Opinie

Walter De Smedt

‘PFOS in Zwijndrecht: hoe kan het dat er pas door tussenkomst van Raad van State een doeltreffende reactie kwam?’

Walter De Smedt Strafrechter op rust, enige Belg die ooit zowel lid was van het Comité P als het Comité I

‘Het PFOS-dossier in Zwijndrecht gaat al lang niet meer alleen over grondvervuiling’, schrijft gewezen strafrechter Walter De Smedt.

Manu Claeys, lid van de raad van bestuur van Lantis en voorzitter van het burgercollectief stRaten-generaal gaf in het interview in Knack zijn conclusie over de manier waarop actiegroepen de werken aan Oosterweel hebben laten stil leggen: ‘Mijn conclusie blijft: het is hun voornaamste bedoeling om Oosterweel helemaal stil te leggen en après nous le déluge.’ Als je overschouwt wat het politiek beleid in dit dossier al dan niet heeft gedaan kan je tot dezelfde conclusie komen, maar dan wel in hoofde van de beleidsmakers.

De Oosterweelwerken kan je niet los zien van wat die in de eerste fase inhouden, namelijk grootschalige grondwerken. Omdat het niet meer kan betwist worden dat het om sterk verontreinigde grond gaat, afvalverwerking dus, kan je evenmin voorbij aan de reglementaire verplichtingen die daaruit voortkomen. Omdat die verplichtingen werden miskend en dat tot gevolg heeft dat er strafbare feiten werden gepleegd kom je ook daarmee niet meer weg. Dat iedereen die het moest weten al lang kennis had van de verontreiniging door 3M maakt de bestuurlijk-politieke maar ook de strafrechtelijke aanspreekbaarheid enkel nog groter.

Beweren dat de actiegroepen huichelachtig reageren en het hen niet om de volksgezondheid te doen is staat ook in schril contrast met de vaststellingen. ‘De effecten variëren naargelang de onderzochte soort PFAS, maar zijn vooral beperking of ontregeling van de immuniteit, verstoring van de hormoonbalans, verstoring van de leverfunctie. PFAS stapelen zich op in het menselijke lichaam en breken enorm traag af. Die factoren bepalen mee de toxiciteit van PFAS.’ Als de actiegroepen het niet om de volksgezondheid doen mogen de andere burgers tevreden zijn dat er verzet kwam tegen dergelijke ernstige aantasting van de gezondheid.

De opmerking van de heer Claeys: ‘De actiegroepen waren eerst naar het parket gestapt, dan naar de burgerlijke rechtbank, vervolgens probeerden ze een milieustakingsvordering en uiteindelijk volgde de Raad van State’, legt, wellicht ongewild, de vinger op een andere wonde: hoe kan het dat pas door de tussenkomst van de Raad van State er enige doeltreffende reactie kwam?

PFOS in Zwijndrecht: hoe kan het dat er pas door tussenkomst van Raad van State een doeltreffende reactie kwam?

Het hoefde nooit zover te komen dat burgers dergelijke acties moesten voeren. Eén klik op het internet brengt je bij het artikel van Sharon Lerner van 31 juli 2018 op het onlinetijdschrift The Intercept. Wat daarin reeds jaren geleden werd publiek gemaakt laat niets aan duidelijkheid over:

“Maar de gevaren van deze industriële chemicaliën zijn al tientallen jaren bekend, niet slechts een paar maanden of jaren. Een rechtszaak aangespannen door Minnesota tegen 3M, het bedrijf dat voor het eerst PFOS en PFOA, de twee bekendste PFAS-verbindingen, ontwikkelde en verkocht, heeft onthuld dat het bedrijf wist dat deze chemicaliën zich al meer dan 40 jaar ophopen in het bloed van mensen. 3M-onderzoekers documenteerden de chemicaliën in vissen, net zoals de wetenschapper uit Michigan dat deed, maar dat deden ze al in de jaren zeventig. In datzelfde decennium realiseerden 3M-wetenschappers zich dat de verbindingen die ze produceerden giftig waren. Het bedrijf had toen zelfs bewijs van de effecten van de verbindingen op het immuunsysteem, waarvan onderzoeken nu pas de lagere niveaus naar voren brengen die zijn voorgesteld door de ATSDR, evenals verschillende staten en de Europese Unie. De rechtszaak, die de procureur-generaal van Minnesota in 2010 heeft ingediend, beschuldigt 3M ervan het grondwater te hebben vervuild met PFAS-verbindingen en “wist of had moeten weten” dat deze chemicaliën de menselijke gezondheid en het milieu schaden, en “resulteren in letsel, vernietiging en verlies van natuurlijke middelen van de staat.” De klacht stelt dat 3M “handelde met een opzettelijke minachting voor het hoge risico op letsel voor de burgers en dieren in het wild van Minnesota”. 3M schikte de rechtszaak in februari voor $ 850 miljoen, en het kantoor van de procureur-generaal van Minnesota publiceerde een groot aantal documenten – inclusief interne studies, memo’s, e-mails en onderzoeksrapporten – waarin werd beschreven wat 3M wist over de schadelijke effecten van de chemicaliën.’

Dat burgers naar de verschillende instituten stapten en er pas door een beslissing van de Raad van State daadwerkelijk gevolg werd aan gegeven maakt de uitspraak van de procureur-generaal van Minnesota ook toepasselijk op de Belgische toestanden: “De klacht stelt dat 3M handelde met een opzettelijke minachting voor het hoge risico op letsel voor de burgers en dieren in het wild.”

Dat de heer Claeys zich in zijn hart getroffen voelt omdat de activisten vinden dat hij en met hem stRaten-generaal, zich heeft laten inpakken door bouwheer Lantis en de activisten zich er tegen verzetten dat met de vervuilde grond hetzelfde gebeurt, doet er niet toe. Misschien zit er aan de huidige vraagstelling over het geheel wel een ander dienstig gevolg aan: Is de kostelijke overkapping van de ring nog wel nodig als er binnen kort nog enkel niet polluerende elektrische wagens onder rijden?

In ieder geval kenmerkt deze minachting voor het belang van de burgers en meer bepaald voor hun gezondheid de gehele bestuurlijk-politieke afhandeling. Dat maakt dat dit dossier niet enkel over grondverontreiniging gaat maar de politiek-bestuurlijke pollutie er minstens even groot in is.

Partner Content