Slaat de paniek toe bij de verzekeraars?
...

Slaat de paniek toe bij de verzekeraars?Freddy (Alfred) Bouckaert (53) keert uit Parijs naar België terug om de financiële dienstengroep Royale Belge/Axa Belgium/Ippa/Anhyp en de verwanten, de Kortrijkse Verzekering, Juris, de Patronale Onderlinge en de Verzekeringen van de Post, te stroomlijnen. Het gaat om de op één - de Fortis Groep - na grootste bankverzekeraar van het land. In Franse handen weliswaar, maar dat kan geen verwondering meer wekken. De verzekeraars krijgen van hun collega's-bankiers nu zeker de nodige waarschuwingen. In de eerste helft van de jaren negentig beleefden zij weinig plezier met Bouckaert aan het hoofd van Crédit Lyonnais België. Hoewel banken nogal belerend doen over de voordelen van de vrije markt en de concurrentie, hebben zij onder mekaar de neiging commerciële afspraakjes te maken. Een Belgisch bankenkartel? Het klinkt wat te sterk, maar met de gelijklopendheid in rentetarieven en cliëntenkosten lijkt het er wel fel op. Het kleine Lyonnais trok zich daar dus niets van aan. Ofschoon hoofdzakelijk een bank voor het bedrijfsleven, die zich ook avonturierde in de swaps en de opties, veroverde Bouckaert een onevenredig groot deel van de retail. De bank verstoorde de rust in het Belgische banklandschap. Op de spaarboekjes bood ze een rente die de concurrenten deed slikken. Erg moeilijk was dat toen niet: de banken hadden de gewoonte zoiets als 4,75 procent te betalen voor het spaargeld, dat zij meteen herbelegden in staatsleningen met tien procent. Hoe dan ook, het bankenheir verachtte de agressieve methoden van Bouckaert. Crédit Lyonnais raakte gemarginaliseerd. Sommige banken schortten, bij wijze van regelrechte boycot, hun gewone interbancaire betrekkingen op - iets wat nooit eerder was gebeurd.LIEVER OPBOUWEN DAN ONTMANTELENIn 1994 riep Crédit Lyonnais, Bouckaert naar Parijs. Terwijl de Belgische dochter goed boerde, verkeerde de Franse moeder in de allergrootste financiële moeilijkheden. Als voorwaarde voor een enorm pakket staatssteun moest de Crédit Lyonnais zijn buitenlandse vestigingen van de hand doen. Dat was Bouckaerts opdracht. In België ging het er inmiddels trouwens rustiger toe. De dalende rente smoorde de agressiviteit van de Lyonnais, en de spaarders gaan nu hun winst op de beurs zoeken. Intussen is Bouckaerts taak in Parijs opgeknapt; bij wijze van spreken met de verkoop van Crédit Lyonnais België aan de Deutsche Bank als laatste activiteit. Hij heeft daar nu genoeg van. "Het is een frustrerende bezigheid, ik bouw liever zaken op dan ze te ontmantelen", bekende hij ooit. Dat opbouwen kan hij nu doen in het Belgische Axa-imperium, waarvan de Royale Belge, de voormalige absolute nummer één van het Belgisch verzekeringswezen, een onderdeel is. Bouckaert volgt de minzame Fransman Patrick de Courcel op, die naar Frankrijk terugkeert. Met de Royale Belge is op enkele jaren veel gebeurd. De hoofdrolspeler is het Franse Axa - de naam betekent niets, maar schijnt even schoon te klinken als te ogen. Met Claude Bébéar groeide die op relatief korte tijd uit van een club bescheiden mutualistische maatschappijtjes tot de grootste verzekeringsgroep ter wereld. De charismatische Bébéar is een onvermoeibaar veroveraar. In 1987 al mikte Parijs op de Royale Belge en bouwde stiekem een minderheidsparticipatie op. De Groep Brussel Lambert en de Union des Assurances de Paris (UAP) sloegen toen samen de aanval af. De Belgische verzekeringsgroep beschikte immers over een prachtige portefeuille participaties, onder meer in de Bank Brussel Lambert. DE VERANKERAAR VERKOOPTMaar een kleine tien jaar later schuiven de zaken razendsnel op. Kort nadat de genationaliseerde UAP opnieuw geprivatiseerd is, neemt Axa de verzekeraar over en is daardoor meteen de referentieaandeelhouder van de Royale Belge. De Belgische verankeraar Albert Frère verkoopt zijn pakket aan Axa. (Zoals hij ook deed met zijn andere particpaties: de BBL ging naar het Nederlandse ING, Tractebel naar het Franse Suez Lyonnaise des Eaux, Petrofina naar het Franse Total.) Axa haalt Royale Belge, in 1997 nog de primus van de Bel20-aandelen, van de beurs. Het jaar erop mag de Belgische verzekeringsmaatschappij haar eigen fusie betalen met Axa Belgium. Met Bouckaert haalt Claude Bébéar een crisismanager binnen. Het gaat er namelijk nogal spannend toe bij zijn Belgen. De cultuurverschillen tussen de verschillende maatschappijen, eerder mekaars concurrenten, blijken groot. Directieleden stappen op, of moeten dat doen, honderden kaderleden verhuizen van job, personeel moet afvloeien. En vooral is het ermee gedaan om de eigen boontjes te doppen: in het rijk van Axa wikt en beslist Parijs. Wellicht is Freddy Bouckaert, met zijn achtergrond als Franstalige Bruggeling en saneerder bij Crédit Lyonnais, geschikt voor dit ruige werk.G.D.