We waren het een beetje vergeten, maar eigenlijk wisten we het al jaren. De onzekerheid, de angsten en de richtingloosheid die 2018 zo navrant maakten, werden decennia geleden al voorvoeld. In 1992, bijna tien jaar voor de aanslagen van 9/11, nam de Canadese singer-songwriter Leonard Cohen het visionaire nummer The Future op. Het verdwijnen van onze privacy, het kraken van 'de westerse code' - wat vandaag zowel naar onze tradities als naar Cambridge Analytica kan verwijzen -, de dodelijke drugsepidemie (toen crack, nu opioïden), de ecologische catastrofe: bij Cohen staat alles er al. Hij zingt: 'Things are going to slide in all directions'. En of het nu de handelsoorlog tussen China en de Verenigde Staten is, het water dat ons in Venetië en elders aan de lippen staat, of de politieke vaudeville van Michel I naar Michel II: Cohens zin vat de tijdgeest nog altijd.
...

We waren het een beetje vergeten, maar eigenlijk wisten we het al jaren. De onzekerheid, de angsten en de richtingloosheid die 2018 zo navrant maakten, werden decennia geleden al voorvoeld. In 1992, bijna tien jaar voor de aanslagen van 9/11, nam de Canadese singer-songwriter Leonard Cohen het visionaire nummer The Future op. Het verdwijnen van onze privacy, het kraken van 'de westerse code' - wat vandaag zowel naar onze tradities als naar Cambridge Analytica kan verwijzen -, de dodelijke drugsepidemie (toen crack, nu opioïden), de ecologische catastrofe: bij Cohen staat alles er al. Hij zingt: 'Things are going to slide in all directions'. En of het nu de handelsoorlog tussen China en de Verenigde Staten is, het water dat ons in Venetië en elders aan de lippen staat, of de politieke vaudeville van Michel I naar Michel II: Cohens zin vat de tijdgeest nog altijd. Hedendaagse vooruitgangsdenkers als Hans Rosling en Steven Pinker bewijzen uiteindelijk vooral dat metafysische angsten niet te bezweren vallen met groeicijfers en geluksgrafieken. Ja, ze kunnen ons de sprankel hoop geven waarnaar we snakken, en de moed van het doorzettingsvermogen, maar zelfs Pinker moet toegeven dat hij de jongste jaren een beetje beduusd naar het wereldtoneel staat te kijken. De wereldorde is aan het schuiven, en dat maakt het diepe verlangen wakker naar begrenzing, naar muren, en naar de gewelddadigste ideologische scherpslijpers. 'Give me back the Berlin Wall, give me Stalin and St. Paul', zong Cohen drie jaar na de val van de Muur. Noem die hang naar autoriteit regressief, of een teken van onvolwassenheid, maar filosofen, psychologen en andere pastoors hebben het allemaal al voorspeld: we kunnen de grenzeloosheid niet aan. Bij dreigende stuurloosheid is zelfs een crimineel met een plan, hoe idioot ook, een potentiële leider. In een interview in het jaaroverzicht van Knack deze week, zegt de Indiase denker Pankaj Mishra het zo: 'Wereldwijd stemmen ontevreden kiezers voor gepatenteerde schurken.' Bij Cohen wordt dat: 'I've seen the future, brother, it is murder.'Linkse ideologen, die zo druk met de cijfers van de economische ongelijkheid bezig zijn dat ze de psychologie van de vernedering zelden in rekening brengen, of ze reflexmatig als racisme doodverklaren, staan twee jaar na de verkiezing van Trump en de winst van de brexiteers nog altijd met open mond te kijken naar de boze burger. Met de uitverkoop van de sociaaldemocratie (of delen van de christendemocratie, om Arco niet te noemen) aan het kapitalisme gaf het linkse establishment zichzelf een brevet van onvermogen. Maar het bleef vooral ook neerkijken op de verliezers die zich niet aan de links-liberale dogma's wensten te conformeren. Rechtse ideologen, die vandaag begrippen als 'totale oorlog' in de mond nemen alsof het niets is, onderschatten dan weer schromelijk het gevaar van identitaire excessen en van het diepgewortelde racisme dat geweld legitimeert en aanwakkert, overal in Europa en de Verenigde Staten. Nu het rechtse establishment die geest uit de fles laat, wordt het verduiveld moeilijk om hem er weer in te krijgen. Het absolute verbod op vergelijkingen met Hitler - een manoeuvre dat weliswaar te makkelijk uit de kast wordt gehaald - wordt stilaan bespottelijk. De vraag of de volkswoede aangedreven wordt door de economie of door identitaire angsten, is een valse: het zijn niet zelden twee kanten van dezelfde medaille. Groeiende ongelijkheid en ideologische vernedering gaan hand in hand: dat is de psychodynamica van de boze burger, van de Trumpstemmers tot de gele hesjes. Vorige week benadrukte de Belgische gelukseconoom Jan-Emmanuel De Neve nog in Knack hoe data over het welbevinden van de burgers perfect de brexit en de verkiezing van Trump hebben kunnen voorspellen: 'De kaart met de ongelukkigste regio's van de VS en die met Trumpstemmers zijn haast kopieën van elkaar.' Of de burger nu vernederd wordt door dalende lonen of zichzelf niet meer herkent in de waarden van de leidende elite, het onbehagen is reëel en zal een politieke vertaling vinden. Alleen een écht identitair debat kan dan een uitweg bieden. Geen angstig, regressief en narcistisch verdedigen van 'wat we altijd al waren', maar overeenstemming vinden, in een democratisch debat, over wat we in de toekomst willen worden.