We worden voortdurend aangemaand om ecologischer te tuinieren en meer plaats te geven aan bloemrijk hooiland en wildeplantenhoeken. Maar ook hoog gras en onkruid vragen om onderhoud, en de moderne tuinier kent alleen de gras- en de bosmaaier om die klus te klaren. In de zomer snijdt hun schrille gejank elk weekend door de lucht. Dat loopt al snel op tot een gehoorbeschadigende 100 decibel en meer, wat om oorbeschermers vraagt. Er is nochtans een uitstekend alternatief dat in alle stilte werkt : de zeis.
...

We worden voortdurend aangemaand om ecologischer te tuinieren en meer plaats te geven aan bloemrijk hooiland en wildeplantenhoeken. Maar ook hoog gras en onkruid vragen om onderhoud, en de moderne tuinier kent alleen de gras- en de bosmaaier om die klus te klaren. In de zomer snijdt hun schrille gejank elk weekend door de lucht. Dat loopt al snel op tot een gehoorbeschadigende 100 decibel en meer, wat om oorbeschermers vraagt. Er is nochtans een uitstekend alternatief dat in alle stilte werkt : de zeis. Volgens ervaren tuiniers werk je sneller met een zeis dan met een bosmaaier. En toch schrikt de zeis heel wat mensen af. Een eerste reden is de vermeende onveiligheid. Een zeis heeft inderdaad een scherpe punt en een nog scherper snijvlak, maar wie ze correct hanteert, loopt weinig risico's. In je eigen voeten of benen maaien is haast onmogelijk. Alleen omstaanders moeten opletten en kinderen horen uit de buurt te blijven. Je bergt de zeis best ook veilig weg, zodat je nooit tegen een onbeschermd blad kan aanlopen. Bosmaaiers zijn niet veiliger. De zeer snel ronddraaiende maaischijf of nylondraden katapulteren voorwerpen weg. Een klein stukje metaal of een steentje kan volstaan om bijvoorbeeld ernstige oogletsels te veroorzaken. Een veiligheidsuitrusting met helm en aangezichtsbescherming wordt aangeraden. Een tweede misvatting is dat het kracht vereist om de zeis rond te zwaaien. Maar dat geldt alleen voor een bot exemplaar. Een scherpe zeis snijdt moeiteloos door het gras. De maaibeweging bestaat uit een brede zwaai van 180 graden die rechts naast het lichaam aanzet en tot helemaal links doorloopt. Een ervaren tuinier haalt zo een maaibreedte van een goede 2 meter. Tillen is niet nodig, de zeis glijdt over de grond, zowel tijdens de maaibeweging als bij de terugzwaai. Bij een correcte beweging sta je ook erg stabiel : de voeten in spreidstand voor een goed evenwicht en de rug mooi recht. Volgens sommigen is de brede symmetrische zwaaibeweging uitstekend voor de mobiliteit van de rug, maar dit lijkt nooit onderzocht. Om optimaal te kunnen werken, moet de zeis op de juiste individuele hoogte en onder de juiste hoeken afgesteld zijn, en dat vraagt wat sleutelwerk. Dat klinkt complexer dan het is, maar enkele uren volstaan om het te leren, inclusief de correcte beweging. Er zijn in ons land mensen die deze oude kunst onderwijzen. Het grote verschil met de bosmaaier zit niet in de zwaaibewegingen, want die maak je met de zeis evengoed, maar in het grotere gewicht van de machine. Dat wordt na een tijdje flink vermoeiend, al draag je een harnas dat de last evenredig over de schouders verdeelt. Maaien met de zeis is een ongewone beweging. Je begint er best rustig mee, zodat je je lichaam niet overbelast. Zodra je het onder de knie hebt, blijft het een zekere aandacht vragen en dat, samen met het ritme van het zwaaien, leidt tot een meditatieve toestand die het hoofd leegmaakt en ontspant. Daar kan geen bosmaaier tegenop.