Boekrecensie: ‘Vertroostingen’ van Dirk De Wachter is een persoonlijker, maar ook een gladder boek

© Belga
Marnix Verplancke

Na zijn kankerdiagnose had Dirk De Wachter behoefte aan troost, want ook een arts is uiteindelijk maar een mens, schrijft hij in Vertroostingen.

Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

In de zomer van 2021 zat psychiater Dirk De Wachter in het Parijse Centre Pompidou naar Le mur de l’atelier André Breton te kijken toen hij opeens een hevige pijn in zijn buik voelde. Hij rende naar het toilet en verloor een plas bloed. Darmkanker met uitzaaiingen tot in de lever, was het verdict. De kans dat hij vijf jaar later nog zou leven, werd op 40 procent geschat. De ‘verdrietdokter’ die een boek schreef met de titel De kunst van het ongelukkig zijn, kreeg het toch even moeilijk, verklapt hij in Vertroostingen.

In het ziekenhuis ondervond Dirk De Wachter hoeveel troost een eenvoudig gesprek kan bieden.

In deze kruising tussen een intellectuele autobiografie en een essay over het belang en de verschijningsvormen van troost, beschrijft De Wachter wat hem na die verschrikkelijke diagnose te wachten stond. Er volgden een operatie en tien chemosessies die hem een pijn en een misselijkheid opleverden die hij nooit voor mogelijk had gehouden. Ongeveer het eerste wat hij die dagen in het ziekenhuis voelde, was hoeveel troost een eenvoudig gesprek kan bieden. Met een bevriende arts die even aan zijn bed kwam zitten, of met een buitenlandse poetsvrouw die hem over haar leven vertelde. En natuurlijk met zijn vrouw, die sindsdien alleen maar belangrijker is geworden voor hem.

Vorig jaar verscheen Michael Ignatieffs Troost als licht in donkere tijden, een diepgravende studie waarnaar De Wachter een paar keer verwijst. In vergelijking daarmee is Vertroostingen een persoonlijker, maar ook een gladder boek, dat het eerder van de anekdotiek dan van het systematische onderzoek moet hebben. Zo beschrijft De Wachter hoe hij al van in zijn jeugd meer interesse had in filosofie dan in geneeskunde of psychologie. Van zijn vader moest hij iets studeren waar hij later goed geld mee kon verdienen, maar de interesse bleef knagen. Hij las, verkende en bleef zoekende tot hij het werk van de Frans-Joodse Emmanuel Levinas ontdekte, die beweert dat we als mens alleen maar bestaan door de blik van de ander.

Aan hem moest De Wachter denken toen hij na de operatie troost nodig had, en aan Levinas’ bewering dat het kleine, bijna toevallig gemaakte gebaar op zulke momenten veel belangrijker is dan de heldhaftige daad. Ook belangrijker dan literatuur, muziek of beeldende kunst trouwens, zaken die het leven van De Wachter voorheen zo veel betekenis hadden gegeven. Al moet hij bekennen dat de muziek van Bach hem ook toen enige troost kon bieden. En die van Leonard Cohen natuurlijk, met die ‘I have tried in my way to be free’ uit zijn song Bird on the Wire.

Dirk De Wachter, Vertroostingen, Lannoo Campus, 155 blz., 24,99 euro. © National
Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content