ANNE PEETERS
...

ANNE PEETERS"Het negatief advies van de technische raad is unaniem totstandgekomen en steunt op de resultaten van studies en op het advies van de transparantiecommissie, die elk nieuw medicijn beoordeelt. De raad bestaat uit vertegenwoordigers van de ziekenfondsen, academici, apothekers en artsen, en beschikt dus over voldoende deskundigheid. Volgens de academici is de werking van Riluzole onvoldoende bewezen. Bovendien wordt het medicijn enkel toegediend in een vrij laat stadium van de ziekte, op een moment dat er alleen sprake is van levensverlenging en niet van kwaliteitsverbetering van het leven. Daarvoor 12.000 frank per maand neertellen, lijkt ons niet redelijk. Mocht het medicijn goedkoper zijn, zouden we eventueel nog kunnen adviseren tot terugbetaling. In alle andere Europese landen wordt het medicijn wel erkend en terugbetaald, luidt het tegenargument. Maar dat is zo'n uitspraak die vaak met een korrel zout moet worden genomen. Ik wil wel eens weten tegen welke prijs en onder welke voorwaarden het terugbetaald wordt. Het moet trouwens maar eens gedaan zijn met de vinger naar de sociale zekerheid te wijzen. De farmaceutische industrie probeert systematisch een nieuw product te commercialiseren nog voor het volledig in orde is. Veel te vroeg. De sociale zekerheid wordt in feite gevraagd om de research- en ontwikkelingskosten te dragen. Ik begrijp die tactiek niet: de producenten moeten toch ook weten dat zo'n houding zich tegen hen keert. De tijd dat de sociale zekerheid zomaar alles kan betalen, is voorbij. En hoeveel patiënten kunnen zo'n duur medicijn uit eigen zak betalen? De producent overdrijft in zijn prijszetting. Hoe erger de aandoening, hoe duurder het medicijn: die trend moet stoppen. Maar wat zal gebeuren? Door de media-aandacht zal minister Magda De Galan (PS) toch besluiten tot terugbetaling. Een bekend scenario, jammer genoeg." JUAN RAMON ALAIXAls Riluzole in de meeste landen van de wereld wel wordt terugbetaald, waarom dan niet in België? Er is genoeg wetenschappelijk bewijs voor de werking van het medicijn, zo stelt Juan Ramón Alaix, general manager van Rhône-Poulenc Rorer, het farmaceutisch bedrijf dat Riluzole heeft ontwikkeld. Het prijsargument is volgens Alaix onterecht. "De mening van de technische raad van het Riziv dat Riluzole onvoldoende werking heeft, wordt tegengesproken door specialisten uit de hele wereld. In de meeste landen wordt het product immers wel erkend en terugbetaald. Bovendien is er op dit moment geen enkel ander medicijn tegen ALS voorhanden. Vreemd is trouwens dat Riluzole wel wordt erkend in België, dus aan een reeks essentiële voorwaarden voldoet, maar toch niet wordt terugbetaald. Het argument van de prijs is onterecht. We vragen in België evenveel als in de andere landen, niet meer. Dat in die prijs de kosten van research en ontwikkeling zitten vervat, lijkt me nogal logisch. Elk nieuw product moet worden gefinancierd. En wij kunnen dat niet alleen aan. Als niemand helpt met het dragen van ontwikkelingskosten, zullen er uiteindelijk geen nieuwe medicijnen meer op de markt komen. Trouwens, België telt vierhonderd ALS-patiënten, de terugbetaling van Riluzole zou dus geen enorme inspanning vergen. Het medicijn kost 12.000 frank per maand, we spreken dus over een kost van zowat zestig miljoen per jaar. In landen met een vergelijkbare graad van welzijn wordt het medicijn terugbetaald, dus waarom niet in België? Dat de druk op de sociale zekerheid verhoogt, komt niet door hoge prijzen van de farmaceutische industrie, maar door de vergrijzing van de bevolking. De bewering dat de producenten hun prijzen kunstmatig opvoeren, klopt niet. De winstmarge daalt de jongste jaren zelfs. Dat geldt zeker in ons bedrijf, maar ik denk dat ik hier ook in naam van collega's of concurrenten kan spreken. Drie jaar lang hebben we Riluzole gratis verstrekt aan de patiënten, maar we kunnen die kost niet blijven dragen. Daarom hebben we besloten tot het stopzetten van die verstrekking. Ik hoop dat de minister inziet dat zich hier een probleem stelt dat moet worden opgelost. En daarbij staat het lot van de patiënt op de eerste plaats, niet de belangen van ons bedrijf."Opgetekend door Bart Vandormael