Jean-Marie Dedecker (LDD)

‘Moederdag ontheiligen klinkt als het krassen van een vingernagel op het schoolbord’

Jean-Marie Dedecker over religie in onze maatschappij: ‘Mensen moeten vrij kunnen zijn van religieuze dwang en geestelijke chantage, een grondrecht dat zeker ook voor kinderen geldt.’

‘De tweede zondag in mei is de dag waarop we kokkinnen, serveersters, leraressen, werksters, psychologes, psychiaters, artsen en bankiersters eren, of, om hen bij de soortnaam te noemen: Moeders!’

Moederdag ontheiligen klinkt als het krassen van een vingernagel op het schoolbord.

Dat schreef Robert Orben, de man die ooit de speeches neerpende voor de Amerikaanse president Gerald Ford. Vaderdag daarentegen is eerder Moederdag met minder kosten en uitgaven.

Dominique Paquot, de schooldirecteur van Singelijn in Sint-Lambrechts-Woluwe heeft het zo niet begrepen. Hij schafte dit traditioneel creatief gebruik eenvoudigweg af. Er zijn teveel kinderen waarvan de ouders niet meer beantwoorden aan het traditioneel huwelijkspatroon volgens de schoolpraeses. Velen hebben bonuspapa’s, plusmamma’s, één ouder of holebi-ouders en dito gezinssamenstellingen.

Het geven van een cadeautje kwetst dan de kinderzieltjes die niet beantwoorden aan de klassieke samenlevingsvorm. We kunnen dan ook het sinterklaasfeest afschaffen omdat niet alle kinderen evenveel in hun schoentje vinden, of het grootouderfeest omdat er al veel oude besjes het eeuwige voor het aardse hebben ingeruild. Een stralend kindergezichtje dat zijn knullig knutselwerkje aan zijn moeder geeft is meer dan traditie, het is devotie.

De heisa rond de banbrief van Paquot omdat hij ook gezegd zou hebben dat er teveel kinderen van andere culturen op zijn schoolbankjes zitten die dat soort feesten niet vieren, heeft hij aan zichzelf te danken. Zijn kattenbelletje vermeldt namelijk letterlijk: ‘à l’école Singelijn, nous sommes fiers d’avoir une grande diversité de familles et de cultures dans toutes leurs richesses et complexité…’

Op enkele extremistische zeloten na, die Moederdag haram en decadent vinden, kwam er geen enkele afkeurend geluid uit de moslimgemeenschap. Geforceerde neutraliteit leidt tot diversiteitsgekte.

De 250 Neanderthalers die met scheldproza en dreigmails Paqout naar de hel wensten hebben het IQ en het EQ van een sperzieboon, maar de collectieve verontwaardiging voor het bannen van volkse tradities, van Sinterklaas tot Pasen en Moederdag, uit naam van een of andere diversiteit, slaat telkens diepere maatschappelijke wonden dan het er heelt. Het afschaffen van Moederdag klinkt als het krassen van een vingernagel op een schoolbord.

‘De verdoemden in de hel zijn beroofd van het onuitsprekelijk geluk God te aanschouwen, en worden gefolterd door de knaging van het geweten, door het onblusbaar vuur en door het vooruitzicht van een eeuwig lijden.’

Het is geen soera of slagzin uit de Koran of de Hadith. Het is vers 240 uit de zestiende les van de ‘Catechismus ten gebruike van al de bisdommen van België’ uit 1958. Striemende geboden en verboden die we als tienjarige met knikkende knieën uit het hoofd moesten leren, en die door de onderpastoor en de schoolmeester met harde hand in ons schuldbewustzijn werden geramd.

En wie er soms aan twijfelde wie de baas was in dit aards tussenstation hoefde er maar vers 281 op na te lezen: ‘Het is verboden aan zijn ouders of aan andere oversten te gehoorzamen, wanneer zij iets bevelen dat strijdig is met de geboden van God of van de heilige Kerk.’ De bijbel is met andere woorden belangrijker dan de Belgische wet en God staat boven het ouderlijk gezag. De priesters van toen waren even gedreven donderprekers als de imams van vandaag.

De priesters van toen waren even gedreven donderprekers als de imams van vandaag.

De meesten van mijn klasgenoten zijn ongeschonden doorgegroeid en hebben zich bevrijd van de dwingelandij van een sprookjesboek. Mijn grootmoeder bad nog paternosters en brandde nog kaarsen opdat we moeiteloos onze schoolexamens zouden doorkomen en aan duivelse bekoringen zouden weerstaan. We moesten naar de zondagsmis en sommigen werden misdienaar, eerder om het verloren kerkuurtje creatief door te komen – beter dan je te vervelen op je kerkstoel, luisterend naar steeds dezelfde litanieën en donderpreken.

Mijn ouders hadden Voltaire al gelezen: ‘Mensen die je ongerijmdheden kunt laten geloven, kun je ook gruweldaden laten begaan.’ Voor onze eigen kinderen is de duivel hoogstens nog Darth Vader uit Star Wars of Voldemort die het leven van Harry Potter wat zuurder maakt. Anders is het voor de peuters en de pubers onder streng islamonderwijs. Een goede moslim zijn betekent voor die kinderen vooral bang zijn. Tienduizenden Belgische moslimjongeren zijn vandaag bang om te leven, zei Montasser AlDe’emeh in Knack vorige week.

De jihadexpert deed een rondgang in enkele Brusselse scholen. Als je bedenkt dat in het lager officieel hoofdstedelijk onderwijs 47,5% van de leerlingen islamlessen volgt en in het secundair 44,7%, dan is het niet te verwonderen dat de duivel er door het zwerk vliegt.

De intellectuele bevrijding van de geest wordt door de imams nog altijd gezien als een bedreiging. De angst voor de Antichrist en het schrikbeeld voor het laatste zorgt voor een denkpatroon dat thuishoort in de middeleeuwen. Godsdienst als misdaad tegen het kind in plaats van een kruk als troost. Terwijl onze westerse beschaving ondertussen van die achterlijkheid verlost is, wil het katholiek onderwijs die goddelijke demonen zelfs nog terug binnen laten via haar dialoogscholen. De prijs van de multiculturaliteit. Een oud systeem van vόόr het mathematische en relativistische denken van de twintigste eeuw wordt opgelegd aan kinderen die zich daar niet kunnen tegen verweren. Sociologen die onderzoek deden onder Britse kinderen kwamen tot de bevinding dat slechts één op twaalf kinderen zich losmaakt van de religieuze overtuigingen van de ouders ( Richard Dawkins in God als misvatting p 116).

Een kind heeft drie ijkpunten: zijn ouders, de school en de televisie. Met heimwee-schotelantennes gericht op Mekka en het thuisland, met ouders die de navelstreng van hun land van herkomst en de moskee niet doorknippen, en met islamleerkrachten die met hellepreken en horrorverhalen het zondebesef cultiveren, blijft een groep kinderen in ons land nog altijd het kind van de rekening.

Mensen moeten vrij kunnen zijn van religieuze dwang en geestelijke chantage, een grondrecht dat zeker ook voor kinderen geldt. Religie besmet mensen, beweert de bioloog Richard Dawkins.

Wat Montasser AlDe’emeh beschrijft is een systematische indoctrinatie van jonge, weerloze en ongevormde geesten. Wat het martelaarschap van godvrezende gekken op weg naar het paradijs betekent, zou men in Brussel nochtans moeten weten. ‘De mens die geleid wordt door angst en die doet wat goed is om te vermijden wat kwaad is, wordt niet geleid door de rede.’ Een wijs man, die Spinoza.

Partner Content