Jürgen Conings staat al zes jaar op de radar van onze inlichtingendiensten

Tientallen huiszoekingen in omgeving van huis Jürgen Conings. © belga
Kristof Clerix
Kristof Clerix is redacteur bij Knack

In 2015 verzamelde de Staatsveiligheid voor het eerst informatie over Jürgen Conings, de militair die sinds 17 mei voortvluchtig is. Dat vernamen Knack en Le Soir uit meerdere goedgeïnformeerde bronnen.

Het Comité I, dat de Belgische inlichtingendiensten controleert, is een onderzoek gestart naar de manier waarop de Staatsveiligheid, de militaire inlichtingendienst ADIV en het Orgaan voor de Coördinatie van de Dreiging (OCAD) informatie hebben ingewonnen en uitgewisseld in de zaak-Conings. De militair van 46 jaar uit Dilsen-Stokkem is al ruim een week spoorloos, nadat hij wapens had meegenomen uit een legerkazerne en alarmerende afscheidsbrieven achterliet.

Chronologie

Zijn er fouten gemaakt bij de informatie-uitwisseling? Dinsdagmiddag vergaderde het Comité voor het eerst met zijn parlementaire begeleidingscommissie over de kwestie. De zitting vond plaats achter gesloten deuren, maar meerdere goedgeïnformeerde bronnen bevestigen dat de volgende chronologie is besproken:

  • 2015: bij de Staatsveiligheid, die de wettelijke opdracht heeft om extremisme op te volgen, loopt voor het eerst informatie binnen over Conings, in het kader van de financiering van een organisatie die op de radar staat van de dienst.
  • 2017-2019: er worden verschillende pv’s over Conings opgesteld, onder meer over verboden wapendracht en racisme. Maar die informatie geraakt op dat moment niet tot bij de ADIV.
  • 2018: informatie loopt binnen die Conings linkt aan een extreem-rechtse groepering.
  • Juni 2020: Conings zoekt het adres op van viroloog Marc Van Ranst.
  • Augustus 2020: het OCAD start een vooronderzoek op naar Conings als ‘potentieel gewelddadige extremist’. Vanaf dat moment wordt zijn naam ook in de Gemeenschappelijke Gegevensbank opgenomen (waar verschillende steundiensten toegang toe hebben) en buigt een Local Task Force zich over de case.
  • 31 augustus 2020: de ADIV beslist om de veiligheidsmachtiging van Conings in te trekken. Omdat Conings bij de Militaire Politie werkte, had hij zo’n machtiging nodig om toegang te krijgen tot bepaalde beveiligde plaatsen.
  • 12 november 2020: pas na 2,5 maand wordt de beslissing over de veiligheidsmachtiging uitgevoerd en wordt Conings op de hoogte gesteld. ‘Een onwaarschijnlijke fout’, oordelen meerdere bronnen.
  • 17 februari 2021: Na het vooronderzoek dat het OCAD had opgestart, wordt Conings onder ‘volledig statuut’ als ‘potentieel gewelddadige extremist’ geplaatst in de Gemeenschappelijke Gegevensbank. Bovendien wordt hem het dreigingsniveau 3 toegekend (‘ernstig’). Die informatie is automatisch beschikbaar in de Gemeenschappelijke Gegevensbank en komt dus sowieso bij de ADIV terecht. ‘Maar de info is niet tot bij ADIV-topman Philippe Boucké geraakt’, zegt één bron. ‘De ADIV heeft compleet nagelaten om de informatie verder op te volgen’, reageert een andere. Het lijkt er sterk op dat binnen de ADIV fouten zijn gebeurd.

‘Fouten’

Tegen begin juli moet het Comité I zijn toezichtsonderzoek afronden. Knack en Le Soir vroegen de Staatsveiligheid en de ADIV om een reactie, maar de diensten geven geen commentaar.

Chef Defensie Michel Hofman erkende dinsdag op een persconferentie wel al dat in de zaak-Conings ‘fouten zijn gebeurd bij de informatiedoorstroming bij Defensie en de militaire inlichtingendienst ADIV.’ De algemene inspectie van Defensie is een onderzoek gestart, waarover minister van Defensie Ludivine Dedonder (PS) meer toelichting zal geven in het parlement. Ze gaf toe dat zij niet op de hoogte was dat Conings in de OCAD-databank was opgenomen.

Eind april berichtten Knack en Le Soir al dat de ADIV slechts over een ‘zeer beperkt’ aantal menselijke bronnen beschikt die de dienst info kan verschaffen over het rechts-extremistische milieu.

Partner Content