In opdracht van de vorige eigenaar, verzekeringsmaatschappij Le Lion Belge, restaureerde ze ooit de rijzige gevel met de imposante erker. Barbara Van der Wee weet van toen dat het met de rest van het pand, Munthofstraat 66 Sint-Gillis, beroerd gesteld is. Tenminste, voor wie er het vroege art-nouveaumeesterwerkje van Victor Horta in zou willen herkennen. 'Maar ik dacht ook: alles moet daar nog zitten', zegt de architecte bij een inspectie van de vroegere gr...

In opdracht van de vorige eigenaar, verzekeringsmaatschappij Le Lion Belge, restaureerde ze ooit de rijzige gevel met de imposante erker. Barbara Van der Wee weet van toen dat het met de rest van het pand, Munthofstraat 66 Sint-Gillis, beroerd gesteld is. Tenminste, voor wie er het vroege art-nouveaumeesterwerkje van Victor Horta in zou willen herkennen. 'Maar ik dacht ook: alles moet daar nog zitten', zegt de architecte bij een inspectie van de vroegere grand salon. 'De metaalstructuur, de plafonds, dat breek je niet zomaar weg, anders stort het huis in.' Vijf jaar geleden bood zich de gelegenheid aan. Makelaar en Hortaliefhebber Michel Gilbert kocht het pand en deed een beroep op haar expertise. De redding van Huis Winssinger was plots een reëel perspectief. Van woningen die aan restauratie toe zijn, bekijkt de architecte eerst de bouwgeschiedenis. Ze kunnen een of meerdere keren verbouwd zijn, zaak is om hun bloeiperiode te bepalen. Ingrepen moeten daarop aansluiten. In het geval van Victor Horta is dat meestal duidelijk. Bij het Huis Van Eetvelde, de Kleuterschool in de Marollen - waar ze een glazen vloer in de binnenplaats aanbracht - en zelfs het Paleis voor Schone Kunsten ondervond Van Der Wee weinig problemen. Het woonhuis voor ingenieur Camille Winssinger uit 1894 was een ander paar mouwen. Het werd tot tweemaal toe verbouwd. De eerste keer gebeurde dat door Victor Horta zelf in 1927. In opdracht van zoon Winssinger maakte hij er een opbrengsthuis van. Om van de eerste tot de derde verdieping appartementen te kunnen inrichten, onderbrak hij het vloeiend geïntegreerde geheel met de majestatische trap en de doorlopende muurschilderingen. In 1947 richtte Le Lion Belge er zijn kantoren in. Het art-nouveausalon van Horta werd een art-decoruimte van Kunstwerkstede Decoene uit Kortrijk. De open ruimte achter het huis werd volgebouwd, waarbij de wintertuin sneuvelde en het licht nog moeilijk binnen kon. Met de instemming van de nieuwe eigenaar, sluit het project van Barbara Van der Wee aan bij de heyday van Huis Winssinger: de oorspronkelijke bouw. Gelijkvloers en entresol worden opnieuw een geheel, geschikt voor luxekantoren, de Hortatrap wordt gerestaureerd tot aan de eerste verdieping, het salon krijgt zijn art-nouveaukarakter terug. De achterbouw wordt gedeeltelijk afgebroken, de wintertuin in ere hersteld en er komt een intiem tuintje naar een ontwerp van Eric Dhondt. De voltooiing is nog niet voor morgen. JAN BRAET/FOTO'S ANNICK GEENEN