Vrije Tribune

‘Populisme is geen logisch gevolg van migratiedruk’

Vrije Tribune Hier geven we een forum aan organisaties, columnisten en gastbloggers

‘Het populisme bij ons is een gevolg van het onvermogen om identiteit adequaat te integreren in het politiek discours en het beleid’, schrijft Hans Duquet (CD&V). ‘De omgang met migratiedruk is een onderdeel van dit onvermogen.’

Het omslagartikel ‘De nieuwe migratiecrisis’ in Knack van 2 augustus geeft aan dat deze kwestie helemaal terug is. Er wordt in verwezen naar het gevaar voor de Europese Unie uitgaand van de Italiaanse verkiezingen begin 2018. Uit frustratie kunnen de Italianen anti-Europese populistische partijen aan de macht brengen.

Een Britse denktank zei recent dat populisme in de EU een blijver is, omdat ‘burgers hun nationale tradities en culturen bedreigd zien door meer Europa en immigratie’. Dit wekt de indruk dat populisme een soort logisch gevolg is van migratiedruk. Ik ben het hier fundamenteel mee oneens. Ik meen dat populisme bij ons een gevolg is van het onvermogen om identiteit adequaat te integreren in het politiek discours en het beleid. De omgang met migratiedruk is een onderdeel van dit onvermogen.

‘Populisme is geen logisch gevolg van migratiedruk’

Grote groepen mensen van vreemde herkomst en met andere referentiekaders opnemen is niet evident. Een samenleving is immers iets dat zich organisch over de tijd ontwikkelt tot een ‘gemeenschap’ met eigen normen en waarden, er ontstaat een wij-gevoel. Bovendien schept immigratie bijkomende concurrentie voor schaarse zaken zoals jobs en opleiding. Denk aan je dyslectisch kind dat op school minder aandacht krijgt door de aandacht voor vluchtelingenkinderen. Als gevolg van een en ander wordt migratiedruk aangevoeld als bedreiging van ‘het onze’, ook als je er niet direct mee te maken hebt.

Dit gegeven maakt niet blij. Het is een onderdeel van het ‘menselijk tekort’. Maar vergelijk het met de persoonlijke sfeer: er zijn weinigen waar de huisdeur ten allen tijde openstaat voor alle voorbijgangers die dan ook nog vrijelijk mogen beschikken over al wat in huis voorradig is. Afscherming van ‘het onze’ behoort tot de essentie van het mens-zijn. We moeten ons daar niet voor schamen.

Dit gegeven is krachtig. Een politiek die het niet verrekent loopt uit op fenomenen als populisme. Dat is wat we nu zien. Ernstig nemen dat in delen van de samenleving een gevoel van onbehagen bestaat tegenover ‘het vreemde’ is voor sommige partijen al een probleem.

Dat heeft ook te maken met een breder gegeven, eveneens sterk in het spel als oorzaak van populisme. Er is een vervreemding tussen politieke partijen en lager opgeleiden. De focus in partijhoofdkwartieren is veel meer op wat de columnist van je krant schrijft dan op wat je kapper of je automecanicien zegt. Lager opgeleiden zijn vaak een soort maatschappelijke blinde vlek. Dit is nergens meer tot uiting gekomen dan bij de Amerikaanse presidentsverkiezingen, denk aan de uitspraak van Hillary Clinton over de ‘deplorables’.

Het is de uitdaging voor de democratische partijen een discours en een beleid te ontwikkelen die rekening houden met al het voorgaande zonder de band met onze beschavingswaarden te verliezen. Dit heeft volstrekt niets te maken met het “overnemen” van standpunten van populistische partijen. Het is niet omdat zo’n partij op een knelpunt wijst dat dit knelpunt niet bestaat. Het communisme was een eeuw geleden een slecht antwoord op het sociale vraagstuk. Maar dat betekende niet dat alle partijen die zich om dat sociale vraagstuk bekommerden de communisten achterna liepen.

Een discours en een beleid dat rekening houdt met identiteit zou onder meer het volgende kunnen inhouden.

  • Het is een essentiële rol van een overheid om te bepalen wie op haar grondgebied mag verblijven en daaraan de hand te houden.
  • Ieder integratiebeleid moet steunen op twee pijlers: een gehechtheid aan onze fundamentele waarden en een positieve openheid naar mensen van vreemde origine.
  • Het leven in openheid naar onze belangrijke allochtone gemeenschappen betekent niet zonder meer het aanvaarden van alle gedragingen. Waardepatronen zijn niet allemaal even goed. Asiel en economische migratie staan volledig los van elkaar. Economische migratie van buiten de EU kan enkel onder strikte voorwaarden met aanvraag vanuit het land van oorsprong.
  • Een goed functionerend asielbeleid kan niet zonder een humaan en kordaat terugkeerbeleid. Dit is een onmisbaar sluitstuk van het asielbeleid.

Deze punten zijn niet schokkend. Het gaat om de juiste dosering en de duidelijkheid van het discours. Bovenal moet het beleid effectief de zaken waarmaken en vermijden dat de indruk ontstaat van een gebrek aan controle. Dat is onder meer bijzonder uitdagend voor het bestrijden van de oorzaken van vluchtelingenstromen uit conflictgebieden.

Wrange kwestie

Dat probleem is veel te complex om enkel oplosbaar te zijn met meer ontwikkelingshulp. Als we in die landen echt willen werken aan opvangmogelijkheden ter plaatse, bestrijding van conflicten en verbeteren van lokale bestuursstructuren, hebben we met Europa nog een lange en grotendeels onbegane weg te gaan. Zolang die niet gegaan is, zullen we aan de Europese buitengrenzen tragische taferelen blijven zien. Hoe hermetisch we Europa willen en kunnen afsluiten zal een wrange kwestie blijven.

Zowel in het discours als in het beleid hebben we hier te maken met spanningsvelden. Omgaan hiermee eist veel van het politiek métier. Een noodzakelijke basishouding daarbij is die van respect voor iedere burger. Wie stemt voor populistische partijen heeft het recht dat te doen. We mogen deze mensen niet veroordelen. We moeten met hen rekening houden en hen met woord en daad overtuigen dat dit geen perspectief biedt. Dat is niet simpel, maar niet onmogelijk. Als het slaagt, is populisme geen logisch gevolg meer van migratiedruk.

Hans Duquet is lid van de CD&V-werkgroep Zingeving en Ideologie.

Partner Content