Connie Palmen (auteur van 'Jij zegt het', de postume loutering van dichter Ted Hughes, man van Sylvia Plath): Ik was buitengewoon verheugd met de Libris. Het was een hele poos geleden dat een boek van me bekroond werd, vandaar die onvoorstelbare blijdschap.
...

Connie Palmen (auteur van 'Jij zegt het', de postume loutering van dichter Ted Hughes, man van Sylvia Plath): Ik was buitengewoon verheugd met de Libris. Het was een hele poos geleden dat een boek van me bekroond werd, vandaar die onvoorstelbare blijdschap. Palmen: Ik probeer altijd de grenzen op te zoeken, en als het even kan er ook overheen te gaan. In dit geval door een poëziebundel om te zetten naar proza, met behulp van een aantal biografieën. Tegelijk is het een commentaar op het biografische genre, op de macht van de biografie. Ted Hughes kwam op een zeer passieve manier in alle biografieën van zijn vrouw Sylvia Plath voor, en speelde daar telkens een heel kwalijke rol in. In die Judasbiografieën werd haar zelfmoord in zijn schoenen geschoven. Het boeide me wat het met een mensenleven doet als je in zo'n haatwerk belandt. Er is ooit een documentaire over mij gemaakt waarin mensen die ik in geen veertig jaar had gezien me even gingen analyseren. Hoogst onaangenaam was dat. Beangstigend zelfs. Palmen: Ik snap wat er modern en gewaagd aan is: Peeters heeft haar eigen trauma's verwerkt in het verhaal van de niet-erkende dochter van dichter Pablo Neruda. Maar ik heb er maar een stukje uit gelezen. Al mijn tijd gaat momenteel naar 'verplicht leesvoer', ter inspiratie voor mijn Boekenweekessay. Palmen: Cees Nooteboom is een goede vriend, en als hij me zijn werk doorspeelt via e-mail, lees ik dat vrijwel meteen. Zijn recente 533 - een dagenboek, over zijn geliefde Menorca, vind ik werkelijk grote literatuur. Palmen: Akkoord, literatuur vermag veel, maar ze zal de wereld heus niet redden. Ik denk niet dat dát erin zit. Literatuur kan wel andere denkwijzen aanreiken, maar wie onze romans leest, is het doorgaans al met ons eens. Palmen: Ik ben ambigu. Het zal wel dat het huis van de literatuur vele kamers heeft, maar laten we het toch maar netjes afbakenen. Anders vervloeit het maar. Dylan heeft geen bijdrage geleverd aan de literatuur, of toch niet aan wat wij vinden wat literatuur is. Maar eerlijk? Sinds Dario Fo neem ik de Nobelprijs niet meer serieus. Ik erger me groen en geel: elk jaar hoop ik op iemand zoals Cees of Philip Roth, en elk jaar wordt het weer een of andere malle Chinees. Tekst KRISTOF DALLE'Sinds Dario Fo neem ik de Nobelprijs voor de Literatuur al niet meer serieus.'