Om goed te functioneren moet ons lichaam een kerntemperatuur van 37°C hebben, en daarom zijn we uitgerust met een soort thermostaat die regelmechanismen in werking stelt wanneer de buitentemperatuur dat vereist. Is het buiten 30°C of warmer, dan neemt het lichaam warmte op, en moet het die extra warmte ook weer kwijt geraken om niet oververhit te geraken....

Om goed te functioneren moet ons lichaam een kerntemperatuur van 37°C hebben, en daarom zijn we uitgerust met een soort thermostaat die regelmechanismen in werking stelt wanneer de buitentemperatuur dat vereist. Is het buiten 30°C of warmer, dan neemt het lichaam warmte op, en moet het die extra warmte ook weer kwijt geraken om niet oververhit te geraken. Dat gebeurt onder andere door zweten, zodat we tijdens warme dagen ook extra moeten drinken om de vochtbalans in evenwicht te houden. Na enkele weken hitte treedt wel een zekere acclimatisatie op: de zweetklieren produceren meer zweet met een lager zoutgehalte en de nieren houden meer vocht vast. Wanneer deze temperatuurregelmechanismen niet goed functioneren, stijgt de kerntemperatuur, waardoor we een levensbedreigende oververhitting riskeren. Sommige medicijnen verstoren de temperatuurregulatie en kunnen voor problemen zorgen bij grote hitte. Onder andere medicatie bij hartfalen, hoge bloeddruk, hartkramp, ziekte van Parkinson, depressie en psychose. Zeer veel Belgen slikken deze medicijnen waardoor artsen en spoedgevallendiensten dezer dagen overspoeld worden met mensen die oververhit zijn, duizelig of bezwijken aan een appelflauwte. Heel vaak nemen ze medicatie die deze klachten in de hand werken. Een voorbeeld. Bij grote hitte vermindert de bloeddruk en wie bloeddrukverlagers slikt, kan nu kampen met een te lage bloeddruk. Mensen die plaspillen of laxeermiddelen slikken moeten extra vocht opnemen, want deze medicijnen verstoren de vochtbalans nog meer. Het kan nodig zijn om tijdig de dosering van chronische medicatie aan te passen tijdens periodes van grote hitte. Raadpleeg uw huisarts.