Iran is door zijn gevarieerde landschap altijd bewoond geweest en is daarbij ook vrijwel nooit overheerst door een vreemde mogendheid. Of het moeten de Arabieren zijn geweest, die in de 7de eeuw de laatste Sassanidische koning verdreven en de islamitische cultuur geleidelijk introduceerden.
...

Iran is door zijn gevarieerde landschap altijd bewoond geweest en is daarbij ook vrijwel nooit overheerst door een vreemde mogendheid. Of het moeten de Arabieren zijn geweest, die in de 7de eeuw de laatste Sassanidische koning verdreven en de islamitische cultuur geleidelijk introduceerden.Toen al maakten de Iraanse volkeren al meer dan 1500 jaar gebruik van de qanat, ondergrondse tunnels die water van de bergen naar de nederzettingen lieten stromen. De kenmerkende molshopen op het platteland wijzen dus naar een millenniaoud cultuurlandschap. Tijdens het Neolithicum (ongeveer 10.000 v.Chr.-5000 v.Chr.) is West-Iran als onderdeel van de zogeheten Vruchtbare Sikkel ook van belang voor de vroegste ontwikkeling van de landbouw.Het Perzische Rijk zoals dat bij ons vooral voortleeft betreft het Achaemenidische rijk (550-330 v.Chr.), met beroemde koningen als Cyrus en Darius de Grote. Het rijk strekte zich uit van het huidige Afghanistan tot West-Turkije en besloeg grote delen van de Middellandse Zeekust. Als eerste wereldrijk beschikte het over een postsysteem en een munteenheid. Belangrijk politiek en ceremonieel centrum was Persepolis, in 330 door Alexander de Grote verwoest.Blikvanger van de expositie is een kopie van het overwinningsreliëf van Bisotun, dat Darius de Grote liet vervaardigen langs de handelsroute tussen Babylon naar Centraal-Azië. Het is voorzien van Babylonische, Elamitische en Oud-Perzische spijkerschriften. Zulke meertaligheid geeft maar weer eens aan hoe internationaal Iran altijd georiënteerd is geweest.Onder deze kopie is een bazaar ingericht, waar het echte werk kan beginnen. Want het is juist het kleingoed, bruiklenen uit het Nationaal Museum van Iran, die deze tentoonstelling bijzonder maakt. Alle voorwerpen zijn in gave tot puntgave staat, waarmee de thematische bazaar een eerbiedwaardige kwaliteitsmarkt is. Of het nou een priem uit de Bronstijd (2600-2400 v.Chr.) betreft of een gouden ketting van een Sassanidische dame (224-651 na Chr.), alles is handzaam, kleurrijk en geraffineerd.Dat de bazaar geen markt met goedkope snuisterijen wordt, heeft alles te maken met het delicate evenwicht tussen kwantiteit en vormgeving. De ruime vitrines zijn sober ingericht, wat het kijkplezier verhoogt. Je mag dus zeker stellen dat de tentoonstelling een cultuurverkenning op zevenmijlslaarzen is, maar het esthetische genot maakt veel goed.