engels te begrijpen. Dat maakt ze erg foutgevoelig.’

Investeerders op Wall Street denken daar anders over. Big tech is meer waard dan ooit en zorgde in 2025 bijna voor een rally op de beurs. Is dat een zeepbel, vergelijkbaar met de dotcom-bubbel begin jaren 2000?

Acemoglu: Er zijn parallellen, absoluut. Bij de internetboom was het tenminste duidelijk hoe je er geld mee kon verdienen: traditionele, analoge bedrijfsmodellen werden gewoon digitaal gekopieerd, bijvoorbeeld de handel. Dat was revolutionair. Bij AI zie ik nog niet hoe ze gemonetariseerd kan worden. Met automatisering misschien. Maar zoals gezegd: die blijft ver achter bij de mogelijkheden.

Vreest u een crisis?

Acemoglu: Het zou te eenvoudig zijn om te zeggen: ja, dit is een zeepbel. Maar een boom is het zeker. En dat is ook logisch. Neem mijn cijfers: zelfs als de productiviteit door AI slechts met een halve procent stijgt en het wereldwijde bruto binnenlands product met 0,9 procent, dan is dat nog altijd enorm. Dan is het logisch om in techbedrijven te investeren. De vraag is hoeveel en tegen welke prijs. Van een zeepbel is pas sprake als de koersen zo ver stijgen dat de bedrijfswinsten die waarderingen nooit kunnen rechtvaardigen.

Is dat punt niet al bereikt?

Acemoglu: Ooit zullen de koersen van techaandelen moeten dalen. Maar neem Nvidia. We kunnen aannemen dat de vraag naar hun AI-chips ooit afneemt en de koers zakt. Maar wat als Microsoft, Amazon, Meta en Google blijven investeren en elkaar blijven overbieden? Wat als de vraag in India, China of Europa toeneemt? Misschien is Nvidia dus geen zeepbel. Maar mogelijk zijn de vele kleine start-ups die nu voor miljarden worden gewaardeerd dat wel.

‘Misschien is Nvidia geen zeepbel. Maar mogelijk zijn de vele kleine start-ups die nu voor miljarden worden gewaardeerd dat wel.’

Misschien is het verschil met de internetboom dat de Amerikaanse regering voor Silicon Valley alle hindernissen uit de weg ruimt en zelf miljarden in de technologie pompt. Donald Trump is vastbesloten de AI-wedloop met China te winnen. Dat is als het ware een zeepbel met het stempel van het Witte Huis.

Acemoglu: Het idee dat wie AI controleert de wereld controleert, is een gevaarlijk historisch nulsomspel. Die retoriek leidt er nu al toe dat de VS en China veel minder bereid zijn met elkaar te praten en samen te werken dan wenselijk en noodzakelijk zou zijn voor mondiale problemen. In plaats daarvan draait alles om wie vooroploopt in AI. Zo maken ze net die techbedrijven groot en machtig die elke vorm van regulering willen vermijden.

‘Europa moet waarden als democratie, mensenrechten en privacy in AI inbouwen. Dat lukt niet met regulering alleen. Daarvoor zijn eigen, geavanceerde modellen nodig.’

Europa blijft daarbij aan de zijlijn staan. Het continent loopt niet voorop bij de ontwikkeling van AI, noch bij de toepassing ervan. Hoogstens op het vlak van regulering zijn we wereldklasse.

Acemoglu: Dat is niet de weg vooruit. Europa kan niet rijk worden van regulering. Maar naar mijn gevoel is er een grote behoefte aan een Europese AI. Democratie, mensenrechten, privacy en andere waarden worden hier veel hoger gewaardeerd. Het moet erom gaan die waarden in AI in te bouwen. Dat lukt niet met regulering alleen, daarvoor zijn eigen, geavanceerde modellen nodig.

Veel sectoren zijn in Europa sterk gereguleerd en toch beter en goedkoper dan in de VS: gezondheidszorg, telecom, luchtvaart. Waarom niet AI?

Acemoglu: Ik denk dat de huidige regulering innovatie en investeringen afremt. Europa heeft geen AI-hub, maar veel kleine projecten. De goede mensen, de talenten, trekken weg naar Silicon Valley, waar ze ongestoord en zonder wetten kunnen werken. Iedereen die bereid is risico’s te nemen om rijk te worden, gaat momenteel daarheen.

Wat moet er gebeuren?

Acemoglu: Europa moet zijn regels herzien. Regulering op zich is niet verkeerd. Het gaat om de juiste balans. Idealiter kan dat zelfs een concurrentievoordeel worden: met de juiste wetten en richtlijnen kan Europa precies die specifieke AI-modellen ontwikkelen die we nodig hebben om onze economie echt productiever te maken.

‘Europa moet waarden als democratie, mensenrechten en privacy in AI inbouwen. Dat lukt niet met regulering alleen. Daarvoor zijn eigen, geavanceerde modellen nodig.’ © Getty Images

Europa zou laat op het feestje komen, maar dan wel goed?

Acemoglu: Momenteel is er bij AI alleen deze bipolaire orde: de VS en China slaan allebei de verkeerde weg in. Weliswaar in verschillende richtingen, maar allebei verkeerd. We hebben Europa aan tafel nodig.

Hoe gevaarlijk acht u China?

Acemoglu: AI móét slagen voor China. Neem robots. Daar lopen de Chinezen ver voor op de Amerikanen. Waarom? China maakt momenteel de grootste demografische transitie uit zijn geschiedenis door. Een samenleving van 1,4 miljard mensen vergrijst sneller dan Zuid-Korea. Dat zet de Communistische Partij onder enorme druk om AI en robots in te zetten. Niet alleen voor toezicht op de bevolking, maar ook om economische groei te genereren.

‘De vergrijzing in China zet de Communistische Partij onder enorme druk om AI en robots in te zetten.’ © Hector RETAMAL / AFP

Tien jaar geleden waren u en James Robinson in Waarom naties falen zeer sceptisch over het vermogen van autoritaire systemen om grote innovaties voort te brengen.

Acemoglu: Ik geef toe dat Chinese wetenschappers en oprichters het uitstekend doen op het vlak van AI. Maar in ons boek betoogden we dat verkeerde prikkels en een hiërarchisch systeem leiden tot verspilling van middelen en ideeën. Dat geloof ik nog steeds. Het politbureau en de invloed van de partij worden echter gecompenseerd door een selecte en groeiende elite van ingenieurs die niet alleen kan wedijveren met het Westen, maar soms zelfs beter is. Daardoor belanden nieuwe technologieën zoals robots in China veel sneller in de fabrieken. Dat stuwt het land vooruit.

Als u de Chinese regering één raad mocht geven, welke zou dat zijn?

Acemoglu: Niemand vraagt mij om raad. Maar uiteindelijk moet men kiezen: gaat het om het behoud van de partij en Xi Jinping – of om de Chinese samenleving en haar instituties?

‘Er zou zeker een manier zijn om de Chinese economie te liberaliseren en tegelijk het politieke systeem te behouden. Maar niet met Xi Jinping.’

Xi zou zeggen dat dat hetzelfde is.

Acemoglu: Precies dat is het probleem. Er zou zeker een manier zijn om de Chinese economie te liberaliseren en tegelijk het politieke systeem te behouden. Maar niet met Xi.

Hoeveel potentieel ziet u in China? Komt na het Britse en het Amerikaanse rijk nu het Chinese?

Acemoglu: De Amerikanen namen het wereldleiderschap over van de Britten omdat ze toen betere en inclusievere instituties hadden. Ze waren als samenleving sterker. Het is mogelijk dat China bij AI het voortouw neemt en dat wereldwijd gevolgen heeft. Het is mogelijk dat Europa terugkomt. Het is mogelijk dat de VS en China zo verstrikt raken dat de wereld er helemaal anders gaat uitzien. Alles is denkbaar. Maar ik zou er geen geld op inzetten.

Waar zou u wél op wedden?

Acemoglu: Als we de Trump-schok te boven komen, denk ik dat Amerika zijn mondiale leidersrol kan behouden. De VS hadden de voorbije decennia twee geheime ingrediënten: innovatie en risico. Vooral op digitaal vlak waren de uitvinders hier wereldwijd toonaangevend. Ze wisten dat ze konden proberen, vallen en weer opstaan. Dat was nergens anders zo. Hetzelfde met risico: na de financiële crisis en de coronapandemie besloten de Amerikanen de economie te redden met enorme schulden. Duitsland deed dat niet. Daardoor kwam Amerika veel beter uit die crisissen.

Ook Trump zet in op innovatie en schulden.

Acemoglu: Maar hij vernietigt de instituties die beide mogelijk maken. Met elke rechtbank die hij politiek beïnvloedt, met elk bedrijf dat hij nationaliseert, ondergraaft hij de vrije markt. Met zijn aanval op de centrale bank en de beurswaakhond ondermijnt hij het vertrouwen in de financiële markt, vooral in de Amerikaanse dollar als reserve- en leidende munt. Daarmee ontneemt hij de VS hun toverdrank.

‘Met zijn aanval op de centrale bank en de beurswaakhond ondermijnt Trump het vertrouwen in de Amerikaanse dollar als reserve- en leidende munt. Daarmee ontneemt hij de VS hun toverdrank.’

Wanneer komt de crisis?

Acemoglu: Als de VS deze koers niet snel corrigeren, zal de conjunctuur instorten en zal de economie in de komende vijf tot tien jaar achteruitgaan. Misschien wordt het een dood door duizend kleine sneden. Misschien een grote knal als de AI-zeepbel barst. Ik vrees alleen dat de Amerikaanse regering dan veel minder goed zal kunnen ingrijpen en handelen dan bij eerdere crisissen. Trump heeft de instituties te zeer verzwakt.

© Der Spiegel

Daron Acemoglu © REUTERS

Daron Acemoglu

1967: Geboren in Istanbul, Turkije.

1992: Doctor in de economie aan de London School of Economics.

1993: Docent en later hoogleraar aan het Massachusetts Institute of Technology in Cambridge (VS).

Boeken: Economic Origins of Dictatorship and Democracy (2006), Why Nations Fail (2012), The Narrow Corridor. States, Societies, and the Fate of Liberty (2019), Power and Progress: Our Thousand-Year Struggle Over Technology and Prosperity (2023).

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Expertise